130 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatie in het belang der wetCassatie in belang der wet. Bezwaarschrift tegen toepassing vervangende hechtenis wegens niet (naar behoren)…
Hoge Raad|30 januari 2018|ECLI:NL:HR:2018:118Aangehaald in 7 uitspraken
Sr). Vervolgens kan de veroordeelde tegen die kennisgeving een bezwaarschrift indienen (art. 22g lid 3 Sr). Art. 22h Sr verklaart onder meer art. 14h lid 3 Sr, dat is geschreven voor … Hoge Raad wil voorleggen, is of de overeenkomstige toepassing van art. 14h lid 3 Sr op de behandeling van een op de voet van art. 22g lid 3 Sr ingediend bezwaarschrift meebrengt
- Strafrecht overigCassatieZaak IJsberg. Profijtontneming, w.v.v. uit Opiumwetdelicten en verkoop van informatie over ‘backdoors en…
Hoge Raad|25 juni 2024|ECLI:NL:HR:2024:894
vijfde categorie, een en ander zoals vereist voor toepassing van artikel 36e, lid 3, Sr. Dat geldt zowel voor feit 2 als feit 3. Naar het oordeel van het hof is, gegeven … wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. (...)” 2.4 Wederrechtelijk verkregen voordeel kan op grond van artikel 36e lid 3 Sr worden ontnomen als de betrokkene is veroordeeld voor een misdrijf dat naar de wettelijke omschrijving
- Strafrecht overigCassatieMet iemand die leeftijd van 12 maar nog niet die van 16 jaren heeft bereikt buiten echt ontuchtige…
Hoge Raad|4 april 2023|ECLI:NL:HR:2023:486Aangehaald in 8 uitspraken
gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren of geldboete van de vijfde categorie.” - Artikel 248 lid 3 Sr, zoals dat luidde ten tijde van het bewezenverklaarde feit: “De in de artikelen (...) 245 (...) bepaalde … kwetsbare positie.” (Kamerstukken II 2012/13, 33580, nr. 3, p. 14-15.) 2.4.1 Artikel 248 lid 3 Sr bevat een strafverzwarende omstandigheid voor de daarin genoemde strafbare feiten, die alle zien op zedenmisdrijven
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming, w.v.v. uit medeplegen invoer van cocaïne en uit soortgelijke feiten. Methode van eenvoudige…
Hoge Raad|11 november 2025|ECLI:NL:HR:2025:1680Aangehaald in 5 uitspraken
verkregen.” Met ingang van 1 juli 2011 luidt artikel 36e leden 1 tot en met 3 Sr: “1. Op vordering van het openbaar ministerie kan bij een afzonderlijke rechterlijke beslissing aan degene … rechtsoverweging 2.4.3). Datzelfde geldt voor de beantwoording van de vraag of artikel 36e lid 3 Sr zoals dat luidt sinds 1 juli 2011, van toepassing is (vgl. HR 29 november 2016, ECLI
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming, w.v.v. uit medeplegen invoer van cocaïne en uit soortgelijke feiten. In eerste aanleg is…
Hoge Raad|11 november 2025|ECLI:NL:HR:2025:1679
verkregen.” Met ingang van 1 juli 2011 luidt artikel 36e leden 1 tot en met 3 Sr: “1. Op vordering van het openbaar ministerie kan bij een afzonderlijke rechterlijke beslissing aan degene … rechtsoverweging 2.4.3). Datzelfde geldt voor de beantwoording van de vraag of artikel 36e lid 3 Sr zoals dat luidt sinds 1 juli 2011, van toepassing is (vgl. HR 29 november 2016, ECLI
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie en cassatie verdachte. Ontucht met 14-jarig meisje door 19-jarige verdachte, meermalen gepleegd…
Hoge Raad|15 december 2020|ECLI:NL:HR:2020:2010
onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel wordt opgelegd.” 3.4 De tekst van artikel 22b lid 3 Sr is in het wetsvoorstel dat heeft geleid tot de Wet van 17 november … maatregel is dat niet.” (Kamerstukken II 2010/11, 32 169, nr. 12) 3.5.1 Artikel 22b lid 3 Sr staat in de in artikel 22b leden 1 en 2 Sr vermelde gevallen de oplegging
- Strafrecht overigCassatieMishandeling van ambtenaar door verpleegkundige van zorginstelling (met kracht) meermalen tegen haar gezicht…
Hoge Raad|25 augustus 2026|ECLI:NL:HR:2026:1362
artikel 300 lid 1 Sr in samenhang met artikel 304 lid 1, aanhef en onder 3°, Sr. Daarom moet worden aangenomen dat het in de tenlastelegging en de bewezenverklaring voorkomende begrip ‘ambtenaar … begrip heeft in die bepaling. 2.3.2 Artikel 304 lid 1, aanhef en onder 3°, Sr luidt: “De in de artikelen 300-303 bepaalde gevangenisstraffen kunnen met een derde worden verhoogd: (...) 3°. indien
- Strafrecht overigCassatieBelaging door glazenwasser, art. 285b.1 Sr. Strafmotivering. Kon hof i.v.m. opgelegde vrijheidsbeperkende…
Hoge Raad|15 juni 2021|ECLI:NL:HR:2021:841Aangehaald in 22 uitspraken
maatregel verbonden verplichting - wordt voldaan. Op grond van artikel 38w lid 3 Sr geldt van rechtswege dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt … verplichtingen wordt voldaan vijf dagen bedraagt, waarbij op grond van artikel 38w lid 3 Sr van rechtswege geldt dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste
- Strafrecht overigCassatieBelaging (art. 285b.1 Sr). Strafmotivering, oplegging gebieds- en contactverbod als vrijheidsbeperkende…
Hoge Raad|21 februari 2023|ECLI:NL:HR:2023:282Aangehaald in 10 uitspraken
maatregel verbonden verplichting – wordt voldaan. Op grond van artikel 38w lid 3 Sr geldt van rechtswege dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt … verplichtingen wordt voldaan één week bedraagt, waarbij op grond van artikel 38w lid 3 Sr van rechtswege geldt dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste
- Strafrecht overigCassatieProfijtontneming, w.v.v. uit witwassen. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.2 en 36e.3 Sr. Kon hof…
Hoge Raad|5 oktober 2021|ECLI:NL:HR:2021:1444Aangehaald in 17 uitspraken
heeft verkregen.” Met ingang van 1 juli 2011 luidt artikel 36e leden 1, 2 en 3 Sr: “1. Op vordering van het openbaar ministerie kan bij een afzonderlijke rechterlijke beslissing aan degene … feiten het wederrechtelijk voordeel is verkregen. 2.5.3 Als het hof heeft bedoeld artikel 36e lid 3 Sr toe te passen en dus heeft geoordeeld dat aannemelijk is dat andere strafbare feiten
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie. Vrijspraak t.z.v. ontucht door arbeidsdeskundige werkzaam bij uitkeringsinstantie vrouw in…
Hoge Raad|5 december 2017|ECLI:NL:HR:2017:3059Aangehaald in 10 uitspraken
uitgangspunt genomen dat voor de toepasselijkheid van art. 249, tweede lid aanhef en onder 3°, Sr is vereist dat sprake is van een "formele behandelrelatie" tussen degene die werkzaam … echter te beperkt en daarom onjuist, omdat art. 249, tweede lid aanhef en onder 3°, Sr ook toepassing kan vinden indien in feitelijke zin sprake is van een relatie als bedoeld
- Strafrecht overigCassatieOnttrekking aan het verkeer bij vrijspraak. Het hof heeft verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde…
Hoge Raad|20 maart 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ3596Aangehaald in 5 uitspraken
weten: negen witte flacons, met daarin telkens dertig tabletten." 3.3. Art. 36b, eerste lid onder 3°, Sr luidt, voor zover hier van belang: "1. Onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen … enig strafbaar feit, is niet voldaan aan het vereiste van art. 36b, eerste lid onder 3°, Sr. 3.5. Het middel is terecht voorgesteld. 4. Slotsom Hetgeen hiervoor is overwogen brengt
- Strafrecht overigCassatieOnttrekking aan het verkeer bij vrijspraak. Niet is voldaan aan het vereiste van art. 36b.1ahf.3° Sr, nu de…
Hoge Raad|15 oktober 2013|ECLI:NL:HR:2013:944
bezit ervan de gezondheid van dieren kan bedreigen." 2.3. Art. 36b, eerste lid aanhef onder 3°, Sr luidt: "1. Onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen voorwerpen kan worden uitgesproken: (...) 3 … strafbaar feit, is niet voldaan aan het vereiste van art. 36b, eerste lid aanhef onder 3°, Sr. 2.5. Het middel is terecht voorgesteld. 3 Slotsom Hetgeen hiervoor is overwogen brengt
- Strafrecht overigCassatieCassatie in het belang van de wet. Overtreding van voorwaarden bij dadelijk uitvoerbaar verklaarde TBS met…
Hoge Raad|26 november 2024|ECLI:NL:HR:2024:1729Aangehaald in 85 uitspraken
Cassatie in het belang van de wet. Overtreding van voorwaarden bij dadelijk uitvoerbaar verklaarde TBS met voorwaarden, terwijl uitspraak waarbij die is opgelegd nog niet onherroepelijk is. 1. Heeft (executie)rechter (terwijl sprake is van niet onherroepelijk opgelegde, dadelijk uitvoerbaar verklaarde TBS met…
- Strafrecht overigCassatie in het belang der wetCassatie in het belang van de wet. Overgangsrecht m.b.t. proeftijd verbonden aan voorwaardelijke…
Hoge Raad|15 juni 2021|ECLI:NL:HR:2021:850Aangehaald in 22 uitspraken
werking getreden op 1 januari 2018), heeft de rechter in artikel 15c lid 3 Sr de mogelijkheid gekregen om op vordering van het openbaar ministerie de proeftijd met ten hoogste twee jaren
- Strafrecht overigCassatieBelaging ex-partner (art. 285b.1 Sr). Sanctietoemetingsbeslissing, oplegging gebiedsverbod en contactverbod…
Hoge Raad|14 januari 2025|ECLI:NL:HR:2025:61
maatregel verbonden verplichting – wordt voldaan. Op grond van artikel 38w lid 3 Sr geldt van rechtswege dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt … verplichtingen wordt voldaan zeven dagen bedraagt, waarbij op grond van artikel 38w lid 3 Sr van rechtswege geldt dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|21 mei 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD9557
Grenadines het zogenoemde vlagbeginsel, zoals dat naar Nederlands recht is neergelegd in art. 3 Sr. 4.3. Het gaat in deze zaak om de beantwoording van de vraag of de Nederlandse staat rechtsmacht … dergelijk vaartuig niet kan gelden als territoir van dat land, zoals dit in art. 3 Sr tot uitdrukking is gebracht voor de Nederlandse strafwet, welke toepasselijk is op ieder die zich buiten
- Strafrecht overigCassatieSeksueel binnendringen bij toentertijd 21-jarige vrouw die door nuttigen van grote hoeveelheid alcoholgebruik…
Hoge Raad|22 september 2020|ECLI:NL:HR:2020:1457Aangehaald in 11 uitspraken
Seksueel binnendringen bij toentertijd 21-jarige vrouw die door nuttigen van grote hoeveelheid alcoholgebruik in staat van lichamelijke onmacht verkeert, art. 243 Sr. 1. Bewijsklachten. Verkeerde aangeefster in staat van lichamelijke onmacht en had verdachte daarvan wetenschap? 2. Onttrekking aan het verkeer van…
- Strafrecht overigCassatieJeugdzaak. Openlijke geweldpleging (art. 141.1 Sr), medeplegen dwang (art. 284.1 Sr) en medeplegen afdreiging…
Hoge Raad|22 april 2025|ECLI:NL:HR:2025:628
wetgever dat in deze bepaling de artikelen 77m lid 2 en 77n lid 3 Sr niet van overeenkomstige toepassing zijn verklaard. Artikel 6:6:21 lid 2 Sv moet daarom verbeterd worden … taakstraf niet meer dan één dag vervangende jeugddetentie wordt opgelegd. (Vgl., over artikel 22d lid 3 Sr, HR 22 oktober 2024, ECLI:NL:HR:2024:1411.) 3.4 De Hoge Raad
- Strafrecht overigHerzieningHerziening. Feitelijk leiding geven aan eenvoudige bankbreuk bij rechtspersonen. Aanvrager, bestuurder van…
Hoge Raad|22 maart 2016|ECLI:NL:HR:2016:3471
gegevensdragers onder zich te nemen. Ter verzekering daarvan wordt in art. 342, aanhef en onder 3°, Sr straf bedreigd tegen de bestuurder van een rechtspersoon welke in staat van faillissement is verklaard … bestuurder van twee in staat van faillissement verklaarde rechtspersonen - zoals art. 342, aanhef en onder 3°, Sr inscherpt - gehouden was de administratie van die rechtspersonen tevoorschijn te brengen opdat de curator deze
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.