1.383 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- Strafrecht overigHoger beroepOvertreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Gepubliceerd naar aanleiding van het…
Gerechtshof Den Haag|1 november 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2954
Overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Gepubliceerd naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad.
- Strafrecht overigHoger beroepOvertreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Gepubliceerd naar aanleiding van het…
Gerechtshof Den Haag|1 november 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2953
Overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Gepubliceerd naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad.
- BelastingrechtHoger beroepArtikel 8:81 Awb; verzoek om een voorlopige voorziening. Geen sprake van onverwijlde spoed. Aanslag IB/PVV…
Gerechtshof Den Haag|31 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2068
Artikel 8:81 Awb; verzoek om een voorlopige voorziening. Geen sprake van onverwijlde spoed. Aanslag IB/PVV 2016; belastbaar inkomen uit werk en woning. Rendementsgrondslag; waardering vordering op Limited. Beslag Openbaar Ministerie. Geen sprake van individuele en buitensporige last. De Rechtbank heeft ten onrechte…
- BelastingrechtHoger beroepParkeerbelasting. Auto belanghebbende niet aangemeld op bezoekersparkeervergunning. Medische omstandigheden…
Gerechtshof Den Haag|30 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2055
Parkeerbelasting. Auto belanghebbende niet aangemeld op bezoekersparkeervergunning. Medische omstandigheden leiden niet tot overmacht.
- BelastingrechtHoger beroepParkeerbelasting. De term ‘maximale aanmeldduur’ betekent niet hetzelfde als ‘maximale parkeerduur’…
Gerechtshof Den Haag|30 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2054
Parkeerbelasting. De term ‘maximale aanmeldduur’ betekent niet hetzelfde als ‘maximale parkeerduur’. Belanghebbende maakt onvoldoende kenbaarheid verschuldigdheid parkeerbelasting niet aannemelijk.
- Strafrecht overigHoger beroepHuiselijk geweld (art. 300 Sr). Verwerping verweer met betrekking tot de betrouwbaarheid van de verklaringen…
Gerechtshof Den Haag|30 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2016
Huiselijk geweld (art. 300 Sr). Verwerping verweer met betrekking tot de betrouwbaarheid van de verklaringen van de aangeefster. Veroordeling tot een taakstraf van 60 uur en het betalen van een schadevergoeding aan het slachtoffer van 500 euro. Het hof heeft bij het bepalen van de hoogte van de toe te kennen…
- Strafrecht overigHoger beroepHuiselijk geweld (art. 300 Sr). Recidive. Veroordeling tot een taakstraf van 30 uur en een voorwaardelijke…
Gerechtshof Den Haag|30 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2017
Huiselijk geweld (art. 300 Sr). Recidive. Veroordeling tot een taakstraf van 30 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken. Daarnaast oplegging van een contactverbod (art. 38v Sr) en van de verplichting tot het betalen van een schadevergoeding aan het slachtoffer van 470 euro. Het hof heeft bij het bepalen…
- Personen- en familierechtHoger beroepKort geding: vervangende toestemming verhuizing. De moeder is ondanks een verhuisverbod met de minderjarigen…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2913
Kort geding: vervangende toestemming verhuizing. De moeder is ondanks een verhuisverbod met de minderjarigen verhuisd. Uitgangspunt is dat de voorzieningenrechter terughoudend moet zijn met het verlenen van vervangende toestemming voor verhuizing en een bodemprocedure hiervoor de aangewezen weg is. Slechts in…
- BelastingrechtHoger beroepA.b.b.b. Gelijkheids-, vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel. Artikel 8:69 Awb; motivering uitspraak…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2637
A.b.b.b. Gelijkheids-, vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel. Artikel 8:69 Awb; motivering uitspraak. Belanghebbende werkt bij het EOB. Hij heeft de Nederlandse nationaliteit en woont in Nederland. Belanghebbende valt onder artikel 10, lid 1, van de Zetelovereenkomst, maar geniet vanwege zijn Nederlandse…
- BelastingrechtHoger beroepNavorderingsaanslagen IB/PVV 2010 en 2011. Op de zaak betrekking hebbende stukken. Voortvarendheid. Geen…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2635
Navorderingsaanslagen IB/PVV 2010 en 2011. Op de zaak betrekking hebbende stukken. Voortvarendheid. Geen dubbeltelling reeds aangegeven inkomen voor werkzaamheden in Duitsland in navorderingsaanslag IB/PVV 2010. Art. 10, lid 2, onder 3, van het Belastingverdrag Nederland-Duitsland van 16 juni 1959. Art. 2, lid 1,…
- BelastingrechtHoger beroepArt. 3.90 Wet IB 2001. Resultaat uit overige werkzaamheden. Adviesbureau vormt geen bron van inkomen. Geen…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2636
Art. 3.90 Wet IB 2001. Resultaat uit overige werkzaamheden. Adviesbureau vormt geen bron van inkomen. Geen objectieve voordeelsverwachting vanwege negatieve resultaten uit het verleden en in latere jaren. Geen schending vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel.
- GoederenrechtHoger beroepBurenrecht; noodweg. Tussentijds hoger beroep. Terugverwijzing naar rechtbank om opnieuw de belangen van de…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2391
Burenrecht; noodweg. Tussentijds hoger beroep. Terugverwijzing naar rechtbank om opnieuw de belangen van de betrokken partijen af te wegenmet in achtneming van artikel 5:57 lid 3 tweede volzin BW.
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2179
Wet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten van de Hoge Raad van 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:704, en HR 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:705, worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Omdat de…
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2178
Wet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten van de Hoge Raad van 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:704, en HR 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:705, worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Omdat de…
- Personen- en familierechtHoger beroepKortgeding over de omgangsregeling in verband met de verhuizing van de vader buiten de tussen de ouders…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2254
Kortgeding over de omgangsregeling in verband met de verhuizing van de vader buiten de tussen de ouders afgesproken regio.
- Personen- en familierechtHoger beroep“Toepasselijk recht op de vererving van de nalatenschap van erflater die een aantal jaren in Sri Lanka heeft…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2230
“Toepasselijk recht op de vererving van de nalatenschap van erflater die een aantal jaren in Sri Lanka heeft gewoond. Geschil tussen echtgenote erflater en de kinderen van erflater uit diens eerste huwelijk. Erflater heeft geen testament doen opmaken. Artikel 21 lid 2 van de Sri Lankaanse Matrimonial Rights and…
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2177
Wet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten van de Hoge Raad van 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:704, en HR 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:705, worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Omdat de…
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet, gelet op de…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2176
Wet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet, gelet op de arresten van de Hoge Raad van 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:704, en HR 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:705, worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Omdat de…
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2001. Box 3. De Inspecteur heeft het werkelijk rendement van belanghebbende aan de hand van de…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2175
Wet IB 2001. Box 3. De Inspecteur heeft het werkelijk rendement van belanghebbende aan de hand van de arresten van de Hoge Raad van 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:704 en ECLI:NL:HR:2024:705, juist berekend.
- ArbeidsrechtHoger beroepAdvocaten, voormalig patroon en stagiarie/medewerker, verschillen van mening over de afwikkeling van de…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:1911
Advocaten, voormalig patroon en stagiarie/medewerker, verschillen van mening over de afwikkeling van de arbeidsovereenkomst, in het bijzonder ook over de afwikkeling van de declaraties in zaken waarin de stagiarie/medewerker als toegevoegd advocaat werkzaam is geweest.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.