Civiel recht overig

Bij tussenvonnis is eiser] toegelaten door alle middelen rechtens te bewijzen feiten en/of omstandigheden…

Rechtbank 's-Gravenhage, 18 april 2006

Zaakgegevens

Op 18 april 2006 heeft de Rechtbank 's-Gravenhage in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
18 april 2006
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
583580 CV EXPL 06-3366
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBSGR:2006:BA8880
E-mail

Samenvatting

Bij tussenvonnis is eiser] toegelaten door alle middelen rechtens te bewijzen feiten en/of omstandigheden, waaruit blijken kan dat hij bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd recht heeft op een uitkering uit hoofde van ouderdomspensioen ter grootte van 70% van zijn laatst genoten salaris

Bij akte houdende uitlaten bewijs heeft eiser kenbaar gemaakt dat hij niet (meer) beschikt over traceerbare getuigen en evenmin over nadere schriftelijke bescheiden waarmee het probandum bewezen kan worden.

Nu eiser het hem toegelaten bewijs niet heeft kunnen leveren zullen de vorderingen worden afgewezen met veroordeling van eiser in de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK 's-GRAVENHAGE

Sector kanton - locatie Leiden

GK

rolnr. 583580 CV EXPL 06-3366

datum: 18 april 2007

Vonnis in de zaak van:

[eiser],

wonende te [woonplaats],

eisende partij,

gemachtigde: mr. A. van der Kolk,

rolgemachtigde: Van Vliet & Hardy,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Dutch Space B.V.,

gevestigd te Leiden,

gedaagde partij,

gemachtigden : mr. W.P.M. Thijssen en mr. A.W. Cramer.

Partijen worden aangeduid als "[eiser]" en "DS" .

Procedure

Bij tussenvonnis d.d. 24 februari 2007 is [eiser] toegelaten door alle middelen rechtens te bewijzen feiten en/of omstandigheden, waaruit blijken kan dat hij bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, althans vanaf 65 jaar, recht heeft op een uitkering uit hoofde van ouderdomspensioen ter grootte van 70% van zijn laatst genoten salaris, zijnde een bedrag van € 32.886,54.

Bij akte houdende uitlaten bewijs d.d. 21 maart 2007 heeft [eiser] kenbaar gemaakt dat hij niet (meer) beschikt over traceerbare getuigen en evenmin over nadere schriftelijke bescheiden waarmee het probandum bewezen kan worden.

Hierna is vonnis bepaald op heden.

Beoordeling

De kantonrechter neemt over hetgeen hij heeft overwogen in het vonnis van 24 januari 2007.

Nu [eiser] het hem toegelaten bewijs niet heeft kunnen leveren zullen de vorderingen worden afgewezen met veroordeling van [eiser] als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten.

Beslissing

De kantonrechter:

- wijst de vorderingen af;

- veroordeelt [eiser] in de proceskosten, tot op deze uit-spraak aan de zijde van DS begroot op € 800,-- voor gemachtigdensalaris, onverminderd de eventueel over deze kosten verschuldigde BTW.

Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. G. Keizer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 april 2007.