158 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Beslag- en executierecht. Overgang door fusie (art. 2:309 BW) van…
Hoge Raad|30 oktober 2015|ECLI:NL:HR:2015:3197Aangehaald in 5 uitspraken
vervoegd bij de voorzieningenrechter teneinde deze in kort geding als bedoeld in art. 438 lid 4 Rv tussen Achmea als executant en [A] als geëxecuteerde te doen beslissen over de vraag
- OndernemingsrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Ondernemingsrecht
Hoge Raad|18 april 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF2161Aangehaald in 14 uitspraken
18 april 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/045HR (OK 104) AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. RODAMCO NORTH AMERICA N.V. in liquidatie ("RNA"), gevestigd te Rotterdam, 2. [verzoeker 2], wonende te [woonplaats], Verenigde Staten van Amerika, 3. [verzoeker 3], wonende te [woonplaats], Verenigde…
- InsolventierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Insolventierecht
Hoge Raad|22 december 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA9131
verweerster] op 18 september 1997 gedagvaard en daarbij op de voet van art. 477a lid 4 Rv. de onder 1 vermelde vordering ingesteld, strekkende tot nakoming van haar
- Europees civiel rechtCassatieAanbestedingsrecht. Europees recht. Onduidelijkheid moment waarop dwangsom op naleving gebod wordt verbeurd.
Hoge Raad|28 mei 2021|ECLI:NL:HR:2021:792
dictum bepaald, en ook niet op de voet van art. 611a lid 4 Rv bepaald dat NS Stations pas na verloop van een zekere termijn een dwangsom zal verbeuren. Daarmee
- Civiel recht overigCassatieCassatie. Wet griffierechten burgerlijke zaken; art. 282a, 427b Rv. Niet-ontvankelijkheid in verband met niet…
Hoge Raad|9 december 2011|ECLI:NL:HR:2011:BU7291
gedaan op het buiten toepassing laten van laatstgenoemde bepalingen op de in art. 282a lid 4 Rv. genoemde grond (de 'hardheidsclausule'). Betoogd wordt dat, indien de moeder niet-ontvankelijk wordt verklaard
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Art. 31 Rv. Herstelvonnis. Dictum in eindvonnis strijdig met bindende eindbeslissing in…
Hoge Raad|28 november 2025|ECLI:NL:HR:2025:1805
daarvan op de voet van art. 31 Rv staat geen voorziening open (art. 31 lid 4 Rv). Om toch te kunnen worden ontvangen in het hoger beroep volstaat dat een doorbrekingsgrond wordt
- Civiel recht overigCassatie1. Onderneming in de zin van art. 1 Handelsnaamwet. 2. Vraag of onder ‘het publiek’, waarbij verwarring is te…
Hoge Raad|24 december 1976|ECLI:NL:HR:1976:AC5861
verbinden op de voet van een zelfstandig verzoek als bedoeld in artikel 429-h lid 4 Rv., in haar verweerschrift op te nemen. Ad grief III: Volgens Tandem is het terrein waarop
- OndernemingsrechtCassatieOndernemingsrecht, procesrecht. Uitkoopprocedure (art. 2:92a BW). Verstekarrest tegen de gezamenlijke andere…
Hoge Raad|1 oktober 2021|ECLI:NL:HR:2021:1407Aangehaald in 5 uitspraken
Fortbet heeft op 2 november 2018 het verstekarrest overeenkomstig het bepaalde in art. 54 lid 4 Rv bij exploot, gericht aan de gezamenlijke andere aandeelhouders in Fortuna, doen betekenen aan het parket
- Civiel recht overigCassatieContractenrecht. Franchiseovereenkomst supermarkt. Ontbinding, omvang schadevergoeding. Berekening gederfde…
Hoge Raad|15 september 2017|ECLI:NL:HR:2017:2372
bepaling dat tegen de verbetering of weigering daarvan geen voorziening openstaat (art. 31 lid 4 Rv). Het hof merkt voor zover nodig nog op dat thans nog niet kan worden beoordeeld
- Civiel recht overigCassatie25 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C04/063HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de besloten…
Hoge Raad|25 juni 2004|ECLI:NL:HR:2004:AP0955
hierna de EG-betekeningsverordening) en met inachtneming van art. 56 lid 2 tot en met 4 Rv. Ingevolge deze bepalingen dient een deurwaarder die is aangewezen als verzendende instantie als bedoeld
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Verschoningsrechtincident. Beslissing gegeven door meervoudige kamer hof…
Hoge Raad|31 januari 2025|ECLI:NL:HR:2025:162Aangehaald in 5 uitspraken
meervoudige kamer te verzoeken, aldus het onderdeel. 4.1.2 Op grond van art. 15 lid 4 Rv dan wel art. 16 lid 5 Rv kan de meervoudige kamer van de rechtbank respectievelijk
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Cassatie, verstekverlening, exploot van dagvaarding met formeel gebrek, relatieve nietigheid…
Hoge Raad|22 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AZ3679
overeenkomstig de EG-Betekeningsverordening en met inachtneming van art. 56 lid 2 tot en met 4 Rv. De voor Storaenso bestemde oorspronkelijke dagvaarding is op de voet
- Civiel recht overigCassatieWSNP. Vaststelling vrij te laten bedrag (art. 295 Fw), beslagvrije voet (art. 475d lid 4 (oud) Rv). Is de…
Hoge Raad|17 april 2020|ECLI:NL:HR:2020:746
heeft mogen vasthouden aan het normbedrag van € 135,--. Op grond van art. 475d lid 4 Rv behoren alle zorgverzekeringspremies te leiden tot een verhoging van de beslagvrije voet. Dit volgt
- Civiel recht overigCassatieHuurrecht woonruimte. Verzoek huurder ex art. 7A:1623i lid 2 BW (thans art. 7:268 BW) tot voortzetting…
Hoge Raad|28 april 1989|ECLI:NL:HR:1989:AD0761
ingediende verzoek worden opgenomen nu het met onderwerp daarvan de door art. 429 h lid 4 Rv. vereiste samenhang heeft. Tenslotte klaagt het middel er tevergeefs over dat het verzoek tot vaststelling
- Personen- en familierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Personen- en familierecht
Hoge Raad|6 december 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE9402
deze tussenbeschikking niet open (art. 401a lid 2 Rv. in verbinding met art. 426 lid 4 Rv.). 4. Beslissing De Hoge Raad verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn beroep. Deze beschikking
- Personen- en familierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Personen- en familierecht
Hoge Raad|30 maart 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB0809
zodat de vader in zijn desbetreffende klacht op grond van art. 399 jo. 426 lid 4 Rv. niet-ontvankelijk is(2). 2.1.9 Onderdeel 5 acht het oordeel van het hof onbegrijpelijk, indien
- Civiel recht overigCassatieOctrooirecht. Procesrecht. Grondslag vordering. Toepasselijkheid art. 85 lid 1 Rv. Is beroep gedaan op…
Hoge Raad|10 juli 2015|ECLI:NL:HR:2015:1872
gevolg dat de rechter met die stukken geen rekening houdt. Artikel 120 lid 4 Rv heeft, anders dan Xingraphics c.s. menen, geen betrekking op stukken als bedoeld in artikel 85 Rv, maar
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|6 oktober 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA7359
Sensor-houder van Gillette worden gebruikt." 1.6. A & P heeft tijdig (art. 295 lid 4 Rv) cassatieberoep ingesteld. Gillette heeft geconcludeerd tot verwerping van dit beroep en heeft van haar kant
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.