58 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroep616 Rv en 224 Rv. Beëindiging samenwerkingsovereenkomst Opeisbaarheid 6:38 BW. Boetebeding en matiging 6:94 BW.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|24 maart 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:2711
Beëindiging samenwerkingsovereenkomst Opeisbaarheid 6:38 BW. Boetebeding en matiging 6:94 BW. GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht, handel zaaknummer gerechtshof 200.231.314 (zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, 295965) arrest … partijen geen tijd voor de nakoming hebben bepaald, heeft op grond van artikel 6:38 BW te gelden dat de verbintenis terstond kan worden nagekomen en dat daarvan terstond nakoming kan worden
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring vordering m.b.t een overeenkomst van geldlening waarin geen termijn voor nakoming is bepaald…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|16 december 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:9847
BW. [appellant] voegt daaraan toe dat, indien op grond van artikel 6:38 BW terstond nakoming van de vorderingen uit hoofde van de geldleenovereenkomsten kan worden gevorderd, dat, anders dan de rechtbank … nakoming is overeengekomen. Volgens [geïntimeerden] kan in een dergelijk geval op grond van artikel 6:38 BW terstond nakoming worden verlangd. De betekenis van artikel 6:38 BW wordt in de visie
- Civiel recht overigHoger beroepUitleg overeenkomst IT-dienstverlening. Geen aansprakelijkheid wegens niet tijdige implementatie software…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|6 mei 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:2754
Uitleg overeenkomst IT-dienstverlening. Geen aansprakelijkheid wegens niet tijdige implementatie software, geen schending informatieplicht, geen schending zorgplicht.
- Civiel recht overigHoger beroepEen premievordering van het bedrijfstakpensioenfonds in de glazenwassersbranche is aan te merken als een…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|9 mei 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:3886Aangehaald in 8 uitspraken
BU3784) in dit geval dan ook niet terzake. 5.7 Ingevolge artikel 6:38 BW dient een verbintenis indien geen tijd voor de nakoming is bepaald, terstond te worden nagekomen en kan terstond … Uitvoeringsreglement en Reglement Ras bepalen aldus een tijd voor nakoming, waardoor artikel 6:38 BW toepassing mist. 5.8 Ras c.s. heeft aan [appellant] , nadat zij hem meermalen heeft herinnerd aan het aanleveren
- Civiel recht overigHoger beroepHoger beroep. Overeenkomst van geldlening. Eindarrest na bewijsopdracht ten aanzien van gestelde betalingen…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 oktober 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:9626
over het geleende bedrag. Volgens [de leningverstrekker] was de lening op grond van art. 6:38 BW al op 28 juli 2016 opeisbaar. Dat was de datum waarop volgens haar de lening … terugbetaling hebben afgesproken en [de leningverstrekker] alleen al daarom geen beroep toekomt op art. 6:38 BW. 2.3 Volgens [de leningnemer] spraken partijen af dat de lening pas eind 2020 hoefde
- Civiel recht overigHoger beroepOpeisbare verbintenis, nakoming terstond of na onbepaalde tijd.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|13 december 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:10196
BW, maar betekent in beginsel dat de verbintenis krachtens het bepaalde in artikel 6:38 BW terstond kan worden nagekomen en dat terstond nakoming kan worden gevorderd, waarmee de opeisbaarheid onmiddellijk intreedt … artikel 3:307 lid 2 BW moet worden gerekend zodat daarop de artikelen 6:38 BW en 3:307 lid 1 BW van toepassing zijn. Aangezien [appellanten] niet heeft gesteld dat tussen
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring vordering tot terugbetaling uit leningsovereenkomst .
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|4 februari 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:931
verjaringstermijn het moment van het opeisbaar worden van de vordering. Op grond van artikel 6:38 BW kan terstond nakoming worden gevorderd als geen tijd voor nakoming is bepaald. Nu de geldleningsovereenkomsten … terstond weer door [geïntimeerde] zouden kunnen worden teruggevorderd, zoals [appellante] op grond van artikel 6:38 BW aanvoert, is dus niet in overeenstemming met de kennelijke bedoeling van partijen bij het aangaan
- Civiel recht overigHoger beroepUitleg van voorovereenkomst; verjaring. Vraag of sprake is van een opeisbare vordering op grond van een…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|2 juli 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:4706
volgens de rechtbank dat de vordering tot oprichting gelet op het bepaalde in artikel 6:38 BW direct opeisbaar was en dat de toepasselijke verjaringstermijn van vijf jaar in november … haar beroep op verjaring ten grondslag legt, gelet op artikel 6:38 BW terstond na oprichting van de EDON/[geïntimeerde sub 4]-vennootschap nakoming van de verplichting tot oprichting van de exploitatievennootschap
- Civiel recht overigHoger beroepLevering houtconstructie voor twaalf te bouwen woningen. Wijze afrekening meerwerk voor alle twaalf woningen…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|26 juli 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:6093
meerwerk, vloeit uit de wet voort dat de vordering terstond opeisbaar is (artikel 6:38 BW). Ook in paragraaf 35 lid 3 van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken … aanvang van de dag volgende op die waarop de vordering opeisbaar is geworden. Artikel 6:38 BW, dat ziet op de opeisbaarheid van een verbintenis, bepaalt dat indien geen tijd voor
- Civiel recht overigHoger beroepUitleg overeenkomst. Geldlening in familiaire sfeer voor onbepaalde tijd of bepaalde tijd gesloten?…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|19 maart 2024|ECLI:NL:GHARL:2024:1938
appellant] geen termijn van nakoming van zijn betalingsverplichting overeengekomen, zodat op grond van artikel 6:38 BW zijn verbintenis tot terugbetaling terstond moet worden nagekomen en [geïntimeerde] ook vanaf de aanvang … vordering opeisbaar is geworden en dat op grond van de hoofdregel van artikel 6:38 BW de geldlening bij het aangaan van de geldleningsovereenkomst terstond opeisbaar was. Het hof volgt [appellant] hierin
- Civiel recht overigHoger beroepFinanciële afwikkeling van een vennootschap onder firma.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|15 maart 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:2041
september 2015 bij toetreding van [appellant] tot de vennootschap onder firma. Artikel 6:38 BW veronderstelt dat wanneer geen tijd voor de nakoming is bepaald, terstond nakoming kan worden gevorderd. De term … restaurant] en tussen partijen vaststaat dat dit niet heeft plaatsgevonden. De bepaling van artikel 6:38 BW ziet enkel
- Civiel recht overigHoger beroepGeldvordering in kort geding. Spoedeisend belang bij nakoming geldleningsovereenkomst. Geldsom benodigd voor…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|22 december 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:9880
Geldvordering in kort geding. Spoedeisend belang bij nakoming geldleningsovereenkomst. Geldsom benodigd voor financiering bouwproject. Uitleg overeenkomst. Naar voorlopig oordeel van het hof geen verzuim en geen rechtsgeldige ontbinding van de overeenkomst. Beroep op dwaling verworpen.
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring vordering uit hoofde van geldleningsovereenkomst
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|2 april 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:2910
BW. In beginsel is een dergelijke overeenkomst op grond van artikel 6:38 BW direct opeisbaar en begint de verjaringstermijn meteen te lopen. De uitzondering van artikel 3:307 lid 2 BW
- Personen- en familierechtHoger beroepBewind. Machtiging tot betaling. Opeisbare vordering. 1:441 BW.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|15 mei 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:4432
vordering ook door [belanghebbende] ter mondelinge behandeling is erkend. Ingevolge artikel 6:38 BW kan van een vordering tot betaling van een geldsom terstond nakoming worden gevorderd indien geen tijd voor
- Personen- en familierechtTussenbeschikkingWaardering onderneming: DCF-methode en/of liquidatiewaarde. Deskundigenrapport.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|21 februari 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:1726
verrekenen vermogen worden bepaald, namelijk op 28 maart 2007. Gezien art. 6:38 BW is deze vordering opeisbaar geworden op het moment van haar ontstaan. Voor de nakoming van de periodieke verrekenplichten
- Civiel recht overigHoger beroepTussenarrest. Overeenkomst van geldlening. Bewijsopdracht ten aanzien van gestelde betalingen en afspraken…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|20 april 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:3799
termijn voor die terugbetaling. [appellante] beroept zich daarbij als eerste op artikel 6:38 BW. Daarin staat dat indien geen tijd voor nakoming is bepaald, terstond nakoming kan worden gevorderd. [appellante] stelt
- Civiel recht overigHoger beroepVerdeling nalatenschap. Verrekening. Onverschuldigde betaling. Pandrecht op overwaarde?
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|10 maart 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:1702
afdoen, nu de verrekeningsverklaring ook onder een opschortende voorwaarde of tijdsbepaling kan geschieden (artikel 6:38 BW). De bevoegdheid en mogelijkheid tot verrekening zijn ontstaan op het moment van de verdeling
- Civiel recht overigHoger beroepVordering die ziet op nakoming contractuele verplichting tot verwijdering van een oude droogloods in hoger…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|26 september 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:8049
gehouden moet worden dat partijen geen termijn voor nakoming zijn overeengekomen, geldt dat ingevolge 6:38 BW terstond nakoming kan gevorderd kan worden. Uit artikel 6:2 BW volgt dat daarbij
- Civiel recht overigHoger beroepStudielening is in overleg overgemaakt op de rekening van moeder van bij haar inwonende, studerende jong…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|6 augustus 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:6357
vorderingen niet opeisbaar zijn. Dit verweer kan geen doel treffen. In artikel 6:38 BW is geregeld dat nakoming van een verbintenis terstond na haar ontstaan kan worden gevorderd. De verbintenis
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring. Artikel 3:307 BW. Verkoop bedrijfspand met erf. Overeengekomen is betaling van een extra koopsom…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|22 februari 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:1417
gevorderd per het moment van de vervulling van de voorwaarden van het kettingbeding (artikel 6:38 BW) en de vordering dus ook om die reden, nog steeds de stellingen van [appellant] volgend
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.