1.958 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG. Liquidatie criminele milieu in Breda. Middel 1: klacht over onjuiste beëdiging raadsheren Den…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2023|ECLI:NL:PHR:2023:1087
Conclusie AG. Liquidatie criminele milieu in Breda. Middel 1: klacht over onjuiste
- Strafrecht overigConclusie AG. Voorhanden hebben van vals paspoort (art. 231 lid 2 Sr). Het eerste middel komt met twee…
Parket bij de Hoge Raad|15 oktober 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1054
tweede middel klaagt dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM in de cassatiefase is overschreden omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden. 16. Namens … instellen van het cassatieberoep, waarmee de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM wordt overschreden. Om de redenen als vermeld in randnummer 16 meen ik dat de Hoge Raad
- Strafrecht overigConclusie AG. Onderzoek “Monte Leone”. Grootschalige handel in valse Britse 1 pondmuntstukken…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2025|ECLI:NL:PHR:2025:814
over de rechtsgevolgen van overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM aan te passen. In het arrest HR 8 september 2015, ECLI
- Strafrecht overigProfijtontneming, w.v.v. uit grootschalige internationale handel in harddrugs in georganiseerd verband. Heeft…
Parket bij de Hoge Raad|6 oktober 2020|ECLI:NL:PHR:2020:1115
voordeelsontneming door middel van een maatregel ex artikel 36e Sr is artikel 6 lid 1 EVRM van toepassing. Uit de jurisprudentie van de Hoge Raad kan bovendien worden afgeleid … tweede middel behelst de klacht dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM in de cassatiefase is overschreden, omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden
- Strafrecht overigVeroordeling o.g.v. art. 78.1 APV ’s-Gravenhage 1982: zonder daartoe bevoegd te zijn op de drempel van een…
Parket bij de Hoge Raad|28 maart 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV1613
zoals neergelegd in art. 1 lid 1 Sr, art. 16 Grondwet en art. 7 lid 1 EVRM, nu de daarin vervatte verbodsbepaling te vaag, dan wel onvoldoende bepaald … feit is strafbaar dan uit kracht van een daaraan voorafgegane wettelijke strafbepaling" Art. 7 lid 1 EVRM (eerste volzin): "Niemand mag worden veroordeeld wegens een handelen of nalaten, dat geen strafbaar feit
- Civiel recht overig17 juni 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R05/039HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|17 juni 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT4078
herhaald(10). In twee daarmee vergelijkbare Italiaanse zaken werd zelfs strijd met art. 6 lid 1 EVRM aangenomen, omdat de nationale rechter het beroep van een gedetineerde tegen een bepaalde maatregel betreffende … Aldus ontbrak een "decision on the merits of the appeals"(11). Overigens: art. 6 lid 1 EVRM geeft niet per se aanspraak op een behandeling door twee of meer gerechtelijke instanties. Wanneer
- BelastingrechtAanpassing algemene uitgangspunten en regels voor gevallen waarin een fiscale bestuurlijke boete in het…
Parket bij de Hoge Raad|19 december 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BD0191
toelichting onder meer: "Overschrijding redelijke termijn als bedoeld in onder meer artikel 6, lid 1, EVRM De opvatting van het Hof dat de redelijke termijn begint te lopen vanaf het moment waarop … vraag wanneer in fiscale boetezaken de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, lid, 1, EVRM wordt overschreden en wat de gevolgen van een dergelijke overschrijding zijn. 4.2 Ten aanzien
- Strafrecht overig27 mei 2003 Strafkamer nr. 00134/03 U ES/DAT Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen…
Parket bij de Hoge Raad|27 mei 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF7313
enig hem ingevolge art. 6, eerste lid, EVRM toekomend recht dat de ingevolge art. 1 EVRM op Nederland rustende verplichting om dat recht te verzekeren, aan de nakoming … betekent dat de verdragsrechtelijke verplichting tot uitlevering slechts dan moet wijken voor de ingevolge art. 1 EVRM op Nederland rustende verplichting om de rechten van dat verdrag te verzekeren indien (a) blijkt
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming van vijf aan aantreffen hennepkwekerij voorafgaande hennepoogsten is t.a.v…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2023|ECLI:NL:PHR:2023:990
feiten hoeft niet te berusten op de inhoud van wettige bewijsmiddelen. , 11. Artikel 6 lid 1 EVRM is van toepassing op de ontnemingsprocedure. De toepasselijkheid van artikel 6 EVRM betekent
- Strafrecht overigConclusie AG. Vervolg op 22/04217 P. Middel klaagt over de overschrijding van de redelijke termijn in…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1383
feitenrechter ambtshalve dient te onderzoeken of inbreuk is gemaakt op artikel 6 lid 1 EVRM wegens schending van de redelijke termijn. Van dat onderzoek moet blijken in de uitspraak als ter terechtzitting … verzuim heeft plaatsgehad: een schending van de in artikel 6 lid 1 EVRM bedoelde ‘redelijke termijn’ in een bepaalde fase in het geding, (b) op welke gronden moet worden aangenomen
- Strafrecht overigConclusie AG. Strafoplegging, art. 57 en 63 Sr. 1. Had het hof een eerdere veroordeling in de strafoplegging…
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1168
regel sprake is van overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM indien de behandeling van de zaak ter terechtzitting niet binnen zestien maanden na het instellen … instellen van het cassatieberoep. Daarmee is de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM geschonden. Dit dient te leiden tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf naar de gebruikelijke maatstaf
- Strafrecht overigConclusie AG. Medeplegen voorbereidingshandelingen art. 10a Opiumwet. Middelen over bewijsvoering voltooiing…
Parket bij de Hoge Raad|7 maart 2023|ECLI:NL:PHR:2023:277
tweede middel behelst de klacht dat de redelijke termijn, bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM, is overschreden, omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden. De bewijsconstructie … tweede middel behelst de klacht dat de redelijke termijn, bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM, in de cassatiefase is overschreden, omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden
- Strafrecht overigConclusie AG. Medeplegen voorbereidingshandelingen art. 10a Opiumwet. Middelen over bewijsvoering voltooiing…
Parket bij de Hoge Raad|7 maart 2023|ECLI:NL:PHR:2023:275
tweede middel behelst de klacht dat de redelijke termijn, bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM, is overschreden, omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden. De bewijsconstructie … tweede middel behelst de klacht dat de redelijke termijn, bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM, in de cassatiefase is overschreden, omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden
- Strafrecht overigConclusie AG. Tallon-criterium bij op de verdachte gerichte inzet van een lok-tas. Het middel faalt…
Parket bij de Hoge Raad|18 augustus 2026|ECLI:NL:PHR:2026:773
Deze vraag heeft een mensenrechtelijke component en vergt een toets aan artikel 6 lid 1 EVRM. Waar gaat het (passieve) ‘bieden van gelegenheid’ over in het (actieve) ‘aanzetten tot een misdrijf … Eisen van adversarial proceedings en equality of arms (die besloten liggen in art. 6 lid 1 EVRM) dwingen dus tot een adequate judicial review of an entrapment defence . Ter toelichting: het begrip
- Strafrecht overigUitlevering aan Moldavië. Verweer dat de opgeëiste persoon is gefolterd in verband met de zaak waarvoor zijn…
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA0875
enig hem ingevolge art. 6, eerste lid, EVRM toekomend recht dat de ingevolge art. 1 EVRM op Nederland rustende verplichting om dat recht te verzekeren in de weg staat aan nakoming … betekent dat de verdragsrechtelijke verplichting tot uitlevering slechts dan moet wijken voor de ingevolge art. 1 EVRM op Nederland rustende verplichting om de rechten van dat verdrag te verzekeren indien (a) blijkt
- Strafrecht overigOntnemingszaak en verweer uit hoofdzaak. Voorop moet worden gesteld dat aan de rechter, oordelend op de…
Parket bij de Hoge Raad|13 juni 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV6199
consequenties werden verbonden aan het zwijgen van verdachte geen schending van artikel 6 lid 1 EVRM, ook niet wanneer daarbij in aanmerking wordt genomen dat aan verdachte rechtskundige bijstand gedurende de eerste … beroep gedaan op artikel 5 EVRM of op artikel 9 IVBPR. Alleen artikel 6 lid 1 EVRM is ingeroepen. Het hof heeft het gevoerde verweer tegen die achtergrond beschouwd. Of tevens
- Strafrecht overigConclusie plv-AG. Poging doodslag door het op korte afstand afvuren van een kogel in de buik. Het eerste…
Parket bij de Hoge Raad|11 mei 2021|ECLI:NL:PHR:2021:467
Conclusie plv-AG. Poging doodslag door het op korte afstand afvuren van een kogel in de buik. Het eerste middel dat het hof het verzoek tot het horen van twee getuigen/deskundigen die hebben gerapporteerd over de risico’s van een schotwond in de buik op onjuiste gronden heeft afgewezen, faalt. Het hof achtte zich…
- Personen- en familierecht3 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/145HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1…
Parket bij de Hoge Raad|3 december 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR2782
verzoek laat zien dat onder omstandigheden het minderjarigheidsvereiste een inbreuk vormt op artikel 8 lid 1 EVRM en dat in hun geval ook sprake is van zodanige omstandigheden. Voorts stellen … geconstateerd is dat het recht om te adopteren geen door artikel 8 lid 1 EVRM gegarandeerd recht is, komt het hof niet toe aan toetsing van de door de staat aangelegde beperkingen
- Strafrecht overigConclusie A-G. Uitleg impliciet cumulatieve tenlastelegging. Volgens het hof ziet het hoger beroep op één…
Parket bij de Hoge Raad|27 mei 2025|ECLI:NL:PHR:2025:605
voldaan aan een berechting binnen een redelijk termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM”. In de toelichting op het middel wordt aangevoerd dat het dossier niet binnen 8 maanden … cassatieberoep, zodat ook om die reden de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 lid 1 EVRM in cassatie is overschreden. Gelet op de opgelegde gevangenisstraf van twee maanden en de mate
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|24 januari 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF0205
hetwelk hij in een als vie familiale/family life in de zin van art. 8 lid 1 EVRM aan te merken relatie staat, ligt in deze verdragsbepaling besloten dat zij in beginsel over … eerdergenoemde beschikking van 8 april 1988 heeft overwogen, brengt het bepaalde in art. 8 lid 1 EVRM mee, dat in beginsel aan de biologische vader van een kind die met dat kind
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.