Zoekresultaten

Voor “"332 Rv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

30 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Burgerlijk procesrecht
    Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Subjectieve cumulatie. Groep passagiers eist bij gezamenlijke dagvaarding…

    Parket bij de Hoge Raad13 november 2020ECLI:NL:PHR:2020:1085

    grond van EU-verordening 261/2004. Het schadebedrag per passagier ligt beneden de appelgrens van art. 332 Rv. Is de luchtvaartmaatschappij ontvankelijk in het hoger beroep tegen het toewijzende vonnis van de kantonrechter … niet anders. 3.3 Dit betekent dat het hoger beroep strandt op het bepaalde in artikel 332 Rv. Het gaat hier immers niet om objectieve cumulatie (waarbij één eiser meerdere vorderingen instelt), maar

  • Burgerlijk procesrechtArtikel 81 RO-zaken
    Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Bevoegdheid tot instellen rechtsmiddel. Kan materiële procespartij in eerste…

    Hoge Raad3 februari 2023ECLI:NL:HR:2023:140

    procespartij in eerste aanleg die niet formele procespartij was, als procespartij in zin van art. 332 Rv worden aangemerkt? Bevoegdheid tot instellen reconventionele vordering; sprake van uitzondering in art. 136 Rv? Lastgeving

  • Burgerlijk procesrechtArtikel 81 RO-zaken
    Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Subjectieve cumulatie. Groep passagiers eist bij gezamenlijke dagvaarding…

    Hoge Raad9 april 2021ECLI:NL:HR:2021:530

    grond van EU-verordening 261/2004. Het schadebedrag per passagier ligt beneden de appelgrens van art. 332 Rv. Is de luchtvaartmaatschappij ontvankelijk in het hoger beroep tegen het toewijzende vonnis van de kantonrechter

  • Burgerlijk procesrechtCassatie
    Procesrecht. Compensatie voor passagiers luchtvaartmaatschappij op grond van EG-Verordening 261/2004 wegens…

    Hoge Raad9 oktober 2020ECLI:NL:HR:2020:1591

    Verordening 261/2004 wegens annulering vlucht. Uitspraak kantonrechter waartegen geen hoger beroep open staat (art. 332 Rv); Small claims-Verordening. Ontvankelijkheid in cassatie; uitbreiding beperkte cassatiegronden (art. 80 lid 1 RO) tot schending

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    In hoger beroep heeft de gedaagde in conventie, eiser in reconventie, behalve zijn processuele wederpartij…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch29 september 2015ECLI:NL:GHSHE:2015:3808

    gedagvaard die in eerste aanleg geen partij waren. Geen uitzondering op de hoofdregel van artikel 332 Rv aangenomen. GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer HD 200.173.996/01 arrest van 29 september … geding heeft betrokken. 2.2. Appellant erkent dat volgens vaste rechtspraak artikel 332 Rv meebrengt dat in beginsel slechts de partijen uit de eerste aanleg in appel kunnen worden gedagvaard. Hij stelt echter

  • Burgerlijk procesrechtArtikel 81 RO-zaken
    Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Compensatie voor passagiers luchtvaartmaatschappij op grond van EG-Verordening…

    Hoge Raad9 oktober 2020ECLI:NL:HR:2020:1598

    Verordening 261/2004 wegens annulering vlucht. Uitspraak kantonrechter waartegen geen hoger beroep open staat (art. 332 Rv). Ontvankelijkheid in cassatie; uitbreiding beperkte cassatiegronden (art. 80 lid 1 RO) tot schending EU-recht? HOGE

  • Burgerlijk procesrechtArtikel 81 RO-zaken
    Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Compensatie voor passagiers luchtvaartmaatschappij op grond van EG-Verordening…

    Hoge Raad9 oktober 2020ECLI:NL:HR:2020:1599

    Verordening 261/2004 wegens annulering vlucht. Uitspraak kantonrechter waartegen geen hoger beroep open staat (art. 332 Rv); Small claims-Verordening. Ontvankelijkheid in cassatie; uitbreiding beperkte cassatiegronden (art. 80 lid 1 RO) tot schending

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    Procesrecht. Artikel 332 Rv, appellant was geen partij in eerste aanleg. Niet-ontvankelijk. Werkelijke…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch26 juni 2018ECLI:NL:GHSHE:2018:2761

    Procesrecht. Artikel 332 Rv, appellant was geen partij in eerste aanleg. Niet-ontvankelijk. Werkelijke proceskostenveroordeling. GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer 200.231.427/01 arrest van 26 juni 2018 in de zaak … zich lijdelijk op te stellen, aldus [appellant] . 6.6. Bij de beoordeling is uitgangspunt dat artikel 332 Rv meebrengt dat in beginsel alleen hoger beroep kan worden ingesteld door en tegen de processuele

  • Burgerlijk procesrecht
    Procesrecht. Bevoegdheid tot instellen rechtsmiddel. Kan materiële procespartij in eerste aanleg die niet…

    Parket bij de Hoge Raad28 oktober 2022ECLI:NL:PHR:2022:993

    eerste aanleg die niet formele procespartij was als procespartij in de zin van art. 332 Rv worden aangemerkt? Bevoegdheid tot instellen reconventionele vordering, sprake van uitzondering in art. 136 Rv? Lastgeving … beoordeeld en daarover het volgende overwogen: “2.5 Het hof neemt tot uitgangspunt dat ingevolge artikel 332 Rv hoger beroep in beginsel alleen openstaat voor degene die in eerste aanleg partij

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    Artikel 332 Rv, vordering onder de appelgrens. Niet-ontvankelijk.

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch26 juni 2018ECLI:NL:GHSHE:2018:2765

    Artikel 332 Rv, vordering onder de appelgrens. Niet-ontvankelijk. GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer 200.237.975/01 arrest van 26 juni 2018 in de zaak van [appellant] , wonende te [woonplaats] , appellant

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    Art. 332 Rv, vordering onder de appelgrens. Niet-ontvankelijk.

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch14 september 2021ECLI:NL:GHSHE:2021:2849

    332 Rv, vordering onder de appelgrens. Niet-ontvankelijk. GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Team Handelsrecht zaaknummer 200.286.152/01 arrest van 14 september 2021 gewezen in de zaak van 1 [appellant] , wonende te [woonplaats

  • Burgerlijk procesrecht
    Procesrecht. Is het hof buiten het toepassingsgebied van art. 332 lid 1 Rv getreden, door de beslissing tot…

    Parket bij de Hoge Raad13 oktober 2023ECLI:NL:PHR:2023:903

    Procesrecht. Is het hof buiten het toepassingsgebied van art. 332 lid 1

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Burgerlijk procesrecht

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch7 november 2017ECLI:NL:GHSHE:2017:4764

    inachtneming van een redelijke opzegtermijn van één maand, en daarmee onder de appelgrens van artikel 332 Rv blijft. [appellant] heeft de incidentele vordering tot niet-ontvankelijkverklaring bestreden. 6.6. Op grond van artikel … 332 Rv lid 1 Rv kunnen partijen van een in eerste aanleg gewezen vonnis in hoger beroep komen, tenzij de vordering waarover de rechter in eerste aanleg had te beslissen niet meer

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep kort geding
    Appellant maakte als eiser kort geding aanhangig en trok dat één dag voor de geplande mondelinge behandeling…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch15 maart 2022ECLI:NL:GHSHE:2022:853

    worden verklaard in zijn hoger beroep, omdat niet is voldaan aan de appellabiliteitsgrens van artikel 332 Rv. Subsidiair neemt [geïntimeerden] het standpunt in dat de grieven van [appellant] geen doel treffen. [geïntimeerden … verweer van [geïntimeerden] : niet-ontvankelijkheid [appellant] in het hoger beroep wegens de appellabiliteitsgrens van artikel 332 Rv? 3.11. Ter onderbouwing van zijn preliminaire verweer betoogt [geïntimeerden] dat [appellant] niet-ontvankelijk dient

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    Appèlgrens van € 1.750,-. Eisvermindering in eerste aanleg. Of hoger beroep openstaat hangt af van de…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch11 juni 2024ECLI:NL:GHSHE:2024:1909

    zijn hoger beroep. 6.8. Het hof stelt het volgende voorop. Op grond van artikel 332 Rv lid 1 Rv kunnen partijen van een in eerste aanleg gewezen vonnis in hoger beroep komen … proceskosten, worden bij de bepaling van de waarde van de vordering als bedoeld in artikel 332 Rv buiten beschouwing gelaten (vgl. onder meer HR 25 maart 1994, NJ 1994/392, ECLI

  • Burgerlijk procesrechtCassatie
    Procesrecht. Insolventierecht. Overneming van het geding door de curator (art. 25, 27 Fw). Valt vordering van…

    Hoge Raad13 maart 2020ECLI:NL:HR:2020:416Aangehaald in 9 uitspraken

    beginsel kunnen slechts degenen die partij waren in de vorige instantie hoger beroep instellen (art. 332 Rv). Dit betekent dat [eiseres] niet bevoegd is om hoger beroep in te stellen tegen

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    Vordering tot opheffing van conservatoir beslag op windturbines afgewezen.

    Gerechtshof Den Haag31 augustus 2016ECLI:NL:GHDHA:2016:2513

    zijn dus ondeelbaar en komen alleen toe aan hen gezamenlijk. Conform de hoofdregel van artikel 332 Rv geldt dat alleen door alle partijen gezamenlijk hoger beroep kan worden ingesteld. In dit geval … gelde kan worden gemaakt. Het betoog van Windpark dat conform de hoofdregel van artikel 332 Rv alleen door alle partijen gezamenlijk hoger beroep kan worden ingesteld, faalt. Dat werd weliswaar vroeger aangenomen

  • Burgerlijk procesrechtRekestprocedure
    Beslissing rechter uit rechtbank op verzoek gebaseerd op statuten/ Welwillendheidsbeslissing/geen…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch3 oktober 2013ECLI:NL:GHSHE:2013:5510

    staat, behoudens berusting, hoger beroep open. 4.3. Artikel 358 Rv - waar [verweerder] zich naast artikel 332 Rv op heeft beroepen - beperkt de mogelijkheid van hoger beroep tot eindbeschikkingen in zaken als bedoeld

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    6.4 LPR niet-ontvankelijk: Indien zich op de in artikel 6.2 genoemde roldatum geen andere advocaat stelt…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch20 april 2021ECLI:NL:GHSHE:2021:1205

    ontvankelijk nu [de Stichting 2] in eerste aanleg geen partij was in de procedure (art. 332 Rv). Nu [appellante] tegen het vonnis waarvan beroep geen grieven heeft aangevoerd, zal zij voorts

  • Burgerlijk procesrechtHoger beroep
    exceptie van niet-ontvankelijkheid

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch7 juli 2020ECLI:NL:GHSHE:2020:2052

    eindvonnis. Dit hoger beroep is op zich wel tijdig ingesteld. Echter, op grond van artikel 332 Rv kan enkel door partijen uit de eerste aanleg hoger beroep worden ingesteld. Nu [appellant] geen

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.