Zoekresultaten

Voor “"35 Wet OB 1968"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

8 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Europees bestuursrecht
    - afronding van verschuldigde BTW-bedragen; - prejudiciële vragen over artikel 2, eerste en tweede alinea…

    Parket bij de Hoge Raad24 november 2006ECLI:NL:PHR:2006:AT8208

    andere ondernemers en rechtspersonen/niet-ondernemers, tenzij ontheffing van de factureringsverplichting is verleend (zie artikel 35 Wet OB 1968). Per 1 januari 2004 is artikel 35 gewijzigd in verband met de implementatie … leveringen een factuur uit te reiken. Uit de letterlijke tekst van artikel 35 Wet OB 1968 zou kunnen worden afgeleid dat voor elke levering of dienst een afzonderlijke factuur moet worden uitgereikt

  • BelastingrechtCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Hoge Raad14 juni 2000ECLI:NL:HR:2000:AA6199

    door hem verrichte leveringen van goederen en verleende diensten (...)". Verder bevat art. 35 Wet OB 1968 een verplichting tot uitrei-king van facturen, maar voor bepaalde horeca-ondernemers zoals de belanghebbende geldt

  • BelastingrechtCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Hoge Raad26 maart 1997ECLI:NL:HR:1997:AA2136

    zijn verzoek worden ontheven van de bij de art. 34 en 35 Wet OB 1968 opgelegde administratieve verplichtingen, waardoor hij niet onder vermelding van omzetbelasting mag factureren en geen aanspraak op teruggaaf

  • Belastingrecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht

    Parket bij de Hoge Raad26 maart 1997ECLI:NL:PHR:1997:AA2136

    zijn verzoek worden ontheven van de bij de art. 34 en 35 Wet OB 1968 opgelegde administratieve verplichtingen, waardoor hij niet onder vermelding van omzetbelasting mag factureren en geen aanspraak op teruggaaf

  • BelastingrechtHoger beroep
    Fiscale fraudezaak. Partiële vrijspraak van feit 1 en integrale vrijspraak van feit 2 en feit 3, nu niet kan…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch15 februari 2022ECLI:NL:GHSHE:2022:385

    Fiscale fraudezaak. Partiële vrijspraak van feit 1 en integrale vrijspraak van feit 2 en feit 3, nu niet kan worden vastgesteld dat omzetbelasting was verschuldigd. De notarisafrekeningen zijn geen facturen en daarom niet relevant voor de beantwoording van de vraag of de aangiften omzetbelasting juist zijn gedaan. De…

  • Belastingrecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht

    Parket bij de Hoge Raad26 april 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD3572

    belanghebbende niet heeft voldaan aan hetgeen bij of krachtens de artikelen 34 en 35 Wet OB 1968 is voorgeschreven, zal mijns inziens in cassatie geëerbiedigd moeten worden; dit is een feitelijk oordeel

  • Belastingrecht
    CONCLUSIE PG Naheffingsaanslag omzetbelasting 1995 Belanghebbende, X N.V. (hierna: X, of belanghebbende)…

    Parket bij de Hoge Raad8 februari 2008ECLI:NL:PHR:2008:AT4921

    CONCLUSIE PG Naheffingsaanslag omzetbelasting 1995 Belanghebbende, X N.V. (hierna: X, of belanghebbende), verricht economisch activiteiten op het gebied van de elektrotechniek en elektronica en is als zodanig ondernemer in de zin der Wet op de omzetbelasting 1968 (hierna: Wet OB 1968). 1.2 In het kader van de in…

  • Belastingrecht
    Trefwoorden:- Art. 29, lid 1, letter b, van de Wet op de omzetbelasting 1968; - Door de leverancier verleende…

    Parket bij de Hoge Raad8 februari 2008ECLI:NL:PHR:2008:AT4927

    Trefwoorden:- Art. 29, lid 1, letter b, van de Wet op de

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.