149 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieHuurrecht bedrijfsruimte. Wegnemingsrecht ex art. 1603 BW (oud) niet uitgeoefend door directeur huurster…
Hoge Raad|17 september 1993|ECLI:NL:HR:1993:ZC1062
aangebrachte toevoegingen. Vergoeding waardevermeerdering, bijzondere omstandigheden. Ongerechtvaardigde verrijking wegens aangebrachte lichtarmaturen in straalhallen, bestanddeelvorming. Art. 48 Rv (thans art. 24 Rv). Naar het voor 1 januari 1992 geldende recht rust … zaak en daarmee aan de eigenaar daarvan gaan toebehoren. Geen schending van art. 48 Rv nu het gaat om een gevolgtrekking die het hof heeft verbonden aan de ten processe gestelde
- Civiel recht overigCassatieAanvulling art. 48 Rv.; Erfdienstbaarheid; Grenzen rechtsstrijd; Misbruik van bevoegdheid; Redelijkheid en…
Hoge Raad|4 oktober 1991|ECLI:NL:HR:1991:ZC0355
Aanvulling art. 48 Rv.; Erfdienstbaarheid; Grenzen rechtsstrijd; Misbruik van bevoegdheid; Redelijkheid en billijkheid. 4 oktober 1991 Eerste Kamer Nr. 14.344 AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser] , wonende
- Civiel recht overigHuurrecht bedrijfsruimte. Wegnemingsrecht ex art. 1603 BW (oud) niet uitgeoefend door directeur huurster…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 1993|ECLI:NL:PHR:1993:6
aangebrachte toevoegingen. Vergoeding waardevermeerdering, bijzondere omstandigheden. Ongerechtvaardigde verrijking wegens aangebrachte lichtarmaturen in straalhallen, bestanddeelvorming. Art. 48 Rv (thans art. 24 Rv). Naar het voor 1 januari 1992 geldende recht rust … zaak en daarmee aan de eigenaar daarvan gaan toebehoren. Geen schending van art. 48 Rv nu het gaat om een gevolgtrekking die het hof heeft verbonden aan de ten processe gestelde
- Civiel recht overigCassatieHet hof heeft aan de verklaringen van partijen en het daarop gevolgde stilzwijgen, al welke feiten ook door…
Hoge Raad|7 januari 1944|ECLI:NL:HR:1944:107
feiten ook door de verweerders waren aangevoerd, een anderen uitleg gegeven dan verweerders, maar art. 48 Rv (oud) laat de rechter daartoe de vrijheid bij de beoordeling of de aangevoerde feiten
- Civiel recht overigAanvulling art. 48 Rv.; Erfdienstbaarheid; Grenzen rechtsstrijd; Misbruik van bevoegdheid; Redelijkheid en…
Parket bij de Hoge Raad|14 juni 1991|ECLI:NL:PHR:1991:49
Aanvulling art. 48 Rv.; Erfdienstbaarheid; Grenzen rechtsstrijd; Misbruik van bevoegdheid; Redelijkheid en billijkheid. nr. 14344 zitting 14 juni 1991 Mr. Hartkamp Conclusie inzake [eiser] tegen 1) De v.o.f. [verweerster 1] 2) [verweerder
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|19 januari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AA9556
voorgestelde - onderdeel keert zich tegen de bewijswaardering. De devolutieve werking van het appèl en art. 48 Rv. 2.2 Voordat ik het eerste onderdeel bespreek dient te worden nagegaan of, aangenomen … slagen van de grief over de bewijslevering diende het hof daarom met toepassing van art. 48 Rv ambtshalve het oordeel van de rechtbank over de bewijsopdracht te corrigeren, aldus de Hoge Raad
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingHoger beroep in kort geding; 6:248 BW, 3:10 Wft. 5 Wwft; Kan de bank in verband met verdenking van…
Gerechtshof Amsterdam|26 juli 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:3060
proceskosten. Daartoe heeft zij overwogen dat het verzet tijdig is ingesteld, nu artikel 48 Rv voorschrijft dat een exploot voor de Staat moet worden betekend aan het parket van de Procureur-Generaal … bekend is, ofwel (3) de dag waarop het vonnis ten uitvoer is gelegd. Uit artikel 48 Rv volgt dat betekening ten aanzien van de Staat in persoon (enkel) kan geschieden door betekening
- Civiel recht overigPrejudiciële vragen. Overeenkomst tot het bieden van kinderdagopvang door kindercentrum. Kwalificatie als…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2022|ECLI:NL:PHR:2022:678Aangehaald in 8 uitspraken
Prejudiciële vragen. Overeenkomst tot het bieden van kinderdagopvang door kindercentrum. Kwalificatie als overeenkomst van opdracht. Bedongen opzegtermijn en opzeg- of annuleringsvergoeding verenigbaar met het eenzijdig dwingende recht met betrekking tot particuliere opdrachtgevers van art. 7:406, 7:408 en 7:411 jo.…
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|22 december 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA9131
leiden. Daartoe is bovendien nodig dat (i) de thans verdedigde rechtsopvatting met toepassing van art. 48 Rv door het hof ambtshalve had moeten worden onderschreven en dat (ii) het middel mede … klacht bevat dat het hof, door dit niet te doen, art. 48 Rv heeft geschonden. En ook dan nog is het pad naar succes versperd als (iii) de Ontvanger in appèl zijn
- Civiel recht overigProcesrecht. Ambtshalve aanvulling van rechtsgronden.
Parket bij de Hoge Raad|20 februari 1998|ECLI:NL:PHR:1998:ZC2655
juiste kwalificatie toewijsbaar te maken, mag de rechter de ontbrekende feiten niet aanvullen (art. 48 Rv). De vordering zal in dat geval stranden omdat niet aan alle wettelijke vereisten is voldaan. Wanneer … wanneer de juiste kwalificatie wordt toegepast — toewijsbaar te maken, brengt de regel van art. 48 Rv met zich mede dat de rechter zo nodig de rechtsgronden aanvult. De vordering kan dan worden
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|1 februari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD7376
niet weg dat (ook) als het gaat om dergelijke beslissingen, de rechter gehouden is art. 48 Rv. (kort gezegd: het (impliciete) verbod van aanvulling van de feitelijke gronden waarop de partijen zich … rechter uit anderen hoofde meent te kennen) - wat strijdig is met de uit art. 48 Rv. af te leiden regel; en gevallen waarbij de rechter gebruik maakt van gegevens
- Civiel recht overigAansprakelijkheidsrecht; bevoegdheidsperikelen. Schadevordering van voormalige werkgever tegen…
Parket bij de Hoge Raad|2 maart 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ3535
geen sprake kon zijn van een aanvulling van rechtsgronden op de voet van art. 48 Rv zodat de vordering van NBW slechts beoordeeld kon worden op de door NBW aangedragen grondslag: onrechtmatige … gericht tegen het oordeel van de rechtbank in rov. 3.4 dat de toepassing van art. 48 Rv uitgesloten is in het onderhavige geval zodat de vordering van NBW uitsluitend beoordeeld kan worden
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|20 september 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE7851
beroep op de positieve zijde van de devolutieve werking van het appel en op art. 48 Rv? (Antwoord: neen) 2.11. Ik heb mij nog gebogen over de in het kopje hierboven vermelde … stellingen of weren (positieve zijde van de devolutieve werking van het appel), en (ii) art. 48 Rv toepassen. De grieven konden dus, zij het indirect, de vraag aan de orde stellen
- Civiel recht overigCassatieOvereenkomstenrecht. Is de tussen partijen gesloten overeenkomst tot het verrichten van werk tegen betaling…
Hoge Raad|14 november 1997|ECLI:NL:HR:1997:ZC2495Aangehaald in 92 uitspraken
Rechtbank in strijd met art. 176 Rv. en tredende buiten hetgeen haar ingevolge art. 48 Rv. was toegestaan, het verweer van Schoevers heeft aangevuld door betekenis te hechten aan een door [eiser
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Ambtshalve aanvulling van rechtsgronden.
Hoge Raad|15 mei 1998|ECLI:NL:HR:1998:ZC2655Aangehaald in 25 uitspraken
grondslag gelegde rechtsverhouding onjuist heeft gekwalificeerd, de rechter niet ontslaat van zijn uit art. 48 Rv. voortvloeiende verplichting om ambtshalve en onafhankelijk van enige door die partij aangehangen rechtsbeschouwing te onderzoeken
- Civiel recht overigCassatieDevolutieve werking (pleidooi in appel); art. 6 EVRM; Motivering; Procesrecht
Hoge Raad|15 maart 1996|ECLI:NL:HR:1996:ZC2013Aangehaald in 24 uitspraken
openbare orde zich daartegen niet verzet. Deze klacht doet, in verband met art. 48 Rv., de vraag rijzen of in burgerlijke zaken in acht te nemen fundamentele procesrechtelijke beginselen meebrengen
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|20 april 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB1207
beroep kunnen doen(6). Gepubliceerde beleidsregels vormen echter geen recht in de zin van art. 48 Rv.: de rechter is niet gehouden hen ambtshalve
- Civiel recht overigCassatieOnrechtmatige daad. Geen formele rechtskracht. Verboden wijziging van het onderwerp van de eis.
Hoge Raad|20 februari 1998|ECLI:NL:HR:1998:ZC2588Aangehaald in 37 uitspraken
principale beroep 5.1 Middel 1 verwijt het Hof dat het in strijd met art. 48 Rv. heeft verzuimd de rechtsgronden waarop de vordering van [eiser] steunt, aan te vullen
- ArbeidsrechtCassatie1. Arbeidsovereenkomst met buitenlandse werknemer. Beeindiging met wederzijds goedvinden? Onderzoeksplicht…
Hoge Raad|14 januari 1983|ECLI:NL:HR:1983:AG4523Aangehaald in 12 uitspraken
eindafrekening ging. De klacht onder 2-c, dat de Rechtbank in strijd met art. 48 Rv. de feitelijke gronden zou hebben aangevuld, faalt eveneens. Bij haar oordeel dat [verweerder 1] niet behoefde
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|15 februari 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD6625Aangehaald in 8 uitspraken
toetsing van de vordering aan art. 6 HPW, maar ambtshalve op de voet van art. 48 Rv. had dienen te onderzoeken of de door [eiser] c.s. gestelde feiten en omstandigheden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.