Insolventierecht
Overlijden saniet leidt tot voortzetting schuldsanering ter liquidatie activa met aansluitend beëindiging met…
Rechtbank 's-Hertogenbosch, 23 november 1999
ECLI:NL:RBSHE:1999:AF0179 · Rechtbank 's-Hertogenbosch · 23 november 1999
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-s-hertogenbosch/civiel-recht/insolventierecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbshe-1999-af0179
Zaakgegevens
Op 23 november 1999 heeft de Rechtbank 's-Hertogenbosch in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Rechtbank 's-HertogenboschRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 23 november 1999
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 99/31 R
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Insolventierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBSHE:1999:AF0179
Samenvatting
Overlijden saniet leidt tot voortzetting schuldsanering ter liquidatie activa met aansluitend beëindiging met postuum de schone lei, nu overledene niet in de nakoming van zijn verplichtingen is tekortgeschoten.
Uitspraak
Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch
Bij vonnis van deze kamer van 22 februari 1999 is de definitieve schuldsanering uitgesproken ten aanzien van:
X.,
geboren op ...
wonende te P.,
overleden te P. op ...,
Ter zitting van 23 november 1999 is de bewindvoerder gehoord.
Door de bewindvoerder is schriftelijk verslag uitgebracht. Het verslag houdt onder meer in dat de schuldenaar voorzoveel mogelijk zijn uit de schuldsanering voortvloeiende verplichtingen is nagekomen. De rechter-commissaris heeft zich bij dit oordeel aangesloten. Geen van de schuldeisers heeft redenen aangevoerd om tot een ander oordeel te komen. Zodanige redenen zijn overigens niet gebleken.
De rechtbank zal het salaris van de bewindvoerder en de door deze gemaakte kosten vaststellen.
Beslissing
De rechtbank:
stelt vast dat de schuldenaar:
niet in de nakoming van één of meer uit de schuldsanering voortvloeiende verplichtingen is tekortgeschoten;
stelt het bedrag van het salaris van de bewindvoerder vast op fl 550,00 (exclusief de daarover verschuldigde omzetbelasting);
bepaalt dat de kosten van de in de Faillissementswet bevolen publicaties ten laste van de boedel komen.
Gewezen door mr. M.P. de Valk, lid van de eerste enkelvoudige kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 november 1999 in tegenwoordigheid van T. G.M. Schelle, griffier.