748 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieKoop registergoed. Derdenbeslag onder koper op koopsom. Betaling koper in weerwil van beslag door storting…
Hoge Raad|8 oktober 2010|ECLI:NL:HR:2010:BN1252
jegens hem, [eiseres], niet bevrijdend is. De rechtbank heeft onder verwijzing naar art. 475h lid 1 Rv. de vordering toegewezen. Het hof heeft het vonnis vernietigd en de vordering van [eiseres] alsnog
- Personen- en familierechtCassatieFamilierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden in echtscheidingsprocedure over toekenning aan vrouw van…
Hoge Raad|13 juli 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA5199
kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout als bedoeld in art. 31 lid 1 Rv. Pas door het op aandringen van de man opnemen van een expliciete afwijzing van het verzoek
- OmgevingsrechtCassatieOnteigeningszaak. Geschil tussen een gemeente en onteigenden over vervroegde onteigening en…
Hoge Raad|6 oktober 2006|ECLI:NL:HR:2006:AY8283
onjuiste vermelding van hun woonplaats onredelijk zijn benadeeld, zodat, gelet op art. 66 lid 1 Rv. het exploot niet aan nietigheid lijdt. 4. Beoordeling van de middelen in het principale
- InsolventierechtPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Insolventierecht. Wsnp. Uitleg art. 349a lid 1 Fw, dat het sinds 1 juli…
Hoge Raad|24 april 2026|ECLI:NL:HR:2026:714
Hoge Raad gesteld. Partijen hebben geen schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot beantwoording van de prejudiciële
- Civiel recht overigCassatieFinancieel recht. Effectenlease. Advisering door tussenpersoon. Gepersonaliseerde aanbeveling. Heeft hof…
Hoge Raad|24 mei 2024|ECLI:NL:HR:2024:743
niet betrokken bij zijn oordeel. Op grond van de in artikel 347 lid 1 Rv besloten tweeconclusie-regel moeten alle bezwaren tegen het vonnis bij de eerste gelegenheid aangevoerd worden, oftewel
- InsolventierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Insolventierecht
Hoge Raad|8 juni 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB2021
terecht aanvoert, - onderdeel 1 bevat slechts een inleiding - in strijd met art. 176 lid 1 Rv. de feitelijke grondslag van het verweer van [verweerder 1] en [verweerder 2] aangevuld en/of een onbegrijpelijke
- Civiel recht overigCassatie9 juli 2004 Eerste Kamer Nr. C03/071HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Hoge Raad|9 juli 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO9495
beschikking van de president openstaat, beoordeeld dient te worden met toepassing van art. 989 lid 1 Rv. Het middel is derhalve gegrond. Nu DPS de bestreden beslissing niet heeft uitgelokt of verdedigd
- Strafrecht overigCassatieArt. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. onttrekking minderjarige aan wettig gezag (art. 279.1 Sr) en ontucht…
Hoge Raad|15 juni 2021|ECLI:NL:HR:2021:806
dergelijke gevallen moet worden ingesteld, vangt - in zoverre in afwijking van artikel 339 lid 1 Rv - aan op de dag na die waarop de benadeelde partij als gevolg van de toepassing
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Insolventierecht. Betekenis van gehomologeerd akkoord voor niet voor…
Hoge Raad|9 februari 2024|ECLI:NL:HR:2024:210
Hoge Raad gesteld. Partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot beantwoording van de vragen
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Cassatie, verstekverlening, exploot van dagvaarding met formeel gebrek, relatieve nietigheid…
Hoge Raad|22 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AZ3679
Rv. De voor Storaenso bestemde oorspronkelijke dagvaarding is op de voet van art. 63 lid 1 Rv. betekend aan het kantoor van de advocaat P. Glazener te Amsterdam, alwaar Buhrmann
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Onrechtmatige overheidsdaad, strafrecht. Kort geding over rechtsbijstand…
Hoge Raad|13 september 2016|ECLI:NL:HR:2016:2068
Hoge Raad gesteld. Beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. NVSA c.s. hebben gereageerd op de schriftelijke opmerkingen van de Staat. De conclusie
- Civiel recht overigCassatie18 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/292HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser…
Hoge Raad|18 februari 2005|ECLI:NL:HR:2005:AS3640
niet anders heeft bepaald, en het niet gaat om gevallen waarin art. 75 lid 1 Rv. van toepassing is, kan beroep in cassatie van deze tussenarresten door [eiseres 3], [eiseres
- Internationaal privaatrechtCassatieInternationaal privaatrecht; staatsimmuniteit. Geschil over beëindiging arbeidsovereenkomst werkneemster…
Hoge Raad|17 mei 2024|ECLI:NL:HR:2024:727
toekomende immuniteit van jurisdictie als bedoeld in art. 13a Wet AB (in verbinding met art. 1 Rv), moet zich op deze immuniteit beroepen op de wijze die is voorgeschreven
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|8 december 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA8922
deze (algemeen verbindend verklaarde) CAO bevat een afwijking van de in art. 179 lid 1 Rv. neergelegde hoofdregel dat bewijs door alle middelen kan worden geleverd. Door getuigenbewijs als bewijsmiddel te aanvaarden
- Civiel recht overigCassatieOndernemingsrecht. Intrekking door SNS Bank en SNS Reaal van afgegeven art. 2:403 BW-verklaringen; verzet van…
Hoge Raad|31 maart 2017|ECLI:NL:HR:2017:546Aangehaald in 5 uitspraken
ondernemingskamer heeft de verzetprocedures gezamenlijk behandeld en op de voet van art. 997 lid 1 Rv bij één beschikking in alle zaken uitspraak gedaan. In een dergelijk geval mag bij één verzoekschrift
- Civiel recht overigCassatieIPR, internationaal publiekrecht. Bevoegdheid Nederlandse rechter inzake vorderingen tot opheffing van in…
Hoge Raad|22 februari 2019|ECLI:NL:HR:2019:292Aangehaald in 5 uitspraken
Brussel I-bis is de Hoge Raad niet gebonden aan de in art. 419 lid 1 Rv bedoelde middelen waarop het cassatieberoep rust (zie HvJEU 15 november 1983, zaak 288/82, ECLI
- Civiel recht overigCassatieGezondheidsrecht, Wkkgz. Art. 9 lid 6 en art. 10 lid 3 Wkkgz. Vraag of nabestaanden van cliënt op grond van…
Hoge Raad|10 februari 2023|ECLI:NL:HR:2023:202Aangehaald in 5 uitspraken
onderzoek rond het overlijden van de zoon. (rov. 3.7.1) Op grond van art. 843a lid 1 Rv kan degene die daarbij rechtmatig belang heeft op zijn kosten inzage, afschrift of uittreksel vorderen
- InsolventierechtCassatieFaillissementsrecht; ontvankelijkheid van op de voet van art. 67 lid 1 F. ingesteld hoger beroep tegen de…
Hoge Raad|2 juni 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV2661
oordeel was, het beroepschrift wel overeenkomstig art. 359 in verbinding met art. 278 lid 1 Rv. de grond voor het beroep bevatte, te weten in nr. 6: "Appellanten zijn door de beschikking
- Civiel recht overigCassatie11 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/283HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1…
Hoge Raad|11 februari 2005|ECLI:NL:HR:2005:AR4474
Onderdeel 2.1 keert zich tevergeefs tegen het oordeel van het hof dat art. 455 lid 1 Rv. niet van overeenkomstige toepassing is op een conservatoir beslag als destijds door [verweerder
- Personen- en familierechtCassatiePrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Beschermingsbewind. Art. 3 lid 5, aanhef en…
Hoge Raad|17 juli 2026|ECLI:NL:HR:2026:1281
Rv. De eerste volzin van art. 798 lid 1 Rv houdt in dat onder belanghebbende wordt verstaan degene op wiens rechten of verplichtingen de zaak rechtstreeks betrekking heeft. De beloning
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.