7 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG over de vraag of de verdediging aan het handelen van de rechter-commissaris het gerechtvaardigd…
Parket bij de Hoge Raad|23 april 2019|ECLI:NL:PHR:2019:424
instellen van hoger beroep de verdachte niet kan worden toegerekend. Art. 587.2 Sv en art. 408 Sv. Naar de mening van de AG is dit niet het geval en het advies
- Strafrecht overigConclusie AG over de vraag of sprake is van een verontschuldigbare termijnoverschrijding bij het instellen…
Parket bij de Hoge Raad|27 augustus 2019|ECLI:NL:PHR:2019:817
verontschuldigbare termijnoverschrijding bij het instellen van hoger beroep door onjuiste ambtelijke informatie, art. 408 Sv. Volgens de AG is het oordeel van het hof dat hiervan geen sprake is, gelet
- Strafrecht overigProfijtontneming. Hof heeft betrokkene n-o verklaard in zijn h.b., omdat het te laat is ingesteld…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1296
termijn, is ingesteld, dient de veroordeelde daarin niet-ontvankelijk te worden verklaard.” Artikel 408 Sv, welke bepaling op grond van artikel 511g lid 2 Sv in het hoger beroep in ontnemingszaken
- Strafrecht overigConclusie AG. Tardief hoger beroep. Termijnoverschrijding verontschuldigbaar? De verdachte is…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2019|ECLI:NL:PHR:2019:586
vonnis is op 24 juni 2016 aan de verdachte in persoon betekend. Ingevolge artikel 408 Sv kon de verdachte gedurende veertien dagen daarna hoger beroep instellen tegen het vonnis. Het hoger beroep
- Strafrecht overigA-G over mogelijke consequenties bij te laat instellen van hoger beroep als gevolg van een 'manifest failure'…
Parket bij de Hoge Raad|11 juni 2019|ECLI:NL:PHR:2019:520
laatste dag van de beroepstermijn om 24.00 uur. Deze klacht bespreek ik eerst. 3.3. Art. 408 Sv bepaalt onder meer dat indien de verdachte op de terechtzitting of nadere terechtzitting is verschenen
- Strafrecht overigHandelen in strijd met art. 3.B Opiumwet, terwijl feit betrekking heeft op grote hoeveelheid, en diefstal…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1297
termijn, is ingesteld, dient verdachte daarin niet-ontvankelijk te worden verklaard.” 6. Artikel 408 Sv luidt, voor zover van belang: “1. Het hoger beroep moet binnen veertien dagen na de einduitspraak worden
- Strafrecht overigConclusie AG. Ontvankelijkheid h.b. en recht op vertaling essentiële processtukken, art. 366.4 Sv. Aan in…
Parket bij de Hoge Raad|27 augustus 2019|ECLI:NL:PHR:2019:835
Conclusie AG. Ontvankelijkheid h.b. en recht op vertaling essentiële processtukken, art. 366.4 Sv. Aan in Guinee geboren verdachte is geen vertaling mededeling verstekvonnis verstrekt.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.