Verbintenissenrecht
Huur bedrijfsruimte, opzegging wegens dringend eigen gebruik, rolbeslissing
Rechtbank Rotterdam, 21 juni 2024
ECLI:NL:RBROT:2024:6018 · Rechtbank Rotterdam · 21 juni 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/verbintenissenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbrot-2024-6018
Zaakgegevens
Op 21 juni 2024 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 21 juni 2024
- Datum publicatie
- 1 juli 2024
- Zaaknummer
- 10668871
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2024:6018
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Huur bedrijfsruimte, opzegging wegens dringend eigen gebruik, rolbeslissing
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10668871 CV EXPL 23-23240
datum uitspraak: 21 juni 2024
Rolbeslissing van de kantonrechter
in de zaak van
Marcan Vastgoed,
vestigingsplaats: Rotterdam,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
gemachtigde: mr. Th.C. Visser,
tegen
J & C Fine Food B.V.,
vestigingsplaats: Rotterdam,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
gemachtigde: mr. P.F.Y. Yuen.
In het tussenvonnis van 8 maart 2024 heeft de kantonrechter Marcan in de gelegenheid gesteld om bij akte stukken in het geding te brengen die voldoende aannemelijk maken (a) dat er concrete renovatieplannen zijn voor het gehuurde, (b) dat de huurprijs na renovatie circa € 198.000,- per jaar zal bedragen en er aanwijzingen zijn dat de loop rondom het gehuurde aanzienlijk zal toenemen.
Marcan heeft naar aanleiding van het tussenvonnis een akte ingediend met een drietal producties. J&C heeft vervolgens in een antwoordakte gereageerd op de akte van Marcan en de door Marcan daarbij overgelegde producties. Daarbij heeft J&C ook zelf nieuwe producties in het geding gebracht, bestaande uit een rapport van een door J&C ingeschakelde deskundige, met bijbehorende bijlagen.
Marcan heeft nog niet op de door J&C bij haar akte overgelegde producties kunnen reageren. Zij zal daartoe alsnog in de gelegenheid worden gesteld.
De kantonrechter verwijst de zaak naar de rolzitting van donderdag 18 juli 2024 om 11.30 uur, zodat Marcan op die zitting uitsluitend op de door J&C bij haar laatste akte overgelegde producties kan reageren. De kantonrechter wijst Marcan er uitdrukkelijk op dat het haar niet toegestaan is op de hiervoor genoemde rolzitting zelf nog nieuwe producties in het geding te brengen.
Als Marcan schriftelijk reageert, dan moet die reactie uiterlijk de dag voor de genoemde rolzitting in tweevoud zijn ontvangen op de rechtbank. In dat geval is het niet nodig dat Marcan naar de rolzitting komt.
Deze beslissing is gegeven door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken.
44487