21 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigPandrecht op onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaken. Afstand van eigendomsvoorbehoud; daartoe strekkende…
Parket bij de Hoge Raad|5 september 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1741
door de verkrijger onder eigendomsvoorbehoud op die zaken gevestigd vuistpandrecht nadien is bekrachtigd (art. 3:58 BW), hetzij als gevolg van afstand van het eigendomsvoorbehoud, hetzij door middel van instemming … komt op tegen het oordeel van het hof dat sprake is van convalescentie (art. 3:58 BW). De onderdelen 6 en 7, ten slotte, bestrijden het oordeel van het hof dat Rabobank
- Civiel recht overigRevindicatie Mesdag-schilderij. Uitvoering consignatie-overeenkomst. Rechtsgeldige overdracht door…
Parket bij de Hoge Raad|10 december 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN6386
Revindicatie Mesdag-schilderij. Uitvoering consignatie-overeenkomst. Rechtsgeldige overdracht door tussenpersoon aan derde die aanvankelijk meende een andere Mesdag te hebben ontvangen ten titel van verdeling van gemeenschap? Beroep derde op verkrijging te goeder trouw (art. 3:86 BW), op conversie van overeenkomst tot…
- Civiel recht overigNationaliteitsrecht. Art. 4 RWN. Verkrijging van het Nederlanderschap door bekrachtiging van een nietige erkenning?
Parket bij de Hoge Raad|18 december 2020|ECLI:NL:PHR:2020:1201
Staat verwezen naar het voorbeeld dat wordt genoemd in de MvA II bij art. 3:58 BW: ‘De Commissie heeft zich afgevraagd, of men aan de woorden „als geldig hebben aangemerkt” niet … daarop gerichte, of daartoe strekkende, uitlating, handeling of gedraging. Voor bekrachtiging verlangt art. 3:58 BW (en art. 3:58 BW-SM) dat alle onmiddellijk belanghebbenden die zich op het gebrek hadden
- Civiel recht overigCaribische zaak. Personen- en familierecht. Nationaliteitsrecht; art. 17 RWN, vaststelling Nederlanderschap…
Parket bij de Hoge Raad|24 oktober 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1909
handelt over de bekrachtiging van een nietige rechtshandeling en is gelijkluidend aan art. 3:58 BW van Nederland. Art. 3:58 lid 1 BWC bepaalt dat, wanneer eerst na het verrichten
- Civiel recht overigCaribische zaak. Personen- en familierecht. Nationaliteitsrecht; art. 17 RWN, vaststelling Nederlanderschap…
Parket bij de Hoge Raad|24 oktober 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1906
handelt over de bekrachtiging van een nietige rechtshandeling en is gelijkluidend aan art. 3:58 BW van Nederland. Art. 3:58 lid 1 BWC bepaalt dat, wanneer eerst na het verrichten
- Civiel recht overigVennootschapsrecht. Verzoek tot heropening van vereffening van een ontbonden vennootschap; tegenstrijdig…
Parket bij de Hoge Raad|21 maart 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC1849
Vennootschapsrecht. Verzoek tot heropening van vereffening van een ontbonden vennootschap; tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW, aanwijzing van bijzonder vertegenwoordiger; beroep op onbevoegdheid door vennootschap, gevolgen onbevoegd verrichte rechtshandelingen, geen verjaring op voet van art. 3:52 BW;…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|4 april 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF2844
waarbij de rechtshandeling geoorloofd is, terugwerkende kracht verleent." Ook onder het inmiddels geldende art. 3:58 BW kan mijns inziens niet worden aangenomen, dat een rechtshandeling die nietig is wegens strijd … buiten art. 3:58 omgaat (...)."(30) Voor een eventuele convalescentie op grond van art. 3:58 BW geldt overigens de eis dat "alle onmiddellijk belanghebbenden die zich op dit gebrek (het niet
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Art. 237 Rv. Compensatie van proceskosten. Familierechtelijke zaak?
Parket bij de Hoge Raad|6 januari 2023|ECLI:NL:PHR:2023:121
bekrachtiging (art. 3:69 BW, zo nodig nader ingekleurd door de generalis van art. 3:58 BW), nota bene de tweede pijler waarop de beslissing van het hof rust. 3.6 Tegen
- Civiel recht overigGeschil omtrent de rechtsgeldigheid van door een echtgenoot gedaan beroep op nietigheid van de door de ander…
Parket bij de Hoge Raad|20 januari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU5681
Geschil omtrent de rechtsgeldigheid van door een echtgenoot gedaan beroep op nietigheid van de door de ander aangegane borgtochtovereenkomst; ziet de uitzonderingsbepaling van art. 1:88 lid 5 (voorheen lid 4) BW mede op handelingen van een echtgenoot die bestuurder is van een BV en de aandelen daarvan niet houdt maar…
- Civiel recht overigRechtspersonenrecht. Art. 2:14-2:15 BW. Bestrijding van besluiten i.v.m. ontslag van stichtingbestuurder…
Parket bij de Hoge Raad|5 januari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:17
Rechtspersonenrecht. Art. 2:14-2:15 BW. Bestrijding van besluiten i.v.m. ontslag
- InsolventierechtVennootschapsrecht; faillissementsrecht; procesrecht; bestuurder, kennelijk onbehoorlijke taakvervulling…
Parket bij de Hoge Raad|14 maart 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC1231
Vennootschapsrecht; faillissementsrecht; procesrecht; bestuurder, kennelijk onbehoorlijke taakvervulling bestuurder; aansprakelijkheid; strekking 2:11 en 2:248 lid 7 BW; onverschuldigde betaling; door de rechter zelf aangedragen rechtsgrond.
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Toewijzing door appelrechter van vordering tegen geïntimeerde die in eerste aanleg wel, maar in…
Parket bij de Hoge Raad|10 december 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1163
bekrachtiging door alle belanghebbenden als geldig is aangemerkt als bedoeld in art. 3:58 BW (rov. 2.14). Het hof komt daarom tot de slotsom dat [A] geen rechthebbende is van de vorderingen
- Civiel recht overigErfpacht, geschil over vraag of een gemeente na het einde van erfpacht op de voet van art. 5:94 lid 2 BW mag…
Parket bij de Hoge Raad|25 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT8242
houdbaarheid van de door de rechtbank gevolgde gedachtegang niet van belang is of art. 3:58 BW in het onderhavige geval analogisch zou kunnen worden toegepast - de instemming van de oorspronkelijke erfpachtster
- Civiel recht overigWet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Vernietiging koopovereenkomst ten aanzien van perceel grond waarop…
Parket bij de Hoge Raad|23 maart 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV0612
verband met het tweede onderdeel nog aan dat de figuur van bekrachtiging (art. 3:58 BW), waarbij een wijziging in de rechtstoestand (in casu het vervallen van het wettelijke voorkeursrecht) het gebrek
- Civiel recht overigWet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Vernietiging koopovereenkomst ten aanzien van perceel grond waarop…
Parket bij de Hoge Raad|23 maart 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV0609
verband met het tweede onderdeel nog aan dat de figuur van bekrachtiging (art. 3:58 BW), waarbij een wijziging in de rechtstoestand (in casu het vervallen van het wettelijke voorkeursrecht) het gebrek
- Civiel recht overigWet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Vernietiging koopovereenkomst ten aanzien van perceel grond waarop…
Parket bij de Hoge Raad|23 maart 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV0608
verband met het tweede onderdeel nog aan dat de figuur van bekrachtiging (art. 3:58 BW), waarbij een wijziging in de rechtstoestand (in casu het vervallen van het wettelijke voorkeursrecht) het gebrek
- GoederenrechtCoöperatie; verpanding van aanspraken lid uit hoofde van ledenlening en participatierekening; bestaande of…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1192
BW). Het hof verwerpt het beroep van Rabobank op art. 3:58 BW (bekrachtiging) (rov. 2.18-2.19); - Grief 2 in het principaal hoger beroep richt zich tegen het oordeel van de rechtbank
- Civiel recht overigVerjaring van vordering tot vernietiging koopovereenkomst (art. 3:34 BW)? Betekenis van ‘onbekwaamheid’ in…
Parket bij de Hoge Raad|28 oktober 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1077
Verjaring van vordering tot vernietiging koopovereenkomst (art. 3:34 BW)? Betekenis van
- Civiel recht overigErfrecht. Verdeling nalatenschap; bevoegdheden executeur en door deze in acht te nemen zorg…
Parket bij de Hoge Raad|21 november 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BD5985
Erfrecht. Verdeling nalatenschap; bevoegdheden executeur en door deze in acht te nemen zorg; schadeplichtigheid executeur; beheer effectenportefeuille door executeur; aanvaarding effecten door erfgenaam geen verdeling als bedoeld in art. 3:182 BW.
- Civiel recht overigOndernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder…
Parket bij de Hoge Raad|9 oktober 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BI7129
Ondernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.