Verbintenissenrecht
Eiseres stelt dat gedaagde online een bestelling heeft geplaatst en deze heeft ontvangen maar niet heeft…
Rechtbank Rotterdam, 13 maart 2026
ECLI:NL:RBROT:2026:2390 · Rechtbank Rotterdam · 13 maart 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/verbintenissenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbrot-2026-2390
Zaakgegevens
Op 13 maart 2026 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 13 maart 2026
- Datum publicatie
- 10 maart 2026
- Zaaknummer
- 11466714 CV EXPL 24-33102
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2026:2390
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Eiseres stelt dat gedaagde online een bestelling heeft geplaatst en deze heeft ontvangen maar niet heeft betaald. De kantonrechter wijst de vordering tot betaling van de factuur af omdat niet kan worden vastgesteld dat gedaagde de bestelling heeft ontvangen.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 11466714 CV EXPL 24-33102
datum uitspraak: 13 maart 2026
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[naam 1] GmbH, h.o.d.n. [naam 1] international,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ( [land] ),
eiseres,
gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso,
tegen
[naam 2] ,
woonplaats: [woonplaats] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.
Partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.
1 De procedure
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
-
de dagvaarding van 10 december 2024, met bijlagen;
-
het antwoord;
-
de akte van [eiseres] van 3 februari 2026, met bijlagen;
-
de brief van [eiseres] van 6 februari 2026.
2 De beoordeling
Waar gaat de zaak over?
[gedaagde] heeft online kleding besteld bij [eiseres] . Volgens [eiseres] heeft [gedaagde] de artikelen besteld en geleverd gekregen, maar de factuur van € 130,46 niet betaald. Zij eist daarom in deze procedure dat zij dat alsnog doet. [gedaagde] is het daarmee niet eens. De eis van [eiseres] wordt afgewezen. Hierna wordt uitgelegd waarom.
Bestelling en aflevering?
[eiseres] stelt dat [gedaagde] de bestelling in ontvangst heeft genomen. [gedaagde] betwist dit en voert aan dat op de factuur staat vermeld: “kan ook bij de buren afgeleverd worden”. Zij heeft navraag gedaan bij de buren, maar zonder resultaat. [eiseres] heeft in reactie hierop laten weten niet in staat te zijn aanvullende stukken over te leggen. Niet kan dan ook worden vastgesteld dat de artikelen [gedaagde] hebben bereikt en dat zij de factuur verschuldigd is. De vordering wordt daarom afgewezen.
Proceskosten
[eiseres] wordt in het ongelijk gesteld. Zij moet daarom de kosten betalen die [gedaagde] heeft gemaakt. Deze worden begroot op nul, omdat zij in persoon procedeert en er geen zitting is geweest.