9 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieOndernemingsrecht; tegenstrijdig belang in de zin van art. 2:256 BW, materieel begrip, maatstaf, door…
Hoge Raad|29 juni 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA0033Aangehaald in 56 uitspraken
Ondernemingsrecht; tegenstrijdig belang in de zin van art. 2:256 BW, materieel begrip, maatstaf, door bestuurder in acht te nemen gedragsnorm; toelaatbaarheid van een beroep op art. 2:256, stelplicht- en bewijslast … zich terecht erop beroept dat zij destijds wegens tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW onbevoegd was vertegenwoordigd en dat zij daarom niet aan het beding desbetreffende het voorkeursrecht
- Civiel recht overigCassatieOndernemingsrecht. Geschil tussen de curator in het faillissement van een holdingvennootschap en…
Hoge Raad|14 juli 2006|ECLI:NL:HR:2006:AV6954
geen besluit had genomen tot aanwijzing van een bijzondere vertegenwoordiger als bedoeld in art. 2:256 BW; derdenbescherming, strekking art. 2:256 BW, onderzoeksplicht derde naar mogelijk onbevoegde vertegenwoordiging wegens tegenstrijdig belang … bestuurder van Olie B.V. en Bouwhout B.V. een tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW had, en dat de Bank daarvan op de hoogte was dan wel had behoren
- Civiel recht overigCassatieOndernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder…
Hoge Raad|9 oktober 2009|ECLI:NL:HR:2009:BI7141
Ondernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder. Ontbreken uitdrukkelijk aanwijzingsbesluit. Uit omstandigheden af te leiden voldoende bewustheid bij aandeelhouder van tegenstrijdig belang en ondubbelzinnige instemming … omstandigheden van het geval is het niet in strijd met de beschermingsgedachte van art. 2:256 BW om aan het enkele ontbreken van een formeel aanwijzingsbesluit niet het gevolg te verbinden
- Civiel recht overigCassatieOndernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder…
Hoge Raad|9 oktober 2009|ECLI:NL:HR:2009:BI7129Aangehaald in 5 uitspraken
Ondernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder. Ontbreken uitdrukkelijk aanwijzingsbesluit. Ook als de bestuurder tevens enig aandeelhouder is, is een uitdrukkelijk besluit van de aandeelhouders … genomen, maar dat in de gegeven omstandigheden voldaan is aan de strekking van art. 2:256 BW en [betrokkene 2] moet worden geacht te zijn aangewezen als vertegenwoordiger
- Civiel recht overigCassatieVennootschapsrecht. Verzoek tot heropening van vereffening van een ontbonden vennootschap; tegenstrijdig…
Hoge Raad|21 maart 2008|ECLI:NL:HR:2008:BC1849Aangehaald in 10 uitspraken
heropening van vereffening van een ontbonden vennootschap; tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW, aanwijzing van bijzonder vertegenwoordiger; beroep op onbevoegdheid door vennootschap, gevolgen onbevoegd verrichte rechtshandelingen, geen verjaring … gebreke van een aanwijzingsbesluit van de algemene vergadering van aandeelhouders als bedoeld in art. 2:256 BW, niet bevoegdelijk werd vertegenwoordigd door haar bestuurder NSI. Op die onbevoegde vertegenwoordiging kan Pinakel, althans
- Civiel recht overigCassatieOndernemingsrecht. Enquête. Voorlopige voorziening opgeheven. Tegenstrijdig belang bestuurders (art. 2:256…
Hoge Raad|16 april 2010|ECLI:NL:HR:2010:BL6182
Ondernemingsrecht. Enquête. Voorlopige voorziening opgeheven. Tegenstrijdig belang bestuurders (art. 2:256 BW)? (art. 81 RO). 16 april 2010 Eerste Kamer 09/00932 EE/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: SINT
- Civiel recht overigCassatieVennootschapsrecht. Onbevoegde vertegenwoordiging? Strekking art. 2:256 BW. Voor toepassing art. 2:256 niet…
Hoge Raad|14 oktober 2011|ECLI:NL:HR:2011:BR0119Aangehaald in 6 uitspraken
Vennootschapsrecht. Onbevoegde vertegenwoordiging? Strekking art. 2:256 BW. Voor toepassing art. 2:256 niet vereist dat zeker is dat rechtshandeling daadwerkelijk tot benadeling vennootschap zal leiden, doch voldoende dat sprake … worden vooropgesteld (HR 29 juni 2007, LJN BA0033, NJ 2007/420). De strekking van art. 2:256 BW is te voorkomen dat de bestuurder bij zijn handelen zich (met name) laat leiden door
- Civiel recht overigCassatieVennootschapsrecht; onbevoegde vertegenwoordiging en tegenstrijdig belang (art. 2:256 BW). Geschil tussen een…
Hoge Raad|8 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AZ2655
Vennootschapsrecht; onbevoegde vertegenwoordiging en tegenstrijdig belang (art. 2:256 BW). Geschil tussen een moedervennootschap en een derde over haar aansprakelijkheid - uit hoofde van garantstelling - tot vergoeding van de schade die deze derde
- Civiel recht overigCassatie9 juli 2004 Eerste Kamer Nr. C03/057 HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DUPLICADO B.V…
Hoge Raad|9 juli 2004|ECLI:NL:HR:2004:AP4394
door de curator aangevoerde feiten een beroep op het bepaalde in art. 2:256 BW, te weten dat [betrokkene 1] uit hoofde van een tegenstrijdig belang met Graphics niet bevoegd was Graphics … partijen in de gelegenheid te stellen in te gaan op de vraag of art. 2:256 BW van toepassing is, nu, kort gezegd, de curator zich daarop niet had beroepen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.