Civiel recht overig

De rechtbank is onbevoegd kennis te nemen van een verzoek tot toepassing WSNP omdat verzoekers reeds in staat…

Rechtbank 's-Hertogenbosch, 11 oktober 2010

Zaakgegevens

Op 11 oktober 2010 heeft de Rechtbank 's-Hertogenbosch in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
11 oktober 2010
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
215626/FT-RK 10.1128 en 215629/FT-RK 10.1129
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBSHE:2010:BO1372
E-mail

Samenvatting

De rechtbank is onbevoegd kennis te nemen van een verzoek tot toepassing WSNP omdat verzoekers reeds in staat van faillissement zijn verklaard door een andere rechtbank. Verzoekers hadden ook bij voornoemde rechtbank een verzoek toepassing WSNP gedaan, maar werden toen niet-ontvankelijk verklaard. In hoger beroep heeft het gerechtshof dit oordeel bekrachtigd en het verzoek bovendien afgewezen.

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK 's-HERTOGENBOSCH,

sector civiel recht - enkelvoudige kamer

rekestnummer: 215626/FT-RK 10.1128 en 215629/FT-RK 10.1129

nummer verklaring: DEU011100011422

uitspraakdatum: 11 oktober 2010

onbevoegd verklaring en verwijzing

[A] en [B],

beide wonende te [adres]

[woonplaats],

verzoekers,

hebben op 16 juli 2010 een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.

Het verzoekschrift is behandeld ter terechtzitting van 4 oktober 2010. Daarbij zijn verzoekers gehoord.

De rechtbank is tot de conclusie gekomen niet bevoegd te zijn om van voornoemd verzoek kennis te nemen. Wel bevoegd is de rechtbank Roermond. Daartoe is het navolgende in overweging genomen.

Gebleken is dat op 24 februari 2010 door Crossmoor Sport BV faillissement van verzoekers (en hun vennootschap onder firma in Weert) is verzocht bij de rechtbank Roermond. De behandeling van dit verzoek is aanvankelijk geschorst in afwachting van de beslissing van het op 30 maart 2010 bij de rechtbank Roermond door verzoekers ingediende verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Nu voornoemd verzoek niet voldeed aan de daartoe gestelde eisen zijn verzoekers op 6 juli 2010 niet-ontvankelijk verklaard. Verzoekers hebben tegen deze niet-ontvankelijkheid op 13 juli 2010 hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch. Vrijwel gelijktijdig, te weten 16 juli 2010, hebben verzoekers een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling ingediend bij de rechtbank ’s-Hertogenbosch. De rechtbank Roermond heeft echter redenen gezien de uitspraak in hoger beroep niet af te wachten en heeft verzoekers op 20 augustus 2010 failliet verklaard.

Nu gebleken is dat verzoekers momenteel insolvent zijn zal de rechtbank het verzoek toepassing schuldsanering van 16 juli 2010 behandelen als zijnde een verzoek tot opheffing van het faillissement onder gelijktijdig uitspreken van de toepassing schuldsaneringsregeling. Ingevolge artikel 15b lid 2 zal de gefailleerde zich bij een dergelijk verzoek wenden tot de rechtbank waarbij de aangifte of het verzoek tot faillietverklaring werd ingediend. Nu het verzoek tot faillietverklaring bij de rechtbank Roermond is ingediend, en er geen uitzondering op voornoemde regel is genoemd, is ook de rechtbank Roermond bevoegd kennis te nemen van het verzoek als bedoeld in artikel 15b.

Beslissing

De rechtbank:

- Rechtbank ’s-Hertogenbosch is onbevoegd kennis te nemen van voornoemd verzoek;

- verwijst de zaak voor behandeling naar de Rechtbank Roermond;

Gewezen door mr. P.A.M. Penders en uitgesproken ter openbare terechtzitting van

11 oktober 2010 in tegenwoordigheid van de griffier.