2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Belastingrecht. Executiegeschil n.a.v. HR 25 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:1042, NJ…
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2017|ECLI:NL:PHR:2017:939
besluit in de zin van de Awb en had gelet op artikel 3:41 Awb dan ook aan [eiser] zelf bekend moeten worden gemaakt. Ook als geen sprake is van een besluit
- Civiel recht overigBOPZ. Conversie voorwaardelijke machtiging in voorlopige machtiging, art. 14d Wet Bopz. Moet niet-tijdige…
Parket bij de Hoge Raad|3 mei 2017|ECLI:NL:PHR:2017:459
BOPZ. Conversie voorwaardelijke machtiging in voorlopige machtiging, art. 14d Wet Bopz. Moet niet-tijdige schriftelijke opgave van de redenen daarvoor (lid 2) leiden tot invrijheidstelling? Mogelijkheden om vergoeding van immateriële schade te vragen; art. 20 en 21 Wkkgz. Samenhang met 17/00776.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.