81 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 december 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:5386
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 februari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:580
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 oktober 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:4253
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 januari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:82
voldaan is aan de wettelijke vereisten van zowel artikel 1:254 BW als artikel 1:261 BW. Het hof voegt hier nog het volgende aan toe. 3.6.4. Reeds in de bestreden beschikking
- Personen- en familierechtHoger beroepArtikel 1:261 lid 1 BW; onvoldoende gronden om de uithuisplaatsing te laten voortduren; niet gebleken dat…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|12 september 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:5695
oordeel dat niet langer wordt voldaan aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. 3.10. Het voorgaande leidt ertoe dat de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel
- Personen- en familierechtHoger beroepUithuisplaatsing Ondertoezichtstelling
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 april 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:1345
machtiging uithuisplaatsing telkens verlengen met ten hoogste een jaar. 7.4.5. Ingevolge artikel 1:261 BW kan de rechter op verzoek van de gecertificeerde instelling die het toezicht heeft de ondertoezichtstelling opheffen indien
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 december 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:5023
oordeel dat voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. Ter aanvulling overweegt het hof dat ten tijde van de aanvraag en verlening van de onderhavige machtiging in alle
- Personen- en familierechtHoger beroepAnders dan de rechtbank wijst het hof het verzoek van de raad tot ontheffing van het gezag over de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 januari 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:BY8146
tenminste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 november 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:4922
oordeel dat voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. Al hetgeen de vader in hoger beroep naar voren heeft gebracht, kan niet tot een ander oordeel leiden
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 november 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:5003
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel – door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 juli 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:2442
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepHet ter zitting door de raad aan het hof gedane verzoek om ambtshalve de ondertoezichtstelling uit te…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 november 2009|ECLI:NL:GHSHE:2009:BK3927
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden, gegronde vrees bestaat dat deze maatregel – door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 juli 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:2186
voldaan is aan de wettelijke vereisten van zowel artikel 1:254 BW als artikel 1:261 BW. Het hof voegt daar het volgende aan toe. 3.8.5. Ter zitting
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 juli 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:2439
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepMinderjarige belanghebbende niet-ontvankelijk in incidenteel appel tegen verlenging machtiging…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 december 2007|ECLI:NL:GHSHE:2007:BC3205
zijn schriftuur stelt [het kind] dat, gelet op het bepaalde in artikel 1:261 BW, telkens onderzocht moet worden of er nog sprake is van ernstige gedragsproblemen en of er een passend
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 juni 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:2237
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden, dat gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel – door
- Personen- en familierechtHoger beroepUithuisplaatsing. Ondertoezichtstelling.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 augustus 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:2900
rechtbank – van oordeel dat niet voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. Hoewel de moeder er in het verleden anders over heeft gedacht, staat zij thans reeds geruime
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|28 augustus 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:3279
oordeel dat voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. Het hof overweegt daartoe als volgt. 3.8.3. Bij [de zoon] is, zoals het hof reeds in zijn beschikking
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 juli 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:2703
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 februari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:623
oordeel dat voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. 3.10.4. Het hof stelt voorop dat voor zover de moeder in eerste aanleg onvoldoende in de gelegenheid zou zijn
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.