28 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG. Valsheid in geschrift en feitelijke leiding geven aan het door een rechtspersoon begaan van…
Parket bij de Hoge Raad|1 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:959
onvolledig doen. Tevergeefs voorgestelde klacht dat het bewezenverklaarde ‘feitelijke leiding geven’ door verdachte i.s.m. art. 341 Sv enkel volgt uit zijn eigen verklaring afgelegd ter zitting in hoger beroep. De AG adviseert … zijn voor de betrokken delicten zelf, zodat de bewezenverklaring gelet op het bepaalde in art. 341 Sv onvoldoende met redenen is omkleed. 2 De bewezenverklaring en de bewijsvoering 2.1 Ten laste
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Art. 225.2 en 420bis Sr; art. 326.1 en 341 Sv. Hypotheekfraude en witwassen. Mag één…
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2019|ECLI:NL:PHR:2019:541
Conclusie plv. AG. Art. 225.2 en 420bis Sr; art. 326.1 en 341 Sv. Hypotheekfraude en witwassen. Mag één proces-verbaal worden opgemaakt van hetgeen is voorgevallen op een terechtzitting waarin meerdere zaken … viertal deelklachten wordt onderbouwd dat dit in strijd is met art. 326 en 341 Sv en met een behoorlijke procesorde. Ten eerste omdat de wet de mogelijkheid van een dergelijk “‘verzamel’ proces
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Art. 225.2 en 420bis Sr; art. 326.1 en 341 Sv. Hypotheekfraude en witwassen. Mag één…
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2019|ECLI:NL:PHR:2019:542
Conclusie plv. AG. Art. 225.2 en 420bis Sr; art. 326.1 en 341 Sv. Hypotheekfraude en witwassen. Mag één proces-verbaal worden opgemaakt van hetgeen is voorgevallen op een terechtzitting waarin meerdere zaken … viertal deelklachten wordt onderbouwd dat dit in strijd is met art. 326 en 341 Sv en met een behoorlijke procesorde. Ten eerste omdat de wet de mogelijkheid van een dergelijk “‘verzamel’ proces
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|16 februari 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BK6356
lezing van dit onderdeel en van een verkeerde uitleg van het vierde lid van art. 341 Sv en van HR 15 juni 1976, NJ 1976, 551. Het hof heeft beredeneerd waarom … weergave van de vaste rechtspraak van de Hoge Raad over het vierde lid van art. 341 Sv. Deze rechtspraak komt erop neer dat het vierde lid slechts een verbod inhoudt
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2121
eigen zaak hebben afgelegd heeft opgewaardeerd tot getuigenverklaringen. 4.2. Het derde lid van artikel 341 Sv heeft slechts betrekking op verklaringen van een medeverdachte. Medeverdachte is slechts degene die ter terechtzitting … andere verdachte of gevoegd wordt behandeld. Het derde lid van artikel 341 Sv staat er niet aan in de weg dat de ene verdachte, wiens zaak niet gevoegd wordt behandeld
- Strafrecht overigPiranha II. 1. Slagende bewijsklacht medeplegen voorbereidingshandelingen moord/doodslag, 2. Psychische…
Parket bij de Hoge Raad|6 december 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BR1146
bijv. HR 26 maart 1946, NJ 1946, 310. Zie ook Melai, aant. 9 bij art. 341 Sv (bij t/m 1 maart 1987) en G.J.M. Corstens, Het Nederlands strafprocesrecht, zesde druk … april 2010, LJN BL0641. Zie ook Melai, aant. 8 bij art. 341 Sv (bij t/m 1 maart 1987) en G.J.M. Corstens, Het Nederlands strafprocesrecht, zesde druk, p. 676. 11 Zie G.J.M. Corstens
- Strafrecht overigPiranha II. 1. Slagende bewijsklacht art. 140a Sr, 2. Slagende bewijsklacht medeplegen…
Parket bij de Hoge Raad|6 december 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BR1144
Piranha II. 1. Slagende bewijsklacht art. 140a Sr, 2. Slagende bewijsklacht medeplegen voorbereidingshandelingen moord/doodslag, 3. Psychische overmacht. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 1998/225 m.b.t. art. 140a Sr. Uit de bewijsvoering kan de wetenschap dat de organisatie tot oogmerk had het plegen…
- Strafrecht overigAntilliaanse zaak. Opiumlandsverordening 1960. CAG o.m. over art. 384 en art. 395 Sv Curaçao, resp. de eigen…
Parket bij de Hoge Raad|27 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1325
Antilliaanse zaak. Opiumlandsverordening 1960. CAG o.m. over art. 384 en art. 395 Sv Curaçao, resp. de eigen verklaring van de verdachte en de eenparigheid van stemmen bij het opleggen van een hogere straf. HR: art. 81.1 RO. Samenhang tussen 17/04384A en 17/05185A.
- Strafrecht overigArt. 80a RO. HR wijst overzichtsarrest i.v.m. het op 1 juli 2012 in werking getreden art. 80a RO: de…
Parket bij de Hoge Raad|11 september 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX7004
middel van cassatie. 3. Het middel klaagt over schending van het vierde lid van artikel 341 Sv en is evident ongegrond. 4. Naar mijn mening kan de Hoge Raad deze zaak afdoen
- Strafrecht overigMedeplegen diefstal met geweld van geld en sieraden (art. 312 Sr) en medeplegen wederrechtelijke…
Parket bij de Hoge Raad|5 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:302
beide verdachten van de overval die later op 11 mei zou plaatsvinden.” 6. Artikel 341 Sv luidt als volgt: “1. Onder verklaring van den verdachte wordt verstaan zijne bij het onderzoek
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Opzettelijk aanwezig hebben hennep (art. 3 en 11 Opw). Middel over oordeel hof dat…
Parket bij de Hoge Raad|2 juli 2024|ECLI:NL:PHR:2024:657
daarin vervatte mededeling van de raadsman ingevolge art. 339 jo. art. 341 Sv niet als verklaring van de verdachte heeft te gelden. Het middel faalt in zoverre. 2.6 Voor zover het middel
- Strafrecht overigBelastingfraude. Opzettelijk in zijn aangiftebiljetten inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen een te…
Parket bij de Hoge Raad|21 april 1998|ECLI:NL:PHR:1998:21
beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, Melai, aant. 7 bij art. 341 Sv; Corstens, Handboek, 2e, p. 605. Vgl. HR DD 91.373, 86.059, 78.154. Strikwerda, Inleiding
- Strafrecht overigHet bewijs dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan kan ingevolge art. 341 lid 4 Sv niet…
Parket bij de Hoge Raad|30 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO5026
verbalisanten afgelegd. Aldus is niet voldaan aan de eis van het vierde lid van art. 341 Sv.(1) 7. Hoewel naar mijn mening dit onderdeel van het middel gegrond
- Strafrecht overigHR: Het oordeel van de rechter dat een verklaring van de verdachte kennelijk leugenachtig is en afgelegd om…
Parket bij de Hoge Raad|18 januari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR6616
kennelijk leugenachtige verklaring van verdachte is geen bewijsmiddel in de zin van art. 341 Sv. Zo een verklaring draagt bij tot het bewijs via de band via een bewijsredenering waarin de rechter
- Strafrecht overigHet (namens verdachte voorgestelde) middel klaagt over de afwijzing van het ter terechtzitting door de A-G…
Parket bij de Hoge Raad|24 mei 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT2971
kennelijk leugenachtige verklaring van verdachte is geen bewijsmiddel in de zin van art. 341 Sv. Zo een verklaring draagt bij tot het bewijs via de band van een bewijsredenering waarin de rechter
- Strafrecht overigWitwassen, artt. 420bis en 420quater Sr. HR herhaalt HR LJN BM4440 m.b.t. het witwassen van een door…
Parket bij de Hoge Raad|8 januari 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BX4605
middel is het van belang acht te slaan op de artt. 286, 301 en 341 Sv. Deze luiden als volgt: "Art. 286 1. De voorzitter ondervraagt de verdachte. 2. Is er meer
- Strafrecht overigConclusie AG. Nachtelijke amok op station. Middel over rechtmatige uitoefening van de bediening treft geen…
Parket bij de Hoge Raad|22 maart 2022|ECLI:NL:PHR:2022:253
bewezenverklaring van feit 2 in strijd met het bepaalde in het vierde lid van art. 341 Sv uitsluitend berust op de verklaring van verdachte. 17 Het tweede middel faalt. 18. Beide middelen
- Strafrecht overigZedendelicten (art. 240a, 240b, 245 en 248a Sr). Middelen over schending bewijsminimum 341.4 Sv, uos…
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 2018|ECLI:NL:PHR:2018:482
1976/551 m.nt. Van Veen overwoog Uw Raad ‘dat het vierde lid van art. 341 Sv slechts verbiedt dat het gehele telastegelegde feit op de opgaven van de verdachte als bewezen wordt aangenomen
- Strafrecht overigConclusie AG over de vraag of uit de in hoger beroep afgelegde verklaring van de verdachte en/of zijn ja-knik…
Parket bij de Hoge Raad|18 september 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1013
verbaal van de terechtzitting terechtkomen, een verklaring van de verdachte in de zin van art. 341 Sv opleveren. Zie daarover en met nadere verwijzingen A.J.A. van Dorst, Cassatie in strafzaken, achtste druk
- Strafrecht overigVordering tot cassatie in het belang der wet. Definitie en reikwijdte van de wettelijke term ‘raadsman’…
Parket bij de Hoge Raad|17 januari 2023|ECLI:NL:PHR:2023:78
vertegenwoordiger ter terechtzitting kunnen immers als verklaringen van de verdachte als bedoeld in art. 341 Sv worden aangemerkt. Verklaringen van de raadsman kunnen niet als verklaringen van de verdachte worden aangemerkt
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.