Zoekresultaten

Voor “"2 Sv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

11 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad4 juli 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA6375

    over de cassatieprocedure sluit overigens niet uit dat na verloop van de in art.437 lid 2 Sv bepaalde termijn voor het indienen van een cassatieschriftuur nieuwe klachten worden geuit. De Memorie … stukken toegezonden op 21 oktober 1999, dus nog juist voordat de termijn van art.437 lid 2 Sv verstreek. Gelet op de late toezending van de ontbrekende stukken had misschien aan mr Franken

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad31 oktober 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA7957

    beperken van de duur van de inverzekeringstelling. Binnen de in art. 58 lid 2 Sv gestelde termijn van ten hoogste drie dagen, met de mogelijkheid van een eenmalige verlenging, is de officier

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 november 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA8295Aangehaald in 8 uitspraken

    toen is geconfronteerd met ‘buitengerechtelijke waarnemingen’, hetgeen in strijd zou zijn met art. 309 lid 2 Sv. 10. Reeds de stelling dat uit art. 309 Sv zou voortvloeien dat het de rechter … Sv. 11. Art. 309 lid 2 Sv, waarbij in dit onderdeel van het middel steun wordt gezocht, vormt niet meer dan een bijzondere uitwerking van art. 301 lid 5 Sv, bestemd voor

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad18 april 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5531

    beletsel om ook een ter zitting gedane wijzigingsvordering (naast eventuele onverenigbaarheid met art. 313 lid 2 Sv jo art. 68 Sr) op strijdigheid met die ongeschreven behoorlijkheidsnormen te toetsen, 7 zeker indien … laatste heeft zich in dit geval niet voorgedaan, aangezien het hof overeenkomstig art. 314 lid 2 Sv heeft vastgesteld dat raadsman en verdachte er in toestemden dat het proces zou worden voortgezet

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 november 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA8976

    aandacht vergen en ook niet uit de gebezigde bewijsmiddelen behoeven te blijken (art. 339 lid 2 Sv). Dat zou langs het door verzoeker opgeworpen punt heengaan, aangezien hij er niet over klaagt … terecht voorgesteld, maar dit gebrek zal de Hoge Raad op grond van art. 440 lid 2 Sv zelf kunnen herstellen. 24. In het derde middel wordt betoogd dat de Rechtbank ten onrechte

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 april 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5656

    regeling der verantwoordelijkheid van de hoofden der ministeriële departementen en art. 483 lid 1 en 2 Sv.), derhalve niet door de Hoge Raad (vergelijk HR 6 december 1985, NJ 1986, 244, m.nt.ThWvV

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 maart 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5119

    aantal situaties die in wezen precies het tegenovergestelde vormen van wat art. 423 lid 2 Sv beschrijft, namelijk gevallen waarin de eerste rechter wèl de hoofdzaak heeft behandeld, hoewel

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad11 januari 2000ECLI:NL:PHR:2000:ZD1682

    februari 1999. De artt. 433 (oud) jo 136 lid 1 jo 452 lid 2 Sv vereisen dat de schriftuur binnen dertig dagen nadat beroep in cassatie is ingesteld ter griffie wordt ontvangen

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad21 november 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA8408

    niet als proces-verbaal in de zin van art. 344, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv kan worden aangemerkt en komt art. 344, tweede lid, Sv niet voor toepassing in aanmerking

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad19 december 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA9745

    Vieze smerissen". 4.2. Het hof heeft hieromtrent in zijn aanvulling ex art. 365a lid 2 Sv onder het kopje "nadere bewijsoverweging t.a.v. feit 1", mede gelet op het ter zitting namens verzoeker

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad30 mei 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA6002

    deuren moeten zijn gevoerd. Van een beslissing tot een openbare handeling zoals in art.495b lid 2 Sv voorzien, maakt het proces-verbaal geen melding. De wetgever heeft niet uitdrukkelijk de sanctie

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.