3.587 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigArtikel 81 RO-zaken“Fipronilcrisis” in 2017. Feitelijk leiding geven aan medeplegen op de markt brengen van bestrijdingsmiddel…
Hoge Raad|9 december 2025|ECLI:NL:HR:2025:1707
biociden. 1. Ontvankelijkheid OM in vervolging t.z.v. feiten die in België zijn gepleegd, art. 2 Sr. Verweer strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring OM in vervolging v.zv. tlgd. feiten zich in België hebben afgespeeld
- Strafrecht overigConclusie AG ter zake van onder meer mensenhandel, art. 273, eerste lid sub 2, Sr. Vereisten voor ‘oogmerk…
Parket bij de Hoge Raad|2 juli 2019|ECLI:NL:PHR:2019:681
Conclusie AG ter zake van onder meer mensenhandel, art. 273, eerste lid sub 2, Sr. Vereisten voor ‘oogmerk van uitbuiting’ als bedoeld in die bepaling in het kader van prostitutie … opvatting van de raadsvrouw, dat het in artikel 273f, eerste lid, aanhef onder 2, Sr opgenomen oogmerk van uitbuiting veronderstelt dat sprake moet zijn van een situatie waarin de minderjarige onvrijwillig
- Strafrecht overigCassatieKlachtvereiste echtgenoot bij diefstal. Art. 316 Sr. Echtscheiding. ’s Hofs vaststelling dat het huwelijk…
Hoge Raad|29 september 2015|ECLI:NL:HR:2015:2872
tegen haar is aangevangen geen echtgenoot van X was als bedoeld in art. 316.1 of 2 Sr. De in art. 316.2 Sr bedoelde klacht is in zodanig geval niet vereist. 29 september
- Strafrecht overigCassatieJeugdzaak. Gekwalificeerde diefstal, openlijk geweld en mishandeling, gepleegd tegen een ambtenaar gedurende…
Hoge Raad|17 april 2018|ECLI:NL:HR:2018:620
toepassen van een houdgreep in de rechtmatige uitoefening van zijn bediening is a.b.i. art. 304.ahf.2 Sr en 2. strafmotivering, i.h.b. de beslissing van het Hof de opgelegde bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. 1. Middel met twee deelklachten. Falende deelklacht over motivering “andere…
Parket bij de Hoge Raad|6 januari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:2
Middel met twee deelklachten. Falende deelklacht over motivering “andere strafbare feiten” a.b.i. art. 36e lid 2 Sr. Slagende deelklacht inhoudende dat schatting w.v.v. niet is ontleend aan wettige bewijsmiddelen. 2. Bespreking middel … deze feiten – het structureel knippen van hennep – wederrechtelijk voordeel heeft verkregen (art. 36e lid 2 Sr). Ten tweede wordt opgekomen tegen de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Dit zou niet zijn
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig“Verdachte had voor het einde van zijn dienstverband een licentiecode van zijn werk e-mail naar zijn privé…
Rechtbank Den Haag|26 maart 2018|ECLI:NL:RBDHA:2018:3396
huidige stand van zaken niet een strafbaar feit onder artikel 273 lid 1 sub 2 Sr.” Rechtbank DEN HAAG Strafrecht Meervoudige strafkamer Parketnummer: 09/852220-16 Datum uitspraak: 26 maart 2018 Tegenspraak (Promisvonnis … standpunt dat er niet aan de vereisten van artikel 273 lid 1 sub 2 Sr is voldaan, zodat de verdachte dient te worden vrijgesproken van het tenlastegelegde. 4.4 De beoordeling
- Strafrecht overigTraining voor terrorisme ex art. 134a Sr. Verhouding 134a en 46.1 Sr. Artikel 134a Sr ziet op gedragingen die…
Parket bij de Hoge Raad|2 februari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:375
begaan van het misdrijf. De strafbare voorbereiding van artikel 96, tweede lid, onder 2°, Sr voorziet daarnaast nog in strafbaarheid van het zich trachten te verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen … motie had kunnen worden volstaan met een aanvulling van artikel 96, tweede lid, onder 2°, Sr. Maar uit het navolgende zal blijken dat uitvoering van de verplichting tot strafbaarstelling van het geven
- Strafrecht overigHoger beroepArtikel 36e Sr. Ontneming. Vereenzelviging. Feitelijk leidinggevende wordt aangeslagen voor het…
Gerechtshof Den Haag|21 april 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:1097Aangehaald in 9 uitspraken
veroordeelde hebben gedaan kunnen worden aangemerkt als soortgelijke feiten als bedoeld in artikel 36e, lid 2 Sr. Verwerping verzoek matiging betalingsverplichting. Matiging betalingsverplichting op grond van overschrijding redelijke termijn. Rolnummer … voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de gewezen verdachte zijn begaan. Artikel 36e, lid 2 Sr, biedt voor die gevallen de mogelijkheid om ook voor dat deel wederrechtelijk verkregen voordeel te ontnemen
- Strafrecht overigCassatieHof heeft het bewezenverklaarde derde feit als volgt gekwalificeerd: opzettelijk een bij de belastingwet…
Hoge Raad|12 juni 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA2571
verbeterd. Overeenkomstig art. 68.2 onder c AWR jo. art. 69.2 AWR jo. art. 51.2 onder 2° Sr leest de HR: ingevolge de belastingwet verplicht zijnde boeken, bescheiden, andere gegevensdragers of de inhoud
- Strafrecht overigCassatiePoging tot uitlokking van moord in 2023 in Nieuwegein, art. 46a jo. 289 Sr. Bewijsklacht “begin van…
Hoge Raad|25 augustus 2026|ECLI:NL:HR:2026:1355
poging om een ander door een van de in artikel 47, eerste lid onder 2, Sr vermelde middelen te bewegen om een misdrijf te begaan, strafbaar is. Artikel 47, eerste lid onder … 2, Sr bepaalt dat als daders van een strafbaar feit worden gestraft zij die door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging, of misleiding of door het verschaffen van gelegenheid, middelen
- Strafrecht overigHoger beroepArtikelen 83, 83a, 96 lid 2, 132, 134a, 288a, 289 en 289a Sr. Veroordeling ter zake van: met het oogmerk om…
Gerechtshof Den Haag|7 juli 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:1978Aangehaald in 6 uitspraken
Artikelen 83, 83a, 96 lid 2, 132, 134a, 288a, 289 en 289a
- Strafrecht overigCassatieVerjaring. Artt. 70, 71 en 72 Sr. De tll. is toegesneden op verduistering (art. 321 Sr). Overtreding van deze…
Hoge Raad|8 december 2015|ECLI:NL:HR:2015:3498
gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren. O.g.v. art. 70, eerste lid ahf en onder 2°, Sr beloopt de verjaringstermijn zes jaren. Nu tussen de betekening van de inleidende dagvaarding enerzijds … hoogste drie jaren. Op grond van art. 70, eerste lid aanhef en onder 2°, Sr beloopt de verjaringstermijn dus zes jaren. De inleidende dagvaarding is op 27 december 2011 aan de verdachte
- Strafrecht overigHoger beroepArt. 68 Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie…
Gerechtshof Den Haag|26 januari 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:102Aangehaald in 11 uitspraken
Sr; art. 96 lid 2 Sr; art. 140a Sr; EVOS. Veroordeling wegens deelname in Syrië aan een organisatie met terroristisch oogmerk (IS) en voorbereidingshandelingen daartoe. Beroep op ne bis in idem- beginsel … beantwoording van vraag of voldaan is aan het bepaalde in art. 68 lid 2 Sr (HR 4.2.1969, NJ 1970, 325 m.nt. Enschedé en HR 26.5.2009, NJ 2009/348). Gegeven het feit
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigveroordeling voor deelname aan een criminele organisatie die tot oogmerk had het verlenen van hulp bij…
Rechtbank Gelderland|4 juli 2024|ECLI:NL:RBGEL:2024:4093
oogmerk had het verlenen van hulp bij zelfdodingen in de zin van artikel 294 lid 2 Sr. Opgelegd wordt een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden, met een proeftijd van 1 jaar. RECHTBANK … onder andere op het gronddelict dat in deze zaak van toepassing is: artikel 294 lid 2 Sr (hulp bij zelfdoding). Dat artikel wordt bedreigd met maximaal 3 jaar gevangenisstraf. Doordat dit delict
- Strafrecht overigMondelinge uitspraakExecutieoverlevering. Art. 6 lid 2 jo. lid 5 OLW: Nederlandse rechtsmacht hetzij o.g.v. art. 2 Sr hetzij…
Rechtbank Amsterdam|26 augustus 2014|ECLI:NL:RBAMS:2014:5341Aangehaald in 7 uitspraken
Executieoverlevering. Art. 6 lid 2 jo. lid 5 OLW: Nederlandse rechtsmacht hetzij o.g.v. art. 2 Sr hetzij o.g.v. art. 7 lid 3 Sr jo. art. 86b Sr. Het “het rechtmatig verblijven … voorwaarde van artikel 6, vijfde lid, OLW is dus voldaan. Rechtsmacht op grond van artikel 2 Sr Onderdeel e) van het EAB houdt onder meer het volgende in: Dit bevel heeft betrekking
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Bewijsklachten over aanwezig resp. voorhanden hebben van in de auto van de verdachte…
Parket bij de Hoge Raad|3 juni 2025|ECLI:NL:PHR:2025:621
vermogensstraf: bij oplegging wordt beoogd de verdachte in zijn vermogen te treffen. Art. 33 lid 2 Sr verklaart art. 24 Sr van overeenkomstige toepassing, zodat bij de verbeurdverklaring rekening moet worden gehouden … verbeurdverklaring onevenredig dreigt te worden getroffen, zal de rechter op grond van art. 33c lid 2 Sr een vergoeding of geldelijke tegemoetkoming dienen toe te kennen. Het voorwerp kan dan wel verbeurd
- Strafrecht overigConclusie AG over (1) vervolgingsverjaring en (2) beroep op de samenloopbepalingen, in het bijzonder de in…
Parket bij de Hoge Raad|19 mei 2020|ECLI:NL:PHR:2020:489
vervolgingsverjaring en (2) beroep op de samenloopbepalingen, in het bijzonder de in art. 56 lid 2 Sr voorziene gelijkstelling in geval van valsheid aan de voortgezette handeling. Conclusie strekt tot verwerping … middel bedoelde feiten dus ten hoogste 24 jaren. 9. Art. 71, aanhef en onder 2°, Sr bevat een uitzondering op de hoofdregel dat de termijn van de vervolgingsverjaring aanvangt
- Strafrecht overigConclusie AG. ‘IJsberg’-zaak. Profijtontneming. OM-cassatie en cassatie betrokkene. OM-cassatie is…
Parket bij de Hoge Raad|27 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:230
betrokkene een ‘ander strafbaar feit’ heeft begaan als bedoeld in artikel 36e lid 2 Sr. 11. In het arrest leest de steller van het middel dat naar ’s hofs oordeel aannemelijk … hofs oordeel aldus dat die ‘andere strafbare feiten’ (als bedoeld in artikel 36e lid 2 Sr) bestaan uit “ het verkopen van informatie omtrent backdoors en exploits ”. Daarmee heeft de betrokkene naar eigen
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeling voor gekwalificeerde opzetaanranding (241 lid 2 Sr) en gekwalificeerde opzetverkrachting (243…
Rechtbank Rotterdam|18 maart 2025|ECLI:NL:RBROT:2025:3686
Veroordeling voor gekwalificeerde opzetaanranding (241 lid 2 Sr) en gekwalificeerde opzetverkrachting (243 lid 2 Sr). Verklaringen aangeefster betrouwbaar en voldoende steunbewijs daarvoor. Gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek
- Strafrecht overigBeschikkingHoge Raad · Beschikking · Strafrecht overig
Hoge Raad|16 december 1986|ECLI:NL:HR:1986:AC9607Aangehaald in 17 uitspraken
laste gelegde verboden gedragingen heeft het Hof aan art. 51 tweede lid onder 2 Sr. een uitleg gegeven die niet als juist kan worden aanvaard. Althans hierdoor heeft het Hof het verweer … over de reikwijdte van het begrip “feitelijk leiding” geven in art. 51 tweede lid onder 2 Sr. heeft Uw Raad bij beschikking van 20 december 1984 N.J. 1985, 355 m.n. G.E.M. beslist
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.