19 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigVoogdijkwestie. In appel niet-verschenen maar door hof wel als belanghebbende aangemerkte persoon in cassatie…
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV8216
door hof wel als belanghebbende aangemerkte persoon in cassatie als verschenen belanghebbende te beschouwen. Art. 426b Rv; termijnbepaling door HR. Zaaknr. 11/03153 Mr. Huydecoper Zitting van 2 maart 2012 Conclusie inzake
- Civiel recht overigMet dagvaarding ingeleide cassatie in verzoekschriftprocedure. Wisselbepaling, art. 69 Rv. Hoge Raad beveelt…
Parket bij de Hoge Raad|29 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BY7841
gevallen - waarin de verweerder door de griffier was opgeroepen maar geen verweerschrift had ingediend (art. 426b Rv) - heeft Uw Raad bevolen dat de zaak zal worden voortgezet volgens de regels die gelden … slotte rijst de vraag of de man alsnog op de voet van art. 426b Rv door de griffier in de gelegenheid moet worden gesteld om een verweerschrift in te dienen. Tegen
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Machtiging ex art. 68 lid 3 Fw om te procederen. Mee te wegen belangen…
Parket bij de Hoge Raad|22 april 2022|ECLI:NL:PHR:2022:384
hiervoor bleek hebben de rechter-commissaris en de rechtbank beide de Belastingdienst gehoord. Overeenkomstig art. 426b Rv heeft de griffier van de Hoge Raad daarom de Belastingdienst bericht over de indiening … anderen die in een der vorige instantiën verschenen’ zijn). Met de wijziging van art. 426b Rv per die datum, als onderdeel van KEI, is echter geen inhoudelijke wijziging beoogd. Ik denk
- Burgerlijk procesrechtArbeidsrecht; cassatie-procesrecht. Ontbinding o.g.v. verstoorde arbeidsverhouding (art. 7:669 lid 3 sub g…
Parket bij de Hoge Raad|28 juni 2024|ECLI:NL:PHR:2024:672
Arbeidsrecht; cassatie-procesrecht. Ontbinding o.g.v. verstoorde arbeidsverhouding (art. 7:669 lid 3 sub g BW). Verweerschrift in cassatie buiten termijn, tenzij-clausule art. 3.2.7.3. cassatieprocesreglement.
- InsolventierechtInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Parket bij de Hoge Raad|19 mei 2017|ECLI:NL:PHR:2017:527
partij die in de vorige instantie is verschenen in de zin van art. 426b Rv, zodat deze partijen geen verweerschrift kunnen indienen en niet kunnen deelnemen aan de mondelinge behandeling … Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden is wel in overeenstemming met art. 426b Rv. Bewindvoerder van PTIF 2.15. Nu terug naar de bewindvoerder, thans de curator, van PTIF. Ik ben van oordeel
- InsolventierechtInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Parket bij de Hoge Raad|19 mei 2017|ECLI:NL:PHR:2017:529
worden aangemerkt als een partij die in vorige instantie is verschenen als bedoeld in art. 426b Rv. Derhalve kunnen zij volgens Oi Coop geen verweerschrift indienen en kunnen zij niet deelnemen … Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden is wel in overeenstemming met art. 426b Rv. Bewindvoerder van Oi Coop 2.15. Nu terug naar de bewindvoerder, thans de curator, van Oi Coop
- Civiel recht overigCassatieprocesrecht. Ontvankelijkheid. Indiening cassatierekest per e-mail? Art. 33 Rv, art. 10.1 Reglement…
Parket bij de Hoge Raad|16 oktober 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2292
Raad der Nederlanden (per 1 juli 2012) wordt bepaald, dat onverminderd het bepaalde in art. 426b Rv., cassatierekesten per post of per fax ter griffie van de Hoge Raad kunnen worden ingediend
- Civiel recht overigHuurrecht bedrijfsruimte. Opzegging verhuurder ex art. 7A:1627a lid 2 BW wegens bedrijfsvoering coffeeshops…
Parket bij de Hoge Raad|8 september 1989|ECLI:NL:PHR:1989:3
circa 12 weken na het instellen van het cassatieberoep en dat de in art. 426b Rv neergelegde regeling zich er tegen verzet dat na de daarin voorziene termijnen nog een verweerschrift wordt
- Ondernemingsrecht4 februari 2005 Eerste Kamer Nr. R04/014HR (OK 110) JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR8899
4 februari 2005 Eerste Kamer Nr. R04/014HR (OK 110) JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoeker 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verzoeker 2], wonende te [woonplaats], 3. [Verzoeker 3], wonende te [woonplaats], 4. [Verzoeker 4], wonende te [woonplaats], 5. [Verzoekster 5], wonende te…
- Civiel recht overigEnquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426…
Parket bij de Hoge Raad|21 februari 2014|ECLI:NL:PHR:2014:72
heeft te gelden als een in de vorige instantie verschenen persoon, aan wie overeenkomstig art. 426b Rv. het recht toekomt om kennis te nemen van het cassatieverzoekschrift en aan wie de gelegenheid
- Civiel recht overig17 juni 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R05/039HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|17 juni 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT4078
bovendien moet rekening worden gehouden met een termijn voor verweer als bedoeld in art. 426b Rv. Naar vaste rechtspraak van de Hoge Raad zou betrokkene na het verstrijken van de geldigheidsduur
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Kwalificatie van beslissing in brief en e-mailbericht van griffier. Appellabele beslissing?
Parket bij de Hoge Raad|30 augustus 2024|ECLI:NL:PHR:2024:987
bestreden beschikking) tijdig cassatieberoep ingesteld. 2.9 De griffier van de Hoge Raad heeft overeenkomstig art. 426b Rv een afschrift van de procesinleiding toegezonden aan de Raad, de vader en de bijzondere curator
- Civiel recht overigProcesrecht. Verzet op voet van art. 5:26 lid 2 jo. art. 5:33 Awb tegen dwangbevel tot invordering van…
Parket bij de Hoge Raad|16 november 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA8453
J.G.A. Linssen. 22 Men kan zich afvragen of de verweerder die al wél (overeenkomstig art. 426b Rv) het voor hem bestemde afschrift van het verzoekschrift van de griffier heeft ontvangen
- Civiel recht overigInternationale rechtshulp; Haags Bewijsverdrag. Art. 173 lid 1 Rv. strekt ertoe dat procespartij niet…
Parket bij de Hoge Raad|6 april 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV3403
eindbeschikking van het hof van 3 mei 2011. 3 Zie art. 426b Rv jo. Art. 5 Reglement rekestzaken van de civiele kamer van de Hoge Raad der Nederlanden; W.D.H. Asser, Civiele cassatie
- Personen- en familierechtArt. 81 RO. Familierecht. Verzoek tot beëindiging gezamenlijk ouderlijk gezag na echtscheiding; art. 1:251a…
Parket bij de Hoge Raad|14 oktober 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT2194
cassatierekest is op 7 oktober 2010 ter griffie van de Hoge Raad ingekomen. 14 Art. 426b Rv. bepaalt in het derde lid dat een verweerder in cassatie een door een advocaat
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 september 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE4289
R01/033 HR Mr D.W.F. Verkade Zitting 14 juni 2002 Conclusie inzake Plantage Jeremi N.V. tegen Kompania di produkshon i distribushon di awa i elektrisidat di Korsow (Kodela) N.V. 1. Inleiding Het nutsbedrijf Kodela op Curaçao, verweerster in cassatie, is in 1996 in kort geding bij verstek veroordeeld tot (onder meer)…
- Burgerlijk procesrechtCassatieprocesrecht. Herstel indiening procesinleiding zonder advocaat bij de Hoge Raad. Wijze van herstel…
Parket bij de Hoge Raad|16 september 2022|ECLI:NL:PHR:2022:816
cassatie bepaald in art. 426a lid 1 Rv en voor de verweerder in art. 426b Rv. Voor de eiser en verzoeker tot cassatie leidt het niet-inachtnemen van deze verplichting tot niet
- Personen- en familierechtKan een rechterlijke beslissing waarbij op grond van art. 1:253c BW het gezamenlijk gezag voor de ouders is…
Parket bij de Hoge Raad|27 september 2024|ECLI:NL:PHR:2024:952
bestreden beschikking in cassatie gekomen. De griffier van de Hoge Raad heeft overeenkomstig art. 426b Rv een afschrift van de procesinleiding toegezonden aan de vader, de gecertificeerde instelling en de Raad voor
- Personen- en familierechtProcesrecht. Erfrecht. Cassatieberoep tegen uitspraak kantonrechter (art. 80 RO). Ontvankelijkheid…
Parket bij de Hoge Raad|21 april 2023|ECLI:NL:PHR:2023:447
beginsel slechts twee processtukken toegestaan, namelijk de procesinleiding en het verweerschrift (de art. 426a en 426b Rv). Daarop bestaat alleen een uitzondering als de verweerder in cassatie incidenteel cassatieberoep heeft ingesteld
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.