11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepGeldvordering verjaard. Tal van cessies. Miskenning devolutieve werking en gezag van gewijsde.
Gerechtshof Den Haag|9 februari 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:141
heeft gestuit. 15. [appellant] doet een beroep op stuiting in de zin van artikel 3:316 BW. 15. Naar het hof begrijpt beroept [appellant] zich in 70 tot en met 75 memorie … slot heeft [appellant] nog een beroep gedaan op het tweede lid van artikel 3:316 BW (memorie van grieven 82 tot en met 86 en samenvatting op blz 31). Het hof begrijpt
- ArbeidsrechtHoger beroepverjaring van loonaanspraken, geen stuiting.
Gerechtshof Den Haag|10 december 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3176
strafrechtelijke procedure ook een daad van rechtsvervolging is als bedoeld in art. 3:316 BW, verwerpt het hof. De in art. 3:316 BW bedoelde daad van rechtsvervolging dient door de crediteur
- Civiel recht overigHoger beroepAlgemene voorwaarden (CBW) onredelijk bezwarend, ambtshalve toetsing.
Gerechtshof Den Haag|6 mei 2014|ECLI:NL:GHDHA:2014:1487
aangevangen verjaringstermijn van twee jaar heeft geen stuitingshandeling in de zin van artikel 3:316 BW plaatsgevonden. Brugman heeft deze grief bestreden. Naar het hof begrijpt stelt Brugman zich op het standpunt
- Civiel recht overigHoger beroepOpenbare betekening, terwijl gedaagde stond ingeschreven in GBA. Onvoldoende onderzoeksinspanning. Verstek…
Gerechtshof Den Haag|6 oktober 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:1919
niet als stuitingshandeling. Hieruit volgt dat de daad van rechtsvervolging als bedoeld in artikel 3:316 BW niet in de vereiste vorm is geschied. Het (primair gedane) beroep van [appellant] op verjaring
- Civiel recht overigHoger beroepEffecten-lease; verstekvonnis; verjaring?; invloed WCAM-overeenkomst; beroep namarebo contractuele rente…
Gerechtshof Den Haag|29 september 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:1710
inleidende dagvaarding, niet was verjaard. De instelling van de eis had ingevolge artikel 3:316 BW stuitende werking gedurende de procedure. De eis is door een toewijzing (het verstekvonnis) gevolgd. Hierop
- Civiel recht overigHoger beroepoverheidsaansprakelijkheid; identiteitsfraude na verlies rijbewijs; klachten over Wahv en uitvoering daarvan…
Gerechtshof Den Haag|29 augustus 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:3231
EHRM voor het totaal van de vordering wil ik de verjaring stuiten ingevolge 3:316 BW voor de vordering in verband de kosten voor rechtsbijstand etc. en immateriële schade voor de gijzelingsperiode
- Personen- en familierechtHoger beroepDe termijn voor de verjaring van de opgelegde dwangsom.
Gerechtshof Den Haag|22 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2533
rechtsvordering als bedoeld in art. 3:319 Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) jo 3:316 BW maar juist om de stuiting van de verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van een rechterlijke uitspraak
- MededingingsrechtHoger beroepKartelschadezaak. Verklaring voor recht op verzoek van een claimstichting dat een liftproducent onrechtmatige…
Gerechtshof Den Haag|23 januari 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:132Aangehaald in 5 uitspraken
Kartelschadezaak. Verklaring voor recht op verzoek van een claimstichting dat een liftproducent onrechtmatige heeft gehandeld jegens een groep gebruikers van liften door deel te nemen aan een kartel.
- Intellectueel-eigendomsrechtHoger beroepIntellectuele Eigendom; schadestaatprocedure na vaststelling auteursrechtinbreuk. voldoende belang als…
Gerechtshof Den Haag|18 november 2014|ECLI:NL:GHDHA:2014:4286
maanden na 21 juli 2011, uitgebracht, waardoor de verjaring op grond van artikel 3:316 BW (wederom) is gestuit. Het verweer dat de dwangsommen zijn verjaard en (daarmee) grief 1 falen
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Den Haag · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Den Haag|31 maart 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1115
verjaard, voordat [G] een "nieuw beroep op dwaling" deed, miskent het bepaalde in artikel 3:316 BW, bij de toepassing van welke stuitingsbepaling geldt dat van een nieuwe vordering geen sprake
- Civiel recht overigHoger beroepaansprakelijkheid van werknemer-bestuurder van woningbouwcorporatie voor ten onrechte genoten…
Gerechtshof Den Haag|19 november 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3010
aansprakelijkheid van werknemer-bestuurder van woningbouwcorporatie voor ten onrechte genoten beloningsbestanddelen; verhouding artikel 2:9 BW - artikel 7:661 BW
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.