Strafrecht overig
verzoekschrift 530 Sv. heropening en verwijzing MK def
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20 juni 2025
ECLI:NL:RBZWB:2025:5312 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 20 juni 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/strafrecht/strafrecht-overig/raadkamer/ecli-nl-rbzwb-2025-5312
Zaakgegevens
Op 20 juni 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Breda
- Datum uitspraak
- 20 juni 2025
- Datum publicatie
- 8 augustus 2025
- Zaaknummer
- RK 25-005297
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- RaadkamerRaadkamerEen zitting die niet openbaar is, bijvoorbeeld over voorlopige hechtenis of een klacht over niet-vervolging.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2025:5312
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
verzoekschrift 530 Sv. heropening en verwijzing MK def
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats Breda
parketnummer : 02-051680-25
raadkamernummer : 25-005297
datum : 20 juni 2025
heropeningsbeslissing van de enkelvoudige raadkamer op het verzoek op grond van artikel 530 Wetboek van Strafvordering van:
[verzoeker]
geboren op [geboortedag] 1999,
wonende te [adres]
woonplaats kiezende ten kantore van mr. M.C.F. Jansen, Baronielaan 95, 4818 PC Breda
1 De procedure
De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken:
? het op 25 februari 2025 bij de griffie ingediende verzoek dat strekt tot toekenning van een vergoeding ex artikel 530 Sv ten laste van de Staat voor een bedrag van:
-
€ 1.558,36, voor vergoeding van kosten rechtsbijstand;
-
€ 340,00 als forfaitaire vergoeding voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift of € 680,00 bij behandeling van het verzoekschrift in raadkamer;
-
het besluit tot teruggave van het in beslag genomen goed van de officier van justitie van 8 januari 2025;
-
de schriftelijke reactie van het Openbaar Ministerie en
-
de overige stukken in het raadkamerdossier.
Op 3 juni 2025 heeft het onderzoek in raadkamer plaatsgevonden. Hierbij zijn de officier van justitie en mr. M.C.F. Jansen als gemachtigd advocaat van verzoeker, gehoord.
Namens verzoeker wordt aangevoerd dat op 20 oktober 2024 zijn mobiele telefoon in beslag is genomen. Ondanks herhaaldelijke verzoeken aan het Openbaar Ministerie is de mobiele telefoon niet teruggegeven. Daarop is een klaagschrift ingediend, Dit heeft ertoe geleid dat de officier van justitie tot teruggave van de mobiele telefoon is overgegaan. Het klaagschrift is daarop ingetrokken. Verzoeker heeft voor dit klaagschrift de hierboven genoemde kosten moeten maken.
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het verzoek integraal kan worden toegewezen mede gelet op de onderbouwing bij de in raadkamer overgelegde stukken van de advocaat.
2 De beoordeling
De rechtbank is van oordeel dat voor het vaststellen van de betalingsverplichting van verzoeker naast het uurtarief en de verrichte werkzaamheden ook andere omstandigheden van belang kunnen zijn, waaronder het tijdstip van de afspraak/opdrachtbevestiging (wel of niet voorafgaand aan de in rekening gebrachte werkzaamheden), een inschatting van de kosten (gelet op ECLI: EU:C:2023:14) en eventuele afspraken over een minimaal en/of maximaal te betalen bedrag als de afspraak resultaatsafhankelijke kenmerken heeft.
De rechtbank heeft de advocaat bij afwezigheid van verzoeker in raadkamer dan ook vragen gesteld over de wijze waarop het verzoekschrift is ingediend en onderbouwd. Zo is het de rechtbank onder andere onduidelijk gebleven of - en wanneer - er een opdrachtbevestiging is opgemaakt, wat de daarin vastgelegde (financiële) afspraken waren, of bij het verlenen van de opdracht een voorschot is betaald en/of de declaratie van de advocaat door verzoeker is betaald. De rechtbank acht de antwoorden op deze vragen relevant, mede gelet op de jonge leeftijd van verzoeker, zijn schulden en zijn beperkte inkomsten. Daarbij komt dat de hoogte van de gedeclareerde kosten de waarde van de in beslag genomen en terug gegeven telefoon waarschijnlijk overstijgt. De advocaat heeft bij de behandeling in raadkamer de vragen van de rechtbank niet beantwoord.
Gelet op het principiële karakter van deze zaak en de mogelijke gevolgen voor toekomstige zaken ziet de rechtbank aanleiding om het onderzoek in raadkamer te heropenen en de zaak te verwijzen naar de meervoudige raadkamer. De rechtbank merkt nu reeds op de aanwezigheid van verzoek op de meervoudige raadkamerzitting nodig wordt geacht.
3 De beslissing
De rechtbank:
- heropent het onderzoek in raadkamer en verwijst de behandeling van het verzoekschrift door naar de meervoudige raadkamer;
- bepaalt dat verzoeker en de advocaat opgeroepen worden tegen het tijdstip waarop de behandeling van het verzoekschrift wordt voortgezet;
- houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beslissing is genomen door mr. J.C.A.M. Los, rechter, in tegenwoordigheid van
mr. M.H.F. van Klaveren en J. van ‘t Westende, griffiers, en is uitgesproken op de openbare zitting van 20 juni 2025.