36 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigWMO, beroep ongegrond, stappenplan CRvB, (-) heeft niet onderbouwd waarom geïndiceerde uren onvoldoende zijn…
Rechtbank Midden-Nederland|13 januari 2021|ECLI:NL:RBMNE:2021:58
WMO, beroep ongegrond, stappenplan CRvB, (-) heeft niet onderbouwd waarom geïndiceerde uren onvoldoende zijn, medisch advies Argonaut, verwijzing ondersteuningsplan buurtteam
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4433
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 17.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden … gebaseerd op artikel 8:54 Awb. 17.3. De rechtbank is van oordeel dat artikel 8:58 Awb erop toeziet dat zowel partijen als de rechtbank voldoende gelegenheid hebben om zich voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4432
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 17.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden … gebaseerd op artikel 8:54 Awb. 17.3. De rechtbank is van oordeel dat artikel 8:58 Awb erop toeziet dat zowel partijen als de rechtbank voldoende gelegenheid hebben om zich voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4429
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 17.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden … gebaseerd op artikel 8:54 Awb. 17.3. De rechtbank is van oordeel dat artikel 8:58 Awb erop toeziet dat zowel partijen als de rechtbank voldoende gelegenheid hebben om zich voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4421
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 17.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden … gebaseerd op artikel 8:54 Awb. 17.3. De rechtbank is van oordeel dat artikel 8:58 Awb erop toeziet dat zowel partijen als de rechtbank voldoende gelegenheid hebben om zich voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4430
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden … gebaseerd op artikel 8:54 Awb. 18.3. De rechtbank is van oordeel dat artikel 8:58 Awb erop toeziet dat zowel partijen als de rechtbank voldoende gelegenheid hebben om zich voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4359
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 17.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden … gebaseerd op artikel 8:54 Awb. 17.3. De rechtbank is van oordeel dat artikel 8:58 Awb erop toeziet dat zowel partijen als de rechtbank voldoende gelegenheid hebben om zich voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4328
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4349
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4340
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4348
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4327
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4418
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4330
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4343
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4344
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4332
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4331
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4346
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4345
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.