31 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting; art. 3.8 en art. 3.15, leden 1, 4 en 5, Wet IB 2001; bepalen van winst uit een…
Hoge Raad|18 oktober 2024|ECLI:NL:HR:2024:1472
Inkomstenbelasting; art. 3.8 en art. 3.15, leden 1, 4 en 5, Wet IB 2001; bepalen van winst uit een onderneming; beperkte aftrek kosten van voedsel en drank; tijdens zakelijk verblijf door ondernemer gemaakte kosten van maaltijden.
- BelastingrechtCassatieVennootschapsbelasting. Artikel 2, lid 5, Verdrag Nederland-Malta. Remittancebepaling.
Hoge Raad|1 juli 2022|ECLI:NL:HR:2022:974
Vennootschapsbelasting. Artikel 2, lid 5, Verdrag Nederland-Malta. Remittancebepaling.
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting; art. 3.8 Wet IB 2001; inbreng?; activering van de helft van een appartementsrecht waarvan…
Hoge Raad|11 juni 2021|ECLI:NL:HR:2021:882
Inkomstenbelasting; art. 3.8 Wet IB 2001; inbreng?; activering van de helft van een appartementsrecht waarvan belanghebbende de andere helft reeds bezat; beëindiging samenlevingsovereenkomst; boedelverdeling; duurzame zelfbewoning; waarde in bewoonde staat
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Debiteursvervanging; onvolwaardige vordering? Afwaarderingsverlies…
Hoge Raad|20 november 2020|ECLI:NL:HR:2020:1856
Inkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Debiteursvervanging; onvolwaardige vordering? Afwaarderingsverlies aftrekbaar?
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting; art. 3.8 Wet IB 2001; landbouwgrond; waardering op openingsbalans; tijdstip van waardering.
Hoge Raad|10 april 2020|ECLI:NL:HR:2020:628
Inkomstenbelasting; art. 3.8 Wet IB 2001; landbouwgrond; waardering op openingsbalans; tijdstip van waardering.
- BelastingrechtCassatieVennootschapsbelasting. Art. 8, lid 1, Wet Vpb 1969 jo. art. 3.8 Wet IB 2001…
Hoge Raad|10 mei 2019|ECLI:NL:HR:2019:682
Vennootschapsbelasting. Art. 8, lid 1, Wet Vpb 1969 jo. art. 3.8 Wet IB 2001. Rentecompensatie/saldoverrekening. Vindt het aanvaarden van hoofdelijke aansprakelijkheid voor schulden van andere concernvennootschappen zijn oorzaak in de vennootschapsrechtelijke betrekkingen tussen de betrokken vennootschappen?…
- BelastingrechtCassatieVennootschapsbelasting. Art. 8, lid 1, Wet Vpb 1969 jo. art. 3.8 Wet IB 2001…
Hoge Raad|10 mei 2019|ECLI:NL:HR:2019:683
Vennootschapsbelasting. Art. 8, lid 1, Wet Vpb 1969 jo. art. 3.8 Wet IB 2001. Rentecompensatie/saldoverrekening. Vindt het aanvaarden van hoofdelijke aansprakelijkheid voor schulden van andere concernvennootschappen zijn oorzaak in de vennootschapsrechtelijke betrekkingen tussen de betrokken vennootschappen?…
- BelastingrechtCassatieVennootschapsbelasting. Art. 8, lid 1, Wet Vpb 1969 jo. art. 3.8 Wet IB 2001. Moet aanvaarding van…
Hoge Raad|10 mei 2019|ECLI:NL:HR:2019:681Aangehaald in 5 uitspraken
Vennootschapsbelasting. Art. 8, lid 1, Wet Vpb 1969 jo. art. 3.8 Wet IB 2001. Moet aanvaarding van hoofdelijke aansprakelijkheid voor schuld van gelieerde vennootschap worden aangemerkt als handelen van een aandeelhouder als zodanig? Reikwijdte paraplukredietarrest (ECLI:NL:HR:2013:BW6520).
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Onzakelijke lening als gevolg van omzetting negatief kapitaal…
Hoge Raad|16 november 2018|ECLI:NL:HR:2018:2132Aangehaald in 5 uitspraken
Inkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Onzakelijke lening als gevolg van omzetting negatief kapitaal personenvennootschap in geldlening?
- BelastingrechtCassatieVennootschapsbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001 jo. art. 8 lid 1 Wet VPB 1969. Onzakelijke lening opzij…
Hoge Raad|14 oktober 2016|ECLI:NL:HR:2016:2340Aangehaald in 32 uitspraken
Vennootschapsbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001 jo. art. 8 lid 1 Wet VPB 1969. Onzakelijke lening opzij. Afwaarderingsverlies op leningen aan 80%-zustermaatschappij niet in aftrek toegelaten, aangezien sprake is van een onzakelijke lening. Bijzondere omstandigheden als bedoeld in HR BNB 2012/37?
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Tot het ondernemingsvermogen behorende vordering op de zoon van…
Hoge Raad|16 september 2016|ECLI:NL:HR:2016:2079Aangehaald in 10 uitspraken
Inkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Tot het ondernemingsvermogen behorende vordering op de zoon van belanghebbende ter zake van diens negatieve kapitaalrekening in de maatschap. Onzakelijke lening. Geen bijzondere omstandigheden als bedoeld in het arrest BNB 2012/37.
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Vermogensetikettering van door een ondernemer aangekochte…
Hoge Raad|25 maart 2016|ECLI:NL:HR:2016:477Aangehaald in 18 uitspraken
Inkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Vermogensetikettering van door een ondernemer aangekochte onroerende zaak die hij verhuurt aan zijn vader en vervolgens van hem onderhuurt en duurzaam gebruikt ten behoeve van zijn onderneming.
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Wanneer een ondernemer verhuist met het oog op de belangen van…
Hoge Raad|10 juli 2015|ECLI:NL:HR:2015:1778
Inkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Wanneer een ondernemer verhuist met het oog op de belangen van de onderneming, kunnen verhuiskosten in beginsel ten laste van de winst worden gebracht. Daarvan is sprake aangezien belanghebbende voor het uitoefenen van zijn werkzaamheden als registerloods moet beschikken…
- BelastingrechtCassatieArt. 3.12 Wet IB 2001. Landbouwvrijstelling; totaalwinst; goed koopmansgebruik; herwaardering van…
Hoge Raad|10 juli 2015|ECLI:NL:HR:2015:1780Aangehaald in 15 uitspraken
Art. 3.12 Wet IB 2001. Landbouwvrijstelling; totaalwinst; goed koopmansgebruik; herwaardering van landbouwgronden waarop de landbouwvrijstelling van toepassing is; waardering op basis van WEVAB toegestaan?
- BelastingrechtCassatieVennootschapsbelasting; Art. 8 Wet Vpb 1969 juncto art. 3.8 Wet IB 2001; Geldlening om aandeelhoudersmotieven…
Hoge Raad|20 maart 2015|ECLI:NL:HR:2015:645Aangehaald in 94 uitspraken
Vennootschapsbelasting; Art. 8 Wet Vpb 1969 juncto art. 3.8 Wet IB 2001; Geldlening om aandeelhoudersmotieven verstrekt aan een derde. Onzakelijke lening? Onjuiste verdeling van de bewijslast.
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Etikettering van een splitsbaar pand dat tot de aankoop door…
Hoge Raad|13 maart 2015|ECLI:NL:HR:2015:560
Inkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Etikettering van een splitsbaar pand dat tot de aankoop door ondernemer door hem werd gehuurd en waarvan de benedenverdieping al binnen de onderneming werd gebruikt en de bovenverdieping leeg stond en vervolgens aan derden werd verhuurd. Was de bovenverdieping verplicht…
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Etikettering van een splitsbaar pand dat tot de aankoop door…
Hoge Raad|13 maart 2015|ECLI:NL:HR:2015:557Aangehaald in 8 uitspraken
Inkomstenbelasting. Artikel 3.8 Wet IB 2001. Etikettering van een splitsbaar pand dat tot de aankoop door ondernemer door hem werd gehuurd en waarvan de benedenverdieping al binnen de onderneming werd gebruikt en de bovenverdieping leeg stond en vervolgens aan derden werd verhuurd. Was de bovenverdieping verplicht…
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting; artikel 3.8 Wet IB 2001. winst uit onderneming, innerlijk tegenstrijdig oordeel hof.
Hoge Raad|8 augustus 2014|ECLI:NL:HR:2014:2143
Inkomstenbelasting; artikel 3.8 Wet IB 2001. winst uit onderneming, innerlijk tegenstrijdig oordeel hof.
- BelastingrechtCassatieVennootschapsbelasting. Artikel 8 Wet Vpb. 1969. Art. 3.8 Wet IB 2001. De vrijval van een schuld ter zake van…
Hoge Raad|8 maart 2013|ECLI:NL:HR:2013:BX9148
Vennootschapsbelasting. Artikel 8 Wet Vpb. 1969. Art. 3.8 Wet IB 2001. De vrijval van een schuld ter zake van ingehouden dividendbelasting die niet meer zal worden betaald behoort tot de belastbare winst.
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Belegging tijdelijk overtollige liquide middelen in risicovolle…
Hoge Raad|23 november 2012|ECLI:NL:HR:2012:BY3897Aangehaald in 5 uitspraken
Inkomstenbelasting. Art. 3.8 Wet IB 2001. Belegging tijdelijk overtollige liquide middelen in risicovolle vordering. Verlies niet aftrekbaar.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.