Zoekresultaten

Voor “"2:204a BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

8 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Als bestuurder van failliete rechtspersoon aan hem te wijten zijn dat aan verplichtingen ex art. 2:10.1 BW…

    Parket bij de Hoge Raad21 januari 2020ECLI:NL:PHR:2020:220

    Als bestuurder van failliete rechtspersoon aan hem te wijten zijn dat aan verplichtingen ex art. 2:10.1 BW niet is voldaan en dat de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, waarmee volgens dat artikel administratie is gevoerd, niet in ongeschonden staat worden tevoorschijn gebracht (art. 342 (oud) Sr),…

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad6 december 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE8457

    bedrag van de stortingsplicht beliep. 2.3 De leden 1 en 2 van art. 2:204a BW luiden, voor zover hier van belang, als volgt: 1. Indien bij de oprichting inbreng op aandelen … stortingsplicht, in geld uitgedrukt, waaraan met de inbreng moet worden voldaan. (...) Art. 2:204a BW volgt de (nagenoeg) gelijkluidende bepaling ten aanzien van de naamloze vennootschap in art. 2:94a BW

  • Personen- en familierecht
    Afwikkeling huwelijkse voorwaarden; niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding (art. 1:141 lid 1 BW)…

    Parket bij de Hoge Raad29 april 2022ECLI:NL:PHR:2022:405

    Afwikkeling huwelijkse voorwaarden; niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding (art. 1:141 lid 1 BW); belastbaar inkomen; weerlegging vermoeden dat ter volstorting van aandelen ingebrachte eenmanszaak is gevormd uit te verrekenen winsten (art. 1:141 lid 3 BW); goodwill; peildatum; devolutieve werking appel.

  • Personen- en familierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht

    Parket bij de Hoge Raad2 maart 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB0382

    Rekestnummer R00/080 Mr Bakels Parket, 15 december 2000 Conclusie inzake [De vrouw] tegen [De man] (niet verschenen) Edelhoogachtbaar college, 1. Feiten en procesverloop 1.1 Deze zaak betreft de afwikkeling na echtscheiding van een tijdens het huwelijk niet uitgevoerd Amsterdams verrekenbeding. In het bijzonder is aan…

  • Belastingrecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht

    Parket bij de Hoge Raad3 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE2245

    inbreng moet toekennen dan de waarde volgens de inbrengbeschrijving bedoeld in artikel 2:204a BW; in dat geval zal die hogere waarde ook tussen de inbrengster en belanghebbende als waarde

  • Civiel recht overig
    4 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/195HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…

    Parket bij de Hoge Raad4 maart 2005ECLI:NL:PHR:2005:AR6165

    inbrengt "omvattende alle activa van gemelde onderneming". De bij de beschrijving ingevolge art. 2:204a BW behorende balans vermeldt vervolgens slechts een totaalpost "debiteuren" ad f 246.574,--. Het hof overweegt

  • Belastingrecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht

    Parket bij de Hoge Raad15 november 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8776

    inbreng in civielrechtelijke zin dan wel het waarderingstijdstip van de inbrengbeschrijving waarop artikel 2:204a BW het oog heeft? 12. Nu het ingebrachte firma-aandeel vanaf 1 augustus 1993 voor rekening

  • Civiel recht overig
    Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid accountant. Opdracht tot afgeven van inbrengverklaring (art…

    Parket bij de Hoge Raad17 mei 2019ECLI:NL:PHR:2019:521

    accountant in verband met het voorbereiden en afgeven van een inbrengverklaring ex art. 2:204a BW (oud) in het kader van een fusie. 1.2 Het hof heeft die aansprakelijkheid aangenomen

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.