519 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigWerkzaam in de gezondheidszorg ex art. 249.2.3º Sr. Ontucht gepleegd door masseur/hypno-therapeut. HR…
Parket bij de Hoge Raad|17 januari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU8074
daarin kennelijk gebezigd in de betekenis die daaraan toekomt in art. 249 lid 2 sub 3 Sr. 6. De gebezigde bewijsmiddelen houden het volgende in, voor zover thans van belang: - De verdachte … voor de hand" dat alleen die personen de bescherming van art. 249 lid 2 sub 3 Sr verdienen, die zich hebben gewend "tot de van overheidswege gecontroleerde deelnemers aan de gezondheidszorg", zodat
- Strafrecht overigConclusie AG. Klachten over opgelegde vrijheidsbeperkende maatregel a.b.i. art. 38v Sr. Conclusie strekt tot…
Parket bij de Hoge Raad|3 september 2024|ECLI:NL:PHR:2024:881
duur van de maximaal op te leggen vervangende hechtenis als bedoeld in artikel 38w lid 3 Sr wordt overschreden. Het beoordelingskader 7. De rechter kan aan een verdachte een vrijheidsbeperkende maatregel opleggen … maatregel verbonden verplichtingen – wordt voldaan. Op grond van artikel 38w lid 3 Sr geldt van rechtswege dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt
- Strafrecht overigConclusie AG. Ontucht in relatie arts-patient (art. 249 Sr). Is er sprake van een uitzonderlijk geval waarin…
Parket bij de Hoge Raad|5 november 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1073
moet worden vooropgesteld dat met de strafbaarstelling in art. 249, tweede lid aanhef en onder 3°, Sr van "degene die, werkzaam in de gezondheidszorg of maatschappelijke zorg, ontucht pleegt met iemand … hulpverleners. Daarbij is uitgangspunt dat de strafbaarstelling in art. 249, tweede lid aanhef en onder 3°, Sr, gelet op de strekking daarvan, geldt voor alle gevallen waarin tussen de betrokkenen een relatie
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Drie middelen. M3 klaagt over oplegging hoofdelijke betalingsverplichting…
Parket bij de Hoge Raad|22 april 2025|ECLI:NL:PHR:2025:467
vanwege het feit dat de grondslag van de ontnemingsvordering berust op artikel 36e lid 3 Sr en artikel 36e lid 7 Sr een hoofdelijke betalingsverplichting enkel mogelijk maakt indien het voordeel … hoofdelijke betalingsverplichting niet mogelijk is indien de rechter toepassing heeft gegeven aan artikel 36e lid 3 Sr. Artikel 36e lid 7 Sr beperkt immers de oplegging van een hoofdelijke betalingsverplichting
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Vier middelen. M3 klaagt over oplegging hoofdelijke betalingsverplichting…
Parket bij de Hoge Raad|22 april 2025|ECLI:NL:PHR:2025:465
vanwege het feit dat de grondslag van de ontnemingsvordering berust op artikel 36e lid 3 Sr en artikel 36e lid 7 Sr een hoofdelijke betalingsverplichting enkel mogelijk maakt indien het voordeel … hoofdelijke betalingsverplichting niet mogelijk is indien de rechter toepassing heeft gegeven aan artikel 36e lid 3 Sr. Artikel 36e lid 7 Sr beperkt immers de oplegging van een hoofdelijke betalingsverplichting
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. W.v.v. uit o.m. opzettelijk aanwezig hebben van 2.092,24 gram van een…
Parket bij de Hoge Raad|7 april 2020|ECLI:NL:PHR:2020:340
eerste middel klaagt dat het hof ten onrechte toepassing heeft gegeven aan artikel 36e lid 3 Sr, nu op de (in de hoofdzaak) bewezenverklaarde feiten niet de voor die toepassing vereiste geldboete … gram hasjiesj ” een veroordeling voor een feit als bedoeld in artikel 36e lid 3 Sr op. 11. Artikel 36e lid 3 Sr luidt sinds 1 juli 2001 (onderstreping mijnerzijds): “ Op vordering
- Strafrecht overigConclusie AG. Uit winstbejag behulpzaam zijn bij verschaffen wederrechtelijk verblijf van meerdere personen…
Parket bij de Hoge Raad|30 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:656
Conclusie AG. Uit winstbejag behulpzaam zijn bij verschaffen wederrechtelijk verblijf van meerdere personen, begaan door persoon die daar beroep van maakt (art. 197a lid 2 en 4 Sr). Aanvragen verblijfsvergunningen op basis van valse stukken. Vrijspraak in e.a. Falende klachten over (i) kwalificatie “meermalen…
- Strafrecht overigConclusie AG. Eendaadse samenloop van opruiing (art. 131.1 Sr) en bedreiging met enig misdrijf tegen het…
Parket bij de Hoge Raad|17 september 2024|ECLI:NL:PHR:2024:964
Conclusie AG. Eendaadse samenloop van opruiing (art. 131.1 Sr) en bedreiging met
- Strafrecht overigMishandeling, art. 300 Sr. Klacht over oordeel Hof dat taakstrafverbod ex art. 22b Sr louter een…
Parket bij de Hoge Raad|26 september 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1063
rechter daarnaast een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel oplegt, zo bepaalt art. 22b lid 3 Sr. De rechter zal zijn beslissing in dat geval moeten motiveren. Het betreft … gevangenisstraf van een maand heeft opgelegd, heeft het hof van de in art. 22 lid 3 Sr opgenomen uitzonderingsmogelijkheid zoals gezegd geen gebruik gemaakt. De steller van het middel stelt zich
- Strafrecht overigConclusie AG. Werkzaam in de maatschappelijke zorg, ontucht plegen met iemand die zich als cliënt aan zijn…
Parket bij de Hoge Raad|2 december 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1321
meent dat er geen sprake is van een situatie waarop art. 249 lid 2 sub 3 Sr betrekking heeft. Cliënt valt niet onder degenen die opgesomd zijn in dat artikel. Voorts geldt … werkzaamheden in de gezondheidszorg of maatschappelijke zorg zoals bedoeld in art. 249 lid 2 sub 3 Sr. En ook kan niet gezegd worden dat [aangeefster 1] zich als patiënt of als cliënt
- Strafrecht overigBeklag, beslag ex art. 94a Sv. Vervolg op ECLI:NL:HR:2015:139. Falende klachten over: onjuiste…
Parket bij de Hoge Raad|25 oktober 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1318
tenlastegelegd. Voorts zou dat voordeel kunnen worden ontnomen op grond van art. 36e lid 3 Sr, zoals ook de Rechtbank in haar tussenbeslissing van 29 november 2013 expliciet heeft overwogen. 8. Gelet … voet van het bepaalde in art. 36e, leden 1, 2 en 3, Sr te ontnemen. Kennelijk heeft de rechtbank zich daarbij laten leiden door de omstandigheid dat binnen de criminele organisatie
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. w.v.v. uit Opiumwetdelicten. Soortgelijke feiten. Vervolg op HR:2008:BC9411…
Parket bij de Hoge Raad|31 augustus 2021|ECLI:NL:PHR:2021:962
Sr van overeenkomstige toepassing is op voordeelsontneming op grond van artikel 36e lid 3 Sr. 15. In het door de steller van het middel bedoelde arrest HR 29 september 2020, ECLI … verkrijgen van voordeel uit andere strafbare feiten), zoals bedoeld in artikel 36e lid 3 Sr. Een onverdeeld bevestigend antwoord op die vraag ligt niet onmiddellijk voor de hand. Ontneming op grond
- Strafrecht overigConclusie AG. Belaging. Art. 285b Sr. Art. 38v Sr. Art. 38w Sr. Middelen over bewezenverklaring…
Parket bij de Hoge Raad|10 december 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1334
maatregel verbonden verplichting - wordt voldaan. Op grond van artikel 38w lid 3 Sr geldt van rechtswege dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt … verplichtingen wordt voldaan vijf dagen bedraagt, waarbij op grond van artikel 38w lid 3 Sr van rechtswege geldt dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming (n.a.v. Opiumwetdelicten). Oordeel hof dat voldoende aanwijzingen dat…
Parket bij de Hoge Raad|10 januari 2023|ECLI:NL:PHR:2023:32
relevante, meer gunstige bepaling – van toepassing. 12. Artikel 36e lid 1 tot en met 3 Sr luidde tot 1 juli 2011 als volgt: “ 1. Op vordering van het openbaar ministerie … artikel 36e Sr is dat de rechter in geval van toepassing van artikel 36e lid 3 Sr niet gehouden is te concretiseren welke andere strafbare feiten op enigerlei wijze ertoe hebben geleid
- Strafrecht overigConclusie A-G. Vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde straf wegens overtreding van…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1087
verdachte – in zijn hoedanigheid van veroordeelde – in overeenstemming met het bepaalde in art. 14h lid 3 Sr voor de terechtzitting is opgeroepen en zo dit niet het geval is, wat daarvan … terechtzitting gedane vordering kan de officier van justitie niet worden ontvangen. Art. 14h lid 3 Sr bepaalt dat het openbaar ministerie de veroordeelde tot bijwoning van het onderzoek doet oproepen, onder betekening
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Kon het hof w.v.v. uit vennootschap onder firma toerekenen aan firmant?…
Parket bij de Hoge Raad|18 augustus 2026|ECLI:NL:PHR:2026:777
volgende in: “4.1Schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel (…) Ontneming op grond van 36e, lid 3 Sr De rechtbank is van oordeel dat ontneming wel mogelijk is op grond van het bepaalde … artikel 36e, lid 3 Sr. Voor ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel op grond van deze bepaling is vereist dat betrokkene in de hoofdzaak is veroordeeld wegens een misdrijf dat naar de wettelijke
- Strafrecht overigHerziening ten nadele. Art. 482a e.v. Sv. Vivaldi-zaak, waarbij de bedrijfsleider van een Aldi-supermarkt…
Parket bij de Hoge Raad|27 september 2016|ECLI:NL:PHR:2016:904
Herziening ten nadele. Art. 482a e.v. Sv. Vivaldi-zaak, waarbij de bedrijfsleider van een Aldi-supermarkt tijdens een gewapende overval is doodgeschoten. HR beperkt zich tot de beoordeling van de vraag of de aanvraag voldoet aan de eisen van 482a.1a in verbinding met 482a.3b Sv. De aanvraag houdt als het vereiste…
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE1194
delictshandeling te staan dan het vervullen van een zekere hoedanigheid zoals in art. 140 lid 3 Sr is bedoeld. De Hoge Raad heeft steeds genoegen genomen met de omschrijving "hebbende hij, verdachte … argument voor mijn oordeel dat de strafverzwarende omstandigheid van art. 140 lid 3 Sr hier toereikend is omschreven. 6.3. Een ander punt is of het hof het bewezenverklaarde heeft kunnen kwalificeren zoals
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Veroordeling wegens 1. openlijk geweldpleging, 2. medeplegen van dwang en 3. medeplegen…
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:124
Conclusie plv. AG. Veroordeling wegens 1. openlijk geweldpleging, 2. medeplegen van dwang en 3. medeplegen van afdreiging (art. 141, art. 284 en art. 318 Sr). Middelen over 1. de afwijzing van het verzoek tot voeging van stukken, 2. de bewijsvoering feit 1 en 3. de kwalificatie van feit 3. Volgens de plv. AG leiden de…
- Strafrecht overigOostburgse cafémoord. Begunstiging door als bestuurder van de vluchtauto op te treden, art. 189.1.1 Sr. 1…
Parket bij de Hoge Raad|28 september 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1057
Oostburgse cafémoord. Begunstiging door als bestuurder van de vluchtauto op te treden, art. 189.1.1 Sr. 1. Bewijsklacht opzet. Kan alleen tot opzet a.b.i. art. 189.1.1 Sr worden gekomen indien verdachte wist dat er misdrijf was gepleegd en dat degene die hij hielp daarbij betrokken was? 2. Beroep op…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.