Civiel recht overig

[...] Kort geding van de Europeesche Verzekering Maatschappij N.V. tegen Peter Langhout Reizen B.V. [...] De…

Rechtbank 's-Gravenhage, 15 februari 2006

Zaakgegevens

Op 15 februari 2006 heeft de Rechtbank 's-Gravenhage in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
15 februari 2006
Datum publicatie
4 april 2013
Zaaknummer
KG 06/73
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBSGR:2006:AV1867
E-mail

Samenvatting

[...] Kort geding van de Europeesche Verzekering Maatschappij N.V. tegen Peter Langhout Reizen B.V. [...] De vordering komt de voorzieningenrechter noch onrechtmatig noch ongegrond voor. [...]

Uitspraak

RECHTBANK 's-GRAVENHAGE

sector civiel recht - voorzieningenrechter

Vonnis in kort geding van 15 februari 2006,

gewezen in de zaak met rolnummer KG 06/73 van:

de naamloze vennootschap Europeesche Verzekering Maatschappij N.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

procureur mr. W. van Leuveren,

advocaat mr. E.J.A.A. van Dal te Utrecht,

tegen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Peter Langhout Reizen B.V.,

gevestigd te Alphen aan den Rijn,

gedaagde,

niet verschenen.

1. De procedure

./. Eiseres heeft de dagvaarding doen uitbrengen overeenkomstig aangehechte kopie en heeft ter zitting van 8 februari 2006 bij de daarin opgenomen eis volhard.

Gedaagde is behoorlijk opgeroepen tegen die terechtzitting, doch is aldaar niet deugdelijk vertegenwoordigd verschenen. Tegen gedaagde is verstek verleend.

2. De beoordeling van het geschil

De vordering komt de voorzieningenrechter noch onrechtmatig noch ongegrond voor. Daartoe wordt mede overwogen het van gedaagde bekende standpunt dat zij erkent dat er sprake is van een betalingsachterstand, doch dat zij zich niet gehouden acht die achterstand te voldoen daar zij meent een tegenvordering te hebben op eiseres.

De vordering zal dan ook -op de wijze als hierna vermeld- worden toegewezen.

Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten, waaronder de kosten van het beslag. De gevorderde nakosten zullen als nog niet gemaakte kosten worden afgewezen. Daartoe wordt overwogen dat thans (nog) niet valt te bezien om welke kosten het gaat.

3. De beslissing

De voorzieningenrechter:

Veroordeelt gedaagde om binnen 24 uur na betekening van dit vonnis aan eiseres tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 342.765,48 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 januari 2006 tot de dag der algehele voldoening;

veroordeelt gedaagde in de kosten van dit geding, tot dusverre aan de zijde van eiseres begroot op € 7.870,91, waarvan € 2.527,-- aan salaris procureur (inclusief beslagrekest), € 4.667,-- aan griffierecht, € 71,32 aan dagvaardingskosten en € 605,59 ter zake de kosten van beslaglegging;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.A.G.M. van Rens en uitgesproken ter openbare zitting van 15 februari 2006 in tegenwoordigheid van de griffier.

nk