Zoekresultaten

Voor “"1 Sr"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

Meer dan 1.000 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overigHoger beroep
    Verdachte, een politieagent, heeft bij de aanhouding van een zich hevig verzettende verdachte op…

    Gerechtshof Arnhem5 februari 2010ECLI:NL:GHARN:2010:BL3176

    door verdachte en zijn collega [verbalisant]. Als grond voor aanhouding wordt genoemd: artikel 300 lid 1 Sr, artikel 180 Sr en 267 lid 1 Sr. Verbalisanten relateren het volgende: ‘Op vrijdag

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Art. 137c Sr. Falende middelen over afwijking uitdrukkelijk onderbouwd standpunt dat…

    Parket bij de Hoge Raad27 februari 2024ECLI:NL:PHR:2024:39

    cliënt te worden vrijgesproken.” 2.5 De tenlastelegging en bewezenverklaring zijn toegesneden op art. 137c lid 1 Sr, dat luidt: “Hij die zich in het openbaar, mondeling of bij geschrift of afbeelding, opzettelijk … gezwel dat Islam heet”. De Hoge Raad oordeelde kort gezegd dat art. 137c lid 1 Sr strafbaar stelt een groep mensen te beledigen wegens hun godsdienst, maar niet het zich beledigend uitlaten

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Veroordeling wegens poging tot doodslag van politieambtenaar die vuurwapengeweld heeft gebruikt…

    Parket bij de Hoge Raad16 juni 2020ECLI:NL:PHR:2020:592

    Conclusie AG. Veroordeling wegens poging tot doodslag van politieambtenaar die vuurwapengeweld heeft gebruikt bij aanhouding. Vijf middelen. Falende middelen over (1) verwerping beroep op art. 42 Sr [wettelijk voorschrift], (2) beroep op AVAS en over (4) voorwaardelijke opzet falen. AG bespreekt ook komend recht, te…

  • Strafrecht overigCassatie
    Poging tot diefstal (art. 310 Sr) en belediging opsporingsambtenaar (art. 266.1 jo. 267.2 Sr). Hof heeft…

    Hoge Raad9 juli 2019ECLI:NL:HR:2019:1098

    voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met aftrek als bedoeld in art. 27 lid 1 Sr. 2 Beoordeling van het middel 2.1 Het middel klaagt over de strafoplegging en voert daartoe

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1511

    Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR). Bovendien is er strijd met art. 1, lid 1 Sr (legaliteitsbeginsel): de (lagere) wetgever dient in het formuleren van delictsomschrijvingen zo bepaald mogelijk te zijn … zich op andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Medeplegen van opzetheling van 960 uit rijdende vrachtwagen gestolen iPhones, art. 416 Sr. UOS…

    Parket bij de Hoge Raad5 november 2024ECLI:NL:PHR:2024:1112

    pleger – ‘voorhanden hebben’ van een voorwerp in de zin van artikel 420bis lid 1 Sr is vereist dat de verdachte het voorwerp opzettelijk aanwezig had. Dat houdt in dat de verdachte zich … medeplegen van het voorhanden hebben van een voorwerp in de zin van artikel 420bis lid 1 Sr is tenlastegelegd, moet komen vast te staan dat sprake is geweest van een nauwe

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Anders dan t.b.v. zakelijke berichtgeving ter verspreiding in voorraad hebben van gegipste…

    Parket bij de Hoge Raad26 mei 2026ECLI:NL:PHR:2026:517

    beoordelingskader 9. De vraag is welke voorwerpen onder de reikwijdte van artikel 137e lid 1 Sr vallen. Daarvoor is bepalend of de voorwerpen een uitlating bevatten die beledigend is voor een groep … nationaalsocialistische gedachtegoed niet wilde verspreiden. Voor het bewijs van het in artikel 137e lid 1 Sr strafbaar gestelde handelen is immers niet vereist dat de verdachte voor ogen stond om dit gedachtegoed

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Een 38-jarige man en 40-jarige vrouw zijn vrijgesproken van oplichting en verduistering. De rechtbank kan…

    Rechtbank Gelderland14 juni 2021ECLI:NL:RBGEL:2021:3000

    bestaat dan ook geen rechtstreeks verband tussen dit oplichtingsmiddel en het in artikel 326 lid 1 Sr bedoelde gevolg. De rechtbank acht evenmin bewezen dat sprake is geweest van een samenweefsel … geen rechtstreeks verband bestaan tussen dit oplichtingsmiddel en het in artikel 326 lid 1 Sr bedoelde gevolg. Verduistering acht de rechtbank evenmin bewezen. Van wederrechtelijke toe-eigening van enig goed is niet

  • Strafrecht overigCassatie in het belang der wet
    Cassatie in belang der wet. Jeugdzaak. Kan de tul van een voorwaardelijk opgelegde straf worden gelast wegens…

    Hoge Raad19 december 2017ECLI:NL:HR:2017:3186Aangehaald in 17 uitspraken

    worden gelast wegens de overtreding van voorwaarden die op de voet van art. 14e lid 1 Sr of art. 77za lid Sr bij voorraad uitvoerbaar zijn verklaard, als die straf nog niet

  • Strafrecht overigHoger beroep
    Groepsbelediging door reactie op livestream van demonstratie tegen Zwarte Piet, geplaatst door…

    Gerechtshof Amsterdam7 juli 2022ECLI:NL:GHAMS:2022:2015

    Groepsbelediging door reactie op livestream van demonstratie tegen Zwarte Piet, geplaatst door journalist/columnist. Overwegingen over ontvankelijkheid OM, onder meer mbt selectie van uitlating(en) verdachte uit grote hoeveelheid reacties. Art. 10 EVRM.

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Onderzoek 26Douglasville. Veroordeling in verband met de voorbereiding van ernstige geweldsdelicten…

    Rechtbank Amsterdam11 mei 2022ECLI:NL:RBAMS:2022:2384

    deelneming aan een criminele organisatie (feit 2). Het Openbaar Ministerie is ingevolge artikel 68 lid 1 Sr slechts dan niet-ontvankelijk in zijn vervolging in 26Douglasville , indien het de verdachte vervolgt … verdediging in 26Douglasville , voor zover het is gebaseerd op de grondslag van artikel 68 lid 1 Sr niet kan slagen. Een niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie in de opvolgende dagvaarding

  • Strafrecht overigCassatie
    Als leider deelnemen aan criminele organisatie die zich op grote schaal bezighoudt met hennepteelt (art. 11a…

    Hoge Raad23 april 2024ECLI:NL:HR:2024:619Aangehaald in 9 uitspraken

    beslaglijst) vatbaar voor verbeurdverklaring.” 3.3 De volgende bepalingen zijn van belang: - artikel 33 lid 1 Sr: “Verbeurdverklaring kan worden uitgesproken bij veroordeling wegens enig strafbaar feit.” - artikel 33a lid 1, aanhef

  • Strafrecht overigHoger beroep
    Milieuzaak. Verdachte heeft, zonder daartoe verleende vergunning, gedurende langere tijd zijn inrichting…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch18 april 2018ECLI:NL:GHSHE:2018:1636

    overweegt hieromtrent als volgt. Op grond van art. 70 lid 1, aanhef en onder 1, Sr vervalt het recht tot strafvordering door verjaring in drie jaren voor alle overtredingen. De termijn … waarop het feit is gepleegd. Ingevolge art. 72 lid 1 Sr stuit elke daad van vervolging de verjaring. Blijkens art. 72 lid 2 Sr vangt na de stuiting een nieuwe verjaringstermijn

  • Strafrecht overigHoger beroep
    Art. 273f Sr, art. 240b Sr, WWM en Opiumwet. Mensenhandel in de vorm van seksuele uitbuiting van 5 aan…

    Gerechtshof Den Haag3 december 2019ECLI:NL:GHDHA:2019:3173

    Art. 273f Sr, art. 240b Sr, WWM en Opiumwet. Mensenhandel in de

  • Strafrecht overigHoger beroep
    Onderzoek 26Humble. Aan de verdachte worden – kort gezegd - de volgende feiten verweten: 1. Het medeplegen…

    Gerechtshof Den Haag11 september 2024ECLI:NL:GHDHA:2024:1568

    Onderzoek 26Humble. Aan de verdachte worden – kort gezegd - de volgende feiten verweten: 1. Het medeplegen van deelname aan terroristische organisatie en organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van oorlogsmisdrijven, te weten IS. 2. Het medeplegen van trainen in plegen van terroristische misdrijven. 3 en 4. De…

  • Strafrecht overigOp tegenspraak
    Bedreiging per brief van minister [slachtoffer]. Verdachte ontoerekeningsvatbaar. Oplegging van tbs met…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant16 augustus 2023ECLI:NL:RBZWB:2023:5681

    ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens; - bedreiging is genoemd in artikel 37a lid 1 onder 1 Sr als strafbaar feit waarvoor een tbs kan worden opgelegd en - de veiligheid van anderen … naar haar oordeel niet is voldaan aan het criterium vermeld in artikel 38e, lid 1 Sr (een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    bewijs, criminele organisatie, bestuur, feitelijk leidinggeven, witwassen, strafmaatmotivering.

    Rechtbank Zwolle-Lelystad21 februari 2008ECLI:NL:RBZLY:2008:BC5749

    gelegd als ‘onttrekking, strafbaar gesteld onder de artikelen 341 en 343 aanhef en onder 1 Sr’, kan geen bewezenverklaring plaatsvinden. De verdachte dient daarom te worden vrijgesproken. Het ten laste gelegde onder … oordeel van de rechtbank wel sprake van “gebruiken” in de zin van artikel 225 lid 1 Sr. De omstandigheid dat een derde wellicht op de hoogte was van het mogelijke valse karakter

  • Strafrecht overig
    1. Kwalificatie van voorhanden hebben diverse patronen van cat. II en III. 2. Strafoplegging. Ad 1. Ingevolge…

    Parket bij de Hoge Raad29 maart 2005ECLI:NL:PHR:2005:AS6030

    middel houdt in dat het Hof, voor het geval het Hof terecht art. 57 lid 1 Sr heeft toegepast, het Hof het in het tweede lid van die bepaling opgenomen voorschrift heeft … eerste klacht van het middel volgt dat het Hof terecht art. 57 lid 1 Sr heeft toegepast. 33. Ingevolge het bepaalde in art. 55 lid 1 (oud) WWM, zoals deze bepaling luidde

  • Strafrecht overig
    Profijtontneming, w.v.v. uit gewoontewitwassen en opzettelijk gebruik maken van vals geschrift…

    Parket bij de Hoge Raad15 september 2020ECLI:NL:PHR:2020:1027

    kunnen worden aangemerkt als opbrengst van een strafbaar feit (categorie a van artikel 33a lid 1 Sr), maar om voorwerpen met betrekking tot welke het feit is begaan (categorie b van artikel … 1 Sr). In lijn hiermee onderscheidt het hof de in beslag genomen en verbeurdverklaarde voorwerpen dan ook van het renteprofijt dat de betrokkene heeft genoten uit de door hem verstrekte geldleningen

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1490

    Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR). Bovendien is er strijd met art. 1, lid 1 Sr (legaliteitsbeginsel): de (lagere) wetgever dient in het formuleren van delictsomschrijvingen zo bepaald mogelijk te zijn … zich op andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

Alleen de eerste 10.000 resultaten zijn te bladeren. Verfijn met filters of sorteer op datum om verder te kijken.

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.