408 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|19 januari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AA9561
Fw zien op de gewone beëindiging van de schuldsaneringsregeling. Overigens staat in art. 354 lid 3 Fw, dat de rechter de beslissing kán aanhouden; het gaat om een discretionaire bevoegdheid(8). Bovendien … rechtbank. 2 Binnen 8 dagen: art. 351 lid 2 in verbinding met art. 342 lid 3 Fw. Het cassatieverzoek is door een advocaat bij de HR ondertekend: art. 361 lid 2 Fw
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|10 november 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA8255
geschieden dan bij de summiere behandeling van de aanvraag als bedoeld in art. 6, lid 3 Fw; dat derhalve de aanvraag tot faillietverklaring van X op de door het Hof gebezigde grond … vernietiging van het bestreden arrest, ondanks het rechtsmiddelenverbod van art. 15 lid 3 Fw, meebrengt dat de provincie en de gemeente ook zijn ontheven van hun daarin vervatte veroordeling in de faillissementskosten
- Civiel recht overigInsolventierecht. Schuldsanering. Hoger beroep tegen beslissing rechter-commissaris (art. 315 Fw)…
Parket bij de Hoge Raad|6 september 2021|ECLI:NL:PHR:2021:809
schuldsaneringstitel. 2.4 De schuldsaneringstitel bevat meerdere uitzonderingen op het rechtsmiddelenverbod. Zo bepaalt art. 292 lid 3 Fw dat de schuldenaar hoger beroep kan instellen tegen de uitspraak tot afwijzing van het verzoek … looptijd van de schuldsaneringsregeling wordt gewijzigd; ook daartegen is hoger beroep (art. 349a lid 3 Fw) en cassatieberoep (art. 349a jo. art. 351 lid 5 Fw) mogelijk. 2.5 Verder bepaalt
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. WSNP. Verzoek toelating tot schuldsaneringsregeling; art. 288 lid 2 sub d Fw.
Parket bij de Hoge Raad|1 februari 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BY0964
jaar lijkt te koppelen aan de negatieve gronden voor tussentijdse beëindiging van artikel 350 lid 3 Fw, te weten het daar bepaalde sub d tot en met g. Nergens in de parlementaire … verlening van een schone lei, wordt een beroep gedaan op de in artikel 288 lid 3 Fw voorziene 'hardheidsclausule'. Dit beroep kan niet slagen.((6)) In de eerste plaats is deze hardheidsclausule
- Civiel recht overig9 juli 2004 Eerste Kamer Nr. C02/248HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende…
Parket bij de Hoge Raad|9 juli 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO9898
rechtsopvatting. 3.16. Andere wettelijke voorschriften, die verrekening verbieden of beperken, worden door art. 53 lid 3 Fw niet verkort (tenzij de wet dit zelf bepaalt, zoals art. 53 lid 3 Fw doet
- InsolventierechtWSNP-zaak. Verplichting tot medewerking aan verkoop eigen woning. Op tijd op zoek naar alternatieve…
Parket bij de Hoge Raad|22 maart 2024|ECLI:NL:PHR:2024:331
349a lid 2 Fw). Ook de rechtbank kan de termijn nadien wijzigen (art. 349a lid 3 Fw). 3.5 In deze zaak heeft de rechtbank de termijn van de schuldsaneringsregeling aan het einde … Fw is geëindigd. 3.6 In de hier toepasselijke versie van art. 349a lid 2 en 3 Fw is niet omschreven onder welke omstandigheden de rechter-commissaris respectievelijk de rechtbank de termijn
- Civiel recht overigProcesrecht, insolventierecht. Verzoek tot schorsing cassatieprocedure op grond van art. 28 Fw nadat…
Parket bij de Hoge Raad|10 januari 2014|ECLI:NL:PHR:2014:15
thans aan de orde is, is bijna twee maanden later ingediend. 2.2.1 Art. 14 lid 3 Fw. bepaalt dat het vonnis dat strekt tot faillietverklaring onverwijld door de curator in de Nederlandsche … aangenomen toepasselijkheid van de artikelen 28 en 29 Fw., acht slaan op art. 28 lid 3 Fw. Immers valt aan te nemen dat het doen van het onderhavige verzoek kostbaarder
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. Insolventierecht; goederenrecht. Pandhouder vraagt faillissement panddebiteur aan. Is…
Parket bij de Hoge Raad|30 juni 2017|ECLI:NL:PHR:2017:664
faillietverklaring en over de positie van de pandhouder. De faillissementsaanvraag 3.2. Volgens art. 6 lid 3 Fw wordt de faillietverklaring op verzoek van een schuldeiser uitgesproken, indien blijkt dat deze een vorderingsrecht … gaan. In dat geval was immers niet voldaan aan de eisen van art. 6 lid 3 Fw en is het faillissement ten onrechte uitgesproken. Een uitzondering op het voorgaande is gemaakt
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|18 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD4939
uitdrukking te brengen dat de in art. 1 lid 1 en art. 6 lid 3 Fw bedoelde toestand zich niet slechts laat afleiden uit hetgeen in rov. 2.3 is vastgesteld, maar … toestand dat hij heeft opgehouden te betalen (art. 1 lid 1 en art. 6 lid 3 Fw). Voor het bestaan van deze toestand is tenminste vereist, dat de schuldenaar meer dan één
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging, art. 350 Fw. Schending sollicitatieplicht…
Parket bij de Hoge Raad|27 juni 2014|ECLI:NL:PHR:2014:680
Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging, art. 350 Fw. Schending
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Actio Pauliana (art. 42 Fw). Betaling door directeur gefailleerde BV…
Parket bij de Hoge Raad|18 maart 2016|ECLI:NL:PHR:2016:141
vermoeden te weerleggen. Ten aanzien van VMBS geldt op grond van art. 42 lid 3 Fw dat, nu het gaat om rechtshandelingen om niet, op haar de verplichting rust te stellen … gesteld dat het rechtshandelingen om niet zou betreffen (met het oog op art. 42 lid 3 Fw). De curator is er kennelijk ook zelf vanuit gegaan dat het rechtshandelingen anders
- Civiel recht overigWSNP. Vaststelling vrij te laten bedrag (art. 295 Fw), beslagvrije voet (art. 475d lid 4 (oud) Rv). Is de…
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 2020|ECLI:NL:PHR:2020:117
rechter-commissaris nodig is om de hoogte daarvan vast te stellen. 3.8 Art. 295 lid 3 Fw bepaalt dat de rechter-commissaris de beslagvrije voet op verzoek van de schuldenaar, de bewindvoerder … terugwerkende kracht worden gegeven, zo vermeldt de slotzin van art. 295 lid 3 Fw. 3.9 De beslagvrije voet en het nominale bedrag worden tezamen het ‘vrij te laten bedrag’ (vtlb) genoemd
- InsolventierechtInvorderingszaak; Faillissementsrecht en beslag- en executierecht. Verzoek op voet van art. 481 Rv. tot…
Parket bij de Hoge Raad|20 februari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BG7729
Invorderingszaak; Faillissementsrecht en beslag- en executierecht. Verzoek op voet van art. 481 Rv. tot benoeming van rechter-commissaris voor de verdeling van netto-executieopbrengst van door Ontvanger beslagen roerende zaak met inachtneming van rangregeling kan plaatsvinden; verhaalsrecht beslaglegger buiten…
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Bevoegdheid van curator in het faillissement van een moedermaatschappij op grond van…
Parket bij de Hoge Raad|19 december 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BG1117
Faillissementsrecht. Bevoegdheid van curator in het faillissement van een moedermaatschappij op grond van art. 68 F. de rechten uit te oefenen die zijn verbonden aan de onder zijn beheer vallende aandelen in een dochtermaatschappij.
- InsolventierechtWSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1332
worden beëindigd, onder meer op verzoek van een schuldeiser, op de in art. 350 lid 3 Fw genoemde gronden. Een van die gronden is dat feiten en omstandigheden bekend worden … ontstaan of onbetaald laten van zijn schulden, onder controle heeft gekregen (art. 288 lid 3 Fw). 3.1.3 Er bestaat volgens de stellingen van [de schuldeiser] een tegenstrijdigheid tussen het verweer
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Verbod op verrekening door de bank van inkomende betalingen op rekening van klant als…
Parket bij de Hoge Raad|19 september 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1012
Faillissementsrecht. Verbod op verrekening door de bank van inkomende betalingen op rekening van klant als bank niet te goeder trouw is (art. 54 lid 1 Fw). Kunnen wel nog uitgaande betalingen uit de inkomende betalingen worden gedaan (de zogeheten salderingsleer)? Verplichting bank om betalingsopdrachten uit te…
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Verbod op verrekening door de bank van inkomende betalingen op rekening van klant als…
Parket bij de Hoge Raad|19 september 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1013
Faillissementsrecht. Verbod op verrekening door de bank van inkomende betalingen op rekening van klant als bank niet te goeder trouw is (art. 54 lid 1 Fw). Kunnen wel nog uitgaande betalingen uit de inkomende betalingen worden gedaan (de zogeheten salderingsleer)? Verplichting bank om betalingsopdrachten uit te…
- InsolventierechtArt. 81 RO. WSNP. Afwijzing verzoek tot toelating tot schuldsaneringsregeling; art. 288 lid 1 onder a F.
Parket bij de Hoge Raad|28 oktober 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT6899Aangehaald in 5 uitspraken
Hoge Raad ingekomen op 21 februari 2011, overeenkomstig de in art. 292 lid 3 Fw genoemde cassatietermijn van 8 dagen. De achtste dag viel immers op zaterdag 19 februari 2011, gezien
- InsolventierechtWSNP. Tussentijds beëindiging schuldsaneringsregeling. Procesrecht; termijn indiening aanvullend…
Parket bij de Hoge Raad|13 november 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BJ8338Aangehaald in 6 uitspraken
hetgeen ook onder oud recht (art. 355 lid 2 in verbinding met art. 341 lid 3 Fw) het geval was(7). Er is daarom onvoldoende reden om aan te nemen
- InsolventierechtWSNP. Cassatieberoep tegen afwijzing verzoek om toepassing van schuldsaneringsregeling uit te spreken niet…
Parket bij de Hoge Raad|22 december 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BK3183
arrest van 27 augustus 2009. 2. Op grond van art. 292 lid 5 jo. lid 3 Fw. bedroeg de cassatietermijn acht dagen. Deze termijn verstreek derhalve op vrijdag 4 september
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.