Civiel recht overig
Spoedshalve verkort vonnis gewezen. Vordering afgewezen.
Rechtbank 's-Gravenhage, 28 april 2010
ECLI:NL:RBSGR:2010:BM2723 · Rechtbank 's-Gravenhage · 28 april 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-s-gravenhage/civiel-recht/civiel-recht-overig/kort-geding/ecli-nl-rbsgr-2010-bm2723
Zaakgegevens
Op 28 april 2010 heeft de Rechtbank 's-Gravenhage in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank 's-GravenhageRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 28 april 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 365060 / KG ZA 10-546 Verkort vonnis
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Kort gedingKort gedingEen snelle procedure bij de voorzieningenrechter voor spoedeisende zaken, met een voorlopig oordeel.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBSGR:2010:BM2723
Samenvatting
Spoedshalve verkort vonnis gewezen. Vordering afgewezen.
Uitspraak
RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE
Sector civiel recht - voorzieningenrechter
VERKORT vonnis in kort geding van 28 april 2010,
gewezen in de zaak met zaak- / rolnummer: 365060 / KG ZA 10-546 van:
de Gemeente Den Haag,
zetelend te Den Haag,
eiseres,
advocaat mr. J. Pas te Den Haag,
tegen:
1. de rechtspersoonlijkheid bezittende vereniging ABVAKABO FNV,
gevestigd te Zoetermeer,
2. de rechtspersoonlijkheid bezittende vereniging CNV Publieke Zaak,
gevestigd te Den Haag,
gedaagden,
voor gedaagde 1: advocaat mr. A. van Deuzen te Zoetermeer,
voor gedaagde 2: advocaat mr. H. Aydemir te Utrecht.
Partijen worden hierna respectievelijk ook aangeduid als de gemeente en de vakbonden.
Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting van 27 april 2010 wordt spoedshalve een verkort vonnis gewezen. Een uitgewerkt vonnis volgt zo spoedig mogelijk. Er wordt als volgt beslist:
De voorzieningenrechter:
wijst de vordering af;
veroordeelt de gemeente in de kosten van dit geding, tot dusverre aan de zijde van gedaagde 1 begroot op € 1.079,--, waarvan € 816,-- aan salaris advocaat en € 263,-- aan griffierecht, en aan de zijde van gedaagde 2 eveneens begroot op € 1.079,--, waarvan € 816,-- aan salaris advocaat en € 263,-- aan griffierecht.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.J. Paris en in het openbaar uitgesproken op 28 april 2010.
AB