2.465 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG. 1. Mishandeling van levensgezel (art. 300 lid 1 Sr jo. art. 304 lid 1 Sr); 2. Mishandeling…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2025|ECLI:NL:PHR:2025:834
betrokkene niet heeft plaatsgevonden binnen een redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM, nu de inzendtermijn in cassatie is overschreden. 3.2 Op 16 november 2023 is namens de verdachte
- Strafrecht overigCAG inzake doodslag IJmeer over onder meer de vraag of, na vrijspraak door de rechtbank, het hof gehouden was…
Parket bij de Hoge Raad|17 september 2019|ECLI:NL:PHR:2019:869
CAG inzake doodslag IJmeer over onder meer de vraag of, na vrijspraak door de rechtbank, het hof gehouden was om ambtshalve te beslissen om een getuige te horen. De AG geeft de Hoge Raad in overweging om het cassatieberoep te verwerpen. Samenhang met 18/02491 en 18/05374.
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Art. 184a Sv. Toewijzing vordering benadeelde partij. Klachten over het bestaan van…
Parket bij de Hoge Raad|14 januari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:45
cassatieberoep is verstreken. Dat betekent dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM is overschreden. In het licht van de opgelegde gevangenisstraf van 36 dagen en de mate
- Strafrecht overigConclusie AG. Veroordeling voor diefstal, art. 310 Sr. 1. Klachten over de bewezenverklaring en het…
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:161
betekent dat de redelijke termijn van berechting zoals bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM overschreden zal zijn wanneer de Hoge Raad uitspraak zal doen. Indien de middelen niet slagen, dient
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOpiumwet, invoer hasjiesj, zeiljachten.
Rechtbank Leeuwarden|19 januari 2011|ECLI:NL:RBLEE:2011:BP1391
recht dat een verdachte recht heeft op een eerlijk proces. (art. 6 lid 1 EVRM en/of schending van het Zwolsman-criterium). Er is sprake van een onherstelbaar vormverzuim dat direct van belang
- Strafrecht overigOntvankelijkheid verdachte in hoger beroep. Art. 450 Sv. Gelet op de inhoud van de brief van de verdachte aan…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT6443
over het onthouden aan de verdachte van de toegang tot de rechter (art. 6 lid 1 EVRM)(7) in Straatsburg gehoor vindt op de grond dat het oordeel van het Hof moet
- Strafrecht overigConclusie AG. Veroordeling wegens witwassen, meermalen gepleegd door meerdere gereedschappen en toebehoren…
Parket bij de Hoge Raad|1 september 2026|ECLI:NL:PHR:2026:820
instellen van het cassatieberoep. Daarmee zal de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM zijn geschonden. Indien de Hoge Raad het bestreden arrest vernietigt, zal de rechter waarnaar
- Strafrecht overigConclusie AG. Poging tot uitlokking van moord (art. 46a jo. 289 Sr). Heeft verdachte in door hem geschreven…
Parket bij de Hoge Raad|16 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:589
Conclusie AG. Poging tot uitlokking van moord (art. 46a jo. 289 Sr). Heeft verdachte in door hem geschreven en/of ter verzending aangeboden brieven gepoogd een ander te bewegen tot het plegen van moord? AG maakt algemene opmerkingen over reikwijdte artikel 46a Sr. Bewijsklachten falen. Ambtshalve opmerking over…
- Strafrecht overigConclusie AG. Diefstal met braak. Middel, inhoudende dat het hof bij de bewijsvoering een bewijsmiddel heeft…
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2024|ECLI:NL:PHR:2024:493
cassatieberoep. Dat brengt mee dat in cassatie de redelijke termijn, bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM, is overschreden. Dit moet leiden tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf. 17. Ik heb ambtshalve
- Strafrecht overigConclusie AG. Bezit wapen (art. 26.1 en 55.3 WWM) en poging tot diefstal met geweld door te slaan en te…
Parket bij de Hoge Raad|10 februari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:165
Conclusie AG. Bezit wapen (art. 26.1 en 55.3 WWM) en poging tot diefstal met geweld door te slaan en te schieten met een pistool (art. 45 en 312 Sr). Eerste middel over vaststelling dat het wapen een vuurwapen van categorie III is, faalt. Tweede middel keert zich tegen de toekenning van een vergoeding voor immateriële…
- Strafrecht overigConclusie AG. Witwassen (art. 420bis Sr). Falend middel over wetenschap verdachte dat geldbedragen van…
Parket bij de Hoge Raad|25 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1148
instellen van het cassatieberoep. Daarom is de redelijke termijn zoals bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM overschreden. Omdat de verdachte alleen een taakstraf voor de duur van 60 uren is opgelegd
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigPromis. Voorhanden hebben hennepplanta. Verwerking ouderdom zaak.
Rechtbank Alkmaar|10 juni 2009|ECLI:NL:RBALK:2009:BK4142
behandeling van deze strafzaak dat de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6, lid 1 EVRM, in onwenselijke mate is overschreden. De rechtbank is daarbij –conform de hier geldende jurisprudentie
- Strafrecht overigConclusie AG. Doodslag (art. 287 Sr) en medeplegen wegvoeren en verbergen van een lijk (art. 151 Sr). 1…
Parket bij de Hoge Raad|18 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1249
Conclusie AG. Doodslag (art. 287 Sr) en medeplegen wegvoeren en verbergen van een lijk (art. 151 Sr). 1. Falende bewijsklacht opzet op de dood. 2. Vordering benadeelde partij (zus van het slachtoffer) t.a.v. vergoeding van affectieschade. Heeft benadeelde partij o.g.v. hardheidsclausule van art. 6:108.4.g BW recht op…
- Strafrecht overigOpzettelijk onjuist doen van aangifte omzetbelasting (art. 69 AWR) en valsheid in geschrift door valse…
Parket bij de Hoge Raad|12 september 1995|ECLI:NL:PHR:1995:27
eerste middel klaagt over schending van de redelijke termijn uit art 6 lid 1 EVRM. In het middel wordt betoogd dat het tijdsverloop tussen: a. a) de aanhouding van verzoeker
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigveroordeling voor het medeplegen van het in voorraad hebben van valse/namaak merkkleding tot een geldboete…
Rechtbank Gelderland|7 mei 2021|ECLI:NL:RBGEL:2021:2519
termijn waarbinnen de behandeling van de strafzaak van verdachte op grond van artikel 6 lid 1 EVRM plaats diende te vinden is daarmee fors overschreden. De rechtbank acht daarom een korting
- Strafrecht overigOntvankelijkheid verdachte in hoger beroep. Art. 450 Sv. Gelet op de inhoud van de brief van de verdachte aan…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT6441
over het onthouden aan de verdachte van de toegang tot de rechter (art. 6 lid 1 EVRM)(8) in Straatsburg gehoor vindt op de grond dat het oordeel van het Hof moet
- Strafrecht overigConclusie AG. Drie middelen van verdachte over ’s hofs strafoplegging en -motivering. Middel b.p. klaagt dat…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1109
gevangenisstraf en ziet niet op de strafbaarstelling of de strafbedreiging. Art. 7 lid 1 EVRM en art. 15 lid 1 IVPHR staan aan het oordeel van het hof niet
- Strafrecht overigMedeplegen diefstal d.m.v. braak (meermalen gepleegd), art. 311.1 Sr. Tul van 5 voorwaardelijk opgelegde…
Parket bij de Hoge Raad|10 maart 2020|ECLI:NL:PHR:2020:415
Ambtshalve merk ik op dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM is overschreden. Namens de verdachte is op 17 november 2017 beroep in cassatie ingesteld. De Hoge
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Middel ziet op de vraag of sprake is van weigering van medewerking aan een bloedonderzoek…
Parket bij de Hoge Raad|12 december 2023|ECLI:NL:PHR:2023:1131
vereiste van berechting binnen een redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM is geschonden aangezien de stukken van het geding niet binnen acht maanden nadat het cassatieberoep is ingesteld
- Strafrecht overigAfwijzing verzoek tot het houden van een fotoconfrontatie. Het hof heeft tot uitdrukking gebracht dat het…
Parket bij de Hoge Raad|26 april 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO2593
derde middel klaagt terecht dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM in de cassatiefase is overschreden, doordat er te veel tijd is verstreken tussen het instellen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.