6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigHoger beroepArt. 132 Sr. Het hof veroordeelt de verdachte ter zake van: Een afbeelding waarin tot een terroristisch…
Gerechtshof Den Haag|7 juli 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:1979
132 Sr. Het hof veroordeelt de verdachte ter zake van: Een afbeelding waarin tot een terroristisch misdrijf wordt opgeruid, verspreiden, terwijl hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden … geldt: ‘retweet is not endorsement’. Het scharen van die gedraging onder de reikwijdte van artikel 132 Sr vereist nadere motivering in het licht van de vrijheid van meningsuiting. In het onderhavige geval
- Strafrecht overigHoger beroepArt. 10 EVMR, art. 17 EVRM, art. 83a Sr, 96 lid 2 Sr, art. 131 Sr, art. 132 Sr, art. 285 lid 3 Sr, art. 289…
Gerechtshof Den Haag|19 februari 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:255
EVMR, art. 17 EVRM, art. 83a Sr, 96 lid 2 Sr, art. 131 Sr, art. 132 Sr, art. 285 lid 3 Sr, art. 289 Sr, art. 289a Sr; Voorbereiding van moord … derde lid, Sr); 3. Opruiing en/of verspreiding van opruiende geschriften of afbeeldingen (artikelen 131 en 132 Sr). De aanleiding voor de tegen de verdachte gerezen verdenkingen is de volgende geweest. Cartoonwedstrijd
- Strafrecht overigHoger beroepArtikelen 131, 132 en 137d van het Wetboek van Strafrecht. De verdachte heeft zich in de periode van 25…
Gerechtshof Den Haag|2 mei 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:1224
artikelen 131 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) en (het aanverwante ‘verspreidingsdelict’) 132 Sr is opruiing tot enig strafbaar feit of tot gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag strafbaar gesteld … redelijkerwijs waarschijnlijk is dat het strafbare feit zal plaatsvinden. Bij de in artikelen 131 en 132 Sr bedoelde ‘strafbare feiten’ gaat het om strafbare feiten naar Nederlands recht. Uit feiten en omstandigheden
- Strafrecht overigHoger beroepOnderzoek 26Humble. Aan de verdachte worden – kort gezegd - de volgende feiten verweten: 1. Het medeplegen…
Gerechtshof Den Haag|11 september 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:1568
Onderzoek 26Humble. Aan de verdachte worden – kort gezegd - de volgende feiten verweten: 1. Het medeplegen van deelname aan terroristische organisatie en organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van oorlogsmisdrijven, te weten IS. 2. Het medeplegen van trainen in plegen van terroristische misdrijven. 3 en 4. De…
- Strafrecht overigHoger beroepArtikelen 83, 83a, 96 lid 2, 132, 134a, 288a, 289 en 289a Sr. Veroordeling ter zake van: met het oogmerk om…
Gerechtshof Den Haag|7 juli 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:1978Aangehaald in 6 uitspraken
Artikelen 83, 83a, 96 lid 2, 132, 134a, 288a, 289 en 289a
- Strafrecht overigHoger beroepBewezenverklaring van deelname aan een rechtsextremistische terroristische organisatie, te weten The Base…
Gerechtshof Den Haag|12 maart 2026|ECLI:NL:GHDHA:2026:380
oogmerk een constitutief element vormt voor toepassing van de strafverzwaringsgronden van de artikelen 131 en 132 Sr kan zonder dat oogmerk - vol opzet - geen veroordeling op die verzwaarde grondslag volgen, aldus
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.