31 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigOvergang SOV-ISD. Het hof heeft aan verdachte de ISD-maatregel opgelegd t.z.v. feiten die zijn begaan vóór…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU4799
inrichting voor stelselmatige daders van 9 juli 2004, Stb. 351 ingevoerde art. 38m lid 1 Sr luidt: De rechter kan op vordering van het openbaar ministerie de maatregel opleggen tot plaatsing … arrest van het Hof verenigbaar is met het bepaalde in art. 1 lid 1 Sr en - in het bijzonder - art. 7 lid 1 EVRM. Die laatste bepaling bevat immers ook een uitdrukkelijk
- Strafrecht overigOnttrekking aan het verkeer ex art. 36d Sr. 's Hofs oordeel dat de voorwerpen vatbaar zijn voor onttrekking…
Parket bij de Hoge Raad|4 januari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR5741
strijd met de in art. 7 lid 1 EVRM, 15 lid 1 IVBP en 1 Sr vervatte nulla poena-regel doordat het Hof art. 240b Sr, zoals deze bepaling thans luidt … imposition of a lighter penalty, the offender shall benefit thereby." Art. 1 lid 1 Sr luidt: "1. Geen feit is strafbaar dan uit kracht van een daaraan voorafgegane wettelijke strafbepaling." 8. Voor
- Strafrecht overigCassatieZich ontdoen van gevaarlijke – seleen houdende – afvalstoffen. 1. Het Besluit aanwijzing gevaarlijke…
Hoge Raad|4 oktober 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT3643
onrechte tot strafvervolging van verdachte is overgegaan omdat er sprake is van strijd met artikel 1 Sr. Daartoe is -kort gezegd- aangevoerd dat artikel 1.1 lid 10, Wet milieubeheer onverbindend is wegens … verweer dat het begrip "afvalstoffen" in de Wm niet voldoet aan de door art. 1 Sr vereiste duidelijkheid. 5.2. De bestreden uitspraak houdt, voorzover voor de beoordeling van het middel belang
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigBouwzaak: Vooroverleg bouwbedrijven. N.B. I.v.m. een technische storing is de eerder op rechtspraak.nl…
Rechtbank Rotterdam|9 juni 2005|ECLI:NL:RBROT:2005:AT7244
gevolgen, verzet zich ertegen om in deze situatie de 2e zin van art. 72 lid 1 Sr extensief te interpreteren in die zin, dat genoegen wordt genomen met de waarschijnlijkheid … feit 19) Door zowel het OM als de verdediging is terecht opgemerkt dat, ingevolge art. 1 Sr, bij de beoordeling van de verwijten op grond van art. 177 Sr moet worden uitgegaan
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigBouwzaak: vooroverleg bouwbedrijven
Rechtbank Rotterdam|9 juni 2005|ECLI:NL:RBROT:2005:AT7375
daad van vervolging die de verjaring stuit in de zin van artikel 72 lid 1 Sr kan dus eerst worden aangemerkt de bevestiging van de inbewaringstelling van verdachte op 17 maart … feit 18) Door zowel het OM als de verdediging is terecht opgemerkt dat, ingevolge art. 1 Sr, bij de beoordeling van de verwijten op grond van art. 177 Sr moet worden uitgegaan
- Strafrecht overigCassatieMedeplegen oplichting van een bank; geen opzet op oplichting bij medeverdachte. 1. De opvatting dat de enkele…
Hoge Raad|6 december 2005|ECLI:NL:HR:2005:AU2246Aangehaald in 31 uitspraken
opvatting is onjuist. Voor medeplegen in de zin van art. 47, eerste lid onder 1°, Sr van een strafbaar feit is immers - voorzover hier van belang - vereist dat twee personen bewust samenwerken
- Strafrecht overigCassatieDoor een feitelijkheid wederrechtelijk dwingen ex art. 284 Sr. 1. De bewijsmiddelen houden in dat verdachte…
Hoge Raad|13 september 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT5834Aangehaald in 19 uitspraken
opzet op de wederrechtelijkheid. 3.4.2. Het in art. 284, eerste lid aanhef en onder 1°, Sr in het bestanddeel van het dwingen besloten liggende opzetvereiste heeft ook betrekking op de wederrechtelijkheid
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigAmbtenarenbouwfraude Verdachte heeft in strijd met zijn ambtsplicht giften aangenomen van een…
Rechtbank Rotterdam|15 april 2005|ECLI:NL:RBROT:2005:AT4013
werking trad, een strafbedreiging van vier jaren. Derhalve dient op grond van artikel 1 Sr de meest gunstige bepaling voor verdachte te gelden, te weten het oude recht, met het gevolg … uitbreiding in de gestelde vorm omtrent de strafwaardigheid van de feiten, dient conform artikel 1 Sr de meest gunstige bepaling voor verdachte toegepast worden. Het oude recht is derhalve van toepassing
- Strafrecht overigAls werkgever geen juiste opgave doen van door werknemers genoten loon. Conclusie A-G: ’s Hofs oordeel dat…
Parket bij de Hoge Raad|22 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU3885
delict van artikel 225 lid 2 Sr, maar het misdrijf van artikel 225 lid 1 Sr. Verdachte heeft facturen valselijk opgemaakt met het oogmerk om anderen ten onrechte te doen geloven … verdachte werkte voor de firma [A]. Aldus is aan alle eisen van artikel 225 lid 1 Sr voldaan. Het middel faalt in al zijn onderdelen. 6.1. Het vierde middel klaagt over
- Strafrecht overig1. Kwalificatie van voorhanden hebben diverse patronen van cat. II en III. 2. Strafoplegging. Ad 1. Ingevolge…
Parket bij de Hoge Raad|29 maart 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS6030
middel houdt in dat het Hof, voor het geval het Hof terecht art. 57 lid 1 Sr heeft toegepast, het Hof het in het tweede lid van die bepaling opgenomen voorschrift heeft … eerste klacht van het middel volgt dat het Hof terecht art. 57 lid 1 Sr heeft toegepast. 33. Ingevolge het bepaalde in art. 55 lid 1 (oud) WWM, zoals deze bepaling luidde
- Strafrecht overigOnttrekking aan het verkeer ex art. 36b.1.4 Sr. 1. Ontvankelijkheid OM. 2. Omvang verwijzingsopdracht. Ad 1…
Parket bij de Hoge Raad|4 januari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR5740
that was applicable at the time the criminal offence was committed." Art. 1 lid 1 Sr luidt: "1. Geen feit is strafbaar dan uit kracht van een daaraan voorafgegane wettelijke strafbepaling … nulla poena"- beginsel als verwoord in de in het middel genoemde verdragsbepalingen en in art. 1 Sr is van belang hetgeen het Europese Hof voor de rechten van de mens overwoog
- Strafrecht overigEx art. 427 Sv stond tegen de bestreden uitspraak geen beroep in cassatie open voorzover verdachte daarbij…
Parket bij de Hoge Raad|13 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT8300
voor het feit waartegen het middel is gericht (vanwege het bepaalde in art. 62 lid 1 Sr, afzonderlijk) geen andere straf of maatregel opgelegd dan een geldboete
- Strafrecht overigAan gezag en opzicht onttrekken ex art. 279 Sr. Degene die (mede) het gezag over een minderjarig kind…
Parket bij de Hoge Raad|15 februari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR8250
ieder geval worden gesteld onder het opzicht, in de zin van art. 279 lid 1 Sr, van de ouder aan wie zij voorlopig zijn toegewezen.(1) Iets vergelijkbaars speelde in de arresten
- Strafrecht overigBelediging ex art. 266 Sr. 1. Spuwen: feitelijkheid. 2. Verbeterde lezing bewezenverklaring. 3. Kwalificatie…
Parket bij de Hoge Raad|13 december 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU5757
niet te rijmen met de betekenis die de term "mondeling" in art. 266 lid 1 Sr heeft. Daarmee is bedoeld "door middel van het gesproken woord" of mogelijk iets ruimer: door middel
- Strafrecht overigVoorzover de verklaring van de districtsinspecteur van de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming…
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU2711
perceel [a-straat] gehouden dieren, met uitzondering van bijna alle runderen en een aan [betrokkene 1] sr. toebehorende hond, alsmede dat de verdachte- voor zover hier van belang - op genoemd perceel gevogelte
- Strafrecht overig1. Geen ambtshalve cassatie. 2. Aan zijn zorg toevertrouwd ex art. 249 Sr. Ad 1. HR doet de middelen af met…
Parket bij de Hoge Raad|19 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS8464
zorg van de verdachte was toevertrouwd in de zin van artikel 249 lid 1 Sr. Uit de conclusie van mijn voormalig ambtgenoot mr Meijers valt op te maken dat de ouders
- Strafrecht overigRaadkamerBezwaar ingevolge de Wet DNA-onderzoeken veroordeelden tegen het bevel dat van de veroordeelde DNA wordt…
Rechtbank Roermond|21 april 2005|ECLI:NL:RBROE:2005:AT7933
bevel in strijd met het legaliteitsbeginsel c.q. nulla poena beginsel, zoals opgenomen in de artikelen 1 Sr, 16 Grondwet, 7 EVRM en 15 lid 2 IVBPR. Immers deze wet was nog niet
- Strafrecht overigOnttrekking aan het verkeer van geld als wettig betaalmiddel is, ongeacht de herkomst en/of de bestemming…
Parket bij de Hoge Raad|8 maart 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR7626
opbrengst van een strafbaar feit in het kader van de bespreking van art. 36c onder 1°, Sr. 10 Vgl. Kamerstukken II, 1999-2000, nr. 3 (MvT). 11 Zie voor een kritische beschouwing
- Strafrecht overigAntilliaanse zaak. 1. Een verzoek ex art. 318.3 SvNA kan worden afgewezen a.d.h.v. de in lid 4 van dat…
Parket bij de Hoge Raad|27 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT8328
SrNA - afgezien van het redelijkerwijs vermoeden - overeenkomende art. 363 lid 1 Sr, dat voor het bewijs van de wetenschap van de verdachte niet van belang was de "innerlijke zich op geenerlei wijze
- Strafrecht overigDat de verdachte feit 1 en 2 heeft begaan kan uitsluitend volgen uit de in de pv’s van politie vervatte…
Parket bij de Hoge Raad|13 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT5721
juni 1931, NJ 1932, 1550, waarin het bewijs voor het delict van art. 373 lid 1 Sr is aangenomen op de bekentenis van verdachte en op de verklaring van een getuige
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.