7 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtWsnp. Beëindiging schuldsaneringsregeling. Pro forma verificatievergadering, art. 328a lid 2 Fw. In op art…
Parket bij de Hoge Raad|15 augustus 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1833
gewijsde van erkenning vorderingen in schuldsanering; art. 328 lid 1 jo. art. 121 lid 4 Fw. Art. 196 en 197 Fw van toepassing? 14/03688 Mr. L. Timmerman Parket 15 augustus 2014 Conclusie
- InsolventierechtFaillissement. Beslissing rechter-commissaris om schuldvorderingen die niet op de voet van art. 110 Fw door…
Parket bij de Hoge Raad|11 juli 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1707
komt voor dat uit het feit dat voor de twee in artikel 127 lid 4 Fw bedoelde gevallen aan de rechter-commissaris de bevoegdheid is verleend om over toelating van een vordering
- InsolventierechtInsolventierecht. WSNP. Ontstaansmoment vordering uit onverschuldigde betaling wegens vernietiging…
Parket bij de Hoge Raad|8 augustus 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2330
rechter-commissaris. Aangezien de wet in artikel 194 Fw, dat blijkens artikel 356 lid 4 Fw van overeenkomstige toepassing is op de wettelijke schuldsaneringsregeling, voorts een bijzondere regeling kent juist voor gevallen … betreffende de zogenoemde ‘nagekomen baten’ in art. 194 Fw, zoals deze ingevolge art. 356 lid 4 Fw ook van toepassing is indien de toepassing van de wettelijke schuldsanering is uitgesproken
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging. Goede trouw. Schending informatieplicht met betrekking tot…
Parket bij de Hoge Raad|27 juni 2014|ECLI:NL:PHR:2014:706
schuldsaneringsregeling, melding moet maken van een lopende strafzaak tegen hem of haar. Art. 358 lid 4 Fw bepaalt dat een schuld die voortvloeit uit een strafrechtelijke veroordeling (anders dan uit een onrechtmatige … schuldenaar schulden heeft welke voortvloeien uit een onherroepelijke veroordeling als bedoeld in art. 358 lid 4 Fw, ter zake van een of meer misdrijven. Omdat [verzoeker] ten tijde van de toelating
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. WSNP. Afwijzing toelatingsverzoek. Goede trouw; art. 288 lid 1 onder b Fw.
Parket bij de Hoge Raad|11 april 2014|ECLI:NL:PHR:2014:486
beslissing in eerste aanleg het gerechtshof op de voet van art. 287 lid 4 Fw in verband met de op handen zijnde uitzetting heeft verzocht een voorlopige voorziening bij voorraad te geven
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Vereenvoudigde afwikkeling; geen verificatievergadering (art. 137a Fw). Verzet tegen…
Parket bij de Hoge Raad|11 april 2014|ECLI:NL:PHR:2014:330
tegen mr. H.M. Eijking qq VERSTEK Het probleem Insolventie-(proces)recht. Ingevolge art. 121 lid 4 Fw heeft de in het proces-verbaal van de verificatievergadering opgetekende erkenning van een vordering
- Personen- en familierechtArt. 81 lid 1 RO. Executierecht. Vordering tot tenuitvoerlegging bij lijfsdwang ter incasso van…
Parket bij de Hoge Raad|7 november 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2109
Art. 81 lid 1 RO. Executierecht. Vordering tot tenuitvoerlegging bij lijfsdwang ter incasso van kinderalimentatie, art. 585-590 Rv. Mogelijkheid tot verhaal; begrip ‘woonplaats’, art. 440 lid 1 onder a Rv, art. 1:10-11 BW. Feitelijke grondslag.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.