Burgerlijk procesrecht

Onduidelijkheden in verzoekschrift. Verzoeker wordt in de gelegenheid gesteld zijn verzoek nader te onderbouwen.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16 april 2025

Zaakgegevens

Op 16 april 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Tilburg
Datum uitspraak
16 april 2025
Datum publicatie
7 oktober 2025
Zaaknummer
11575662 OV VERZ 25-1206 (E)
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2025:6693
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Onduidelijkheden in verzoekschrift. Verzoeker wordt in de gelegenheid gesteld zijn verzoek nader te onderbouwen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Cluster I Civiele kantonzaken

Tilburg

zaak/rolnr.: 11575662 OV VERZ 25-1206

beschikking d.d. 16 april 2025

inzake een verzoek van

1 [verzoeker 1] ,

2. [verzoeker 2] ,

beiden wonende te [plaats] aan het [adres] ,

verzoekende partij,

verder te noemen: [verzoekers] c.s. (mannelijk enkelvoud),

procederend in persoon.

1 Het verloop van het geding

De procesgang blijkt uit het verzoekschrift van 28 februari 2025 met bijlagen.

2 Het verzoek en de beoordeling

2.1

In voornoemd verzoekschrift verzoekt [verzoekers] c.s.:

- een verklaring voor recht af te geven dat de koopovereenkomst van 6 maart 2019 juridisch gekwalificeerd dient te worden als huurkoop;

- aan te sluiten bij het verstekvonnis van 26 juni 2024 en te bevestigen dat de bepalingen van de koopovereenkomst in lijn zijn met de eerdere rechterlijke beslissing;

- eventuele verdere rechtsgevolgen en schadevergoedingsaspecten voortvloeiend uit voornoemde kwalificatie nader vast te stellen in een schadestaatprocedure.

2.2

De kantonrechter overweegt dat uit artikel 278 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) en artikel 1.4.2 van het Landelijk procesreglement verzoekschriftprocedures rechtbanken (versie 1 januari 2025) volgt dat in het verzoekschrift onder andere:

- de naam, het adres, het e-mailadres en de woonplaats van iedere belanghebbende moet worden opgenomen;

- een duidelijke omschrijving van de gronden van het verzoek, alsmede de gronden voor de bevoegdheid van de kantonrechter moeten worden opgenomen.

2.3

[verzoekers] c.s. heeft geen tegenpartij of belanghebbende in zijn verzoek genoemd, terwijl een verklaring voor recht enkel kan worden gebruikt om een rechtstoestand tussen twee of meer partijen vast te stellen. Er moet dus sprake zijn van in ieder geval één belanghebbende. Uit het verzoek is dit niet op te maken, nu de koopovereenkomst tussen [verzoekers] c.s. en de heer en mevrouw Van Genk(-Koggel) is gesloten, maar [verzoekers] c.s. in het verzoekschrift steeds refereren naar een andere procedure tegen een andere wederpartij dan de kopers.

2.4

Voorts is niet duidelijk omschreven op welke gronden het verzoek is ingediend, in hoeverre de verschillende verzoeken met elkaar samenhangen en op welke grond de kantonrechter bevoegd is de verzoeken te behandelen. Ook op dit punt dient [verzoekers] c.s. zijn verzoek nader toe te lichten.

2.5

[verzoekers] c.s. wordt dan ook in de gelegenheid gesteld zijn verzoek aan te vullen, zoals hiervoor bedoeld, binnen twee weken na heden.

2.6

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3 De beslissing

De kantonrechter:

stelt [verzoekers] c.s. in de gelegenheid om binnen twee weken na heden zijn verzoekschrift aan te vullen, zoals overwogen onder 2.3 t/m 2.5;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mr. Eijssen-Vruwink en in het openbaar uitgesproken op 16 april 2025.