Verbintenissenrecht
Betalingsregeling voor tandartsrekening. Eén termijn weliswaar een paar dagen te laat, maar niettemin alle…
Rechtbank Rotterdam, 10 juli 2026
ECLI:NL:RBROT:2026:8244 · Rechtbank Rotterdam · 10 juli 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/verbintenissenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbrot-2026-8244
Zaakgegevens
Op 10 juli 2026 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 10 juli 2026
- Datum publicatie
- 9 juli 2026
- Zaaknummer
- 12139831 CV EXPL 26-6779
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2026:8244
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Betalingsregeling voor tandartsrekening. Eén termijn weliswaar een paar dagen te laat, maar niettemin alle termijnen betaald vóór de eerste roldatum. De proceskosten blijven daarom voor rekening van eiseres.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 12139831 CV EXPL 26-6779
datum uitspraak: 10 juli 2026
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Infomedics B.V.,
vestigingsplaats: Almere,
eiseres,
gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders Amersfoort,
tegen
[gedaagde] ,
woonplaats: [woonplaats] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘Infomedics’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.
1 De procedure
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
-
de dagvaarding van 12 februari 2026, met bijlagen;
-
het antwoord, met bijlagen;
-
de repliek, met een bijlage.
[gedaagde] heeft niet op de repliek gereageerd.
2 De beoordeling
Het gaat in deze zaak om een tandartsrekening van € 144,90. [gedaagde] heeft voor het betalen van deze rekening een betalingsregeling getroffen met het incassobureau. In haar brief van 28 november 2025 schrijft het incassobureau:
[afbeelding niet beschikbaar][gedaagde] heeft vier keer € 46,76 betaald. De hoofdsom, incassokosten en rente uit de brief van 28 november 2025 zijn dus voldaan. Het probleem is dat de tweede termijn van € 46,76 niet op 18 januari 2026 maar op 22 januari 2026 is betaald. Dit werd veroorzaakt door uitbetalingsproblemen van haar uitkering, aldus [gedaagde] .
[gedaagde] heeft verweer gevoerd tegen de kosten van de procedure, omdat zij alle termijnen van de regeling al had voldaan. Formeel heeft Infomedics gelijk. De tweede termijn is te laat betaald, zodat de regeling daarmee was vervallen en [gedaagde] de resterende vordering in één keer had moeten voldoen. [gedaagde] heeft de tweede termijn echter alsnog betaald, slechts vier dagen later dan afgesproken. De dagvaarding is pas uitgebracht op 12 februari 2026, drie weken na deze betaling. Deze vier dagen te laat betalen, zou tot gevolg hebben dat [gedaagde] een bedrag van € 373,58 aan proceskosten moet betalen, terwijl zij bovendien de resterende termijnen tijdig en vóór de eerste roldatum heeft betaald. Dit gevolg (€ 373,58 aan extra kosten voor iemand die van een uitkering moet leven) staat niet in verhouding tot het vier dagen te laat betalen van één termijn. De proceskosten blijven daarom voor rekening van Infomedics. Van haar had enige coulance verwacht mogen worden, zodat de proceskosten hadden kunnen worden bespaard.