Strafrecht overig

Voorlopige hechtenis. Afwijzing verzoek schorsing. Verzoek heroverweging plaatsingsbeslissing.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 3 september 2024

Zaakgegevens

Op 3 september 2024 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
3 september 2024
Datum publicatie
4 september 2024
Zaaknummer
02-024327-24
Procedure
Raadkamer
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2024:6173
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voorlopige hechtenis. Afwijzing verzoek schorsing. Verzoek heroverweging plaatsingsbeslissing.

Uitspraak

Beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats Middelburg

parketnummer :02-024327-24

beslissing op verzoek schorsing van de voorlopige hechtenis van de raadkamer van 3

september 2024 (artikel 80 Wetboek van Strafvordering)

in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 2005 te [geboorteplaats] .

Inschrijvingsadres in de Basisregistratie Personen:

[adres] .

Nu gedetineerd in Justitieel Complex [plaats 1] .

Raadsvrouw mr. J T. Brassé.

Procedure

Op 28 augustus 2024 is op de griffie van de rechtbank een verzoekschrift ingekomen (lat

strekt tot schorsing van de voorlopige hechtenis.

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafdossier en heeft de officier van justitie, de

verdachte en de raadsvrouw gehoord.

Beoordeling

De rechtbank heeft ter zitting van 2 augustus 2024 vastgesteld dat het dubbel-PO niet op

korte termijn gereed zal zijn. De uitkomsten van dat onderzoek zijn noodzakelijk om meer

zicht te krijgen op de persoon van verdachte. Mede gelet hierop en de jonge leeftijd van

verdachte heeft de rechtbank opdracht gegeven aan de officier van justitie om de

reclassering te laten rapporteren over de (on)mogelijkheden van een eventuele schorsing

(onder voorwaarden) van de voorlopige hechtenis. De mogelijkheden van elektronische

monitoring en huisarrest moeten in het rapport van de reclassering worden betrokken.

De rechtbank stelt vast dat genoemde rapportage naar verwachting op 25 september

aanstaande beschikbaar zal zijn. Dit betekent dat de rechtbank vooralsnog niet ziet hoe het

recidiverisico met het stellen van voorwaarden tot een voor de maatschappij aanvaardbaar

niveau kan worden teruggebracht. De reclasseringsrapportage moet worden afgewacht. Dit

is aanleiding om het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af te wijzen.

Ter zitting is gebleken dat verdachte bij een plaatsingsbeslissing van 26 augustus 2024

vanuit [forensisch centrum] te [plaats 2] is overgeplaatst naar het Justitieel

Complex [plaats 1] . Dit is voor de rechtbank aanleiding tot het volgende. Destijds is besloten

tot plaatsing van verdachte in [forensisch centrum] . Het staat niet vast of het volwassenenstrafrecht

van toepassing zal zijn. Het gaat om een net 19-jarige verdachte. Naar de rechtbank begrijpt

heeft het openbaar ministerie in de betreffende overweging van de reclassering in het

rapport van 19 februari 2024 aanleiding gezien inmiddels van opvatting te zijn dat het

volwassenenstrafrecht van toepassing is en dit is kenbaar gemaakt aan de

selectiefunctionaris van het ministerie. Dit heeft geleid tot genoemde plaatsingsbeslissing.

De rechtbank is door deze gang van zaken verrast en heeft met verbazing kennis genomen

van de overplaatsing van verdachte. Gelet op de overwegingen van de rechtbank ter zitting

van 2 augustus 2024 is de plaatsingsbeslissing voor de rechtbank niet te begrijpen. Naar het

oordeel van de rechtbank doet de beslissing geen recht aan de positie van verdachte. De

rechtbank vraagt de officier van justitie dan ook het er toe te leiden dat de

plaatsingsbeslissing van 26 augustus 2024 zo spoedig mogelijk wordt heroverwogen.

Beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.

Deze beslissing is gegeven in raadkamer van deze rechtbank op 3 september 2024 door:

mr. G.H. Nomes, voorzitter,

mr. H.H. Skalonjic en rnr. J.P.E. Mullers, rechters,

in tegenwoordigheid van J.A. de Visser-Koster, griffier.