175 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtCassatieInvorderingszaak; Faillissementsrecht en beslag- en executierecht. Verzoek op voet van art. 481 Rv. tot…
Hoge Raad|20 februari 2009|ECLI:NL:HR:2009:BG7729Aangehaald in 6 uitspraken
inachtneming van rangregeling kan plaatsvinden; verhaalsrecht beslaglegger buiten faillissement, strekking van art. 453a lid 1 Rv., verhouding tot art. 33 lid 2 F.; algemeen voorrecht ontvanger geen “ouder recht … plaatsvinden. De Ontvanger heeft aan dit verzoek ten grondslag gelegd dat uit art. 453a lid 1 Rv. en art. 3:90 lid 2 BW voortvloeit dat de overdracht van de machines
- InsolventierechtCassatieInternationaal faillissementsrecht. Vervolg op HR 29 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU5630, NJ 2012/424 (Yukos)…
Hoge Raad|13 september 2013|ECLI:NL:HR:2013:BZ5668Aangehaald in 17 uitspraken
BG3573, NJ 2009/456). Proceskostenveroordeling, kosten in de zin van art. 237 lid 1 Rv. 13 september 2013 Eerste Kamer nr. 11/00860 RM/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1 … internationaal privaatrechtelijke) openbare orde, worden gevorderd op de voet van art. 237 lid 1 Rv. Daarvan uitgaande heeft het hof dit onderdeel van de vordering afgewezen. Dit oordeel geeft geen blijk
- InsolventierechtCassatieVerzoek tot herstel van gezamenlijk ouderlijk gezag. Cassatieberoep niet-ontvankelijk. Cassatieverzoekschrift…
Hoge Raad|7 februari 2014|ECLI:NL:HR:2014:269
Cassatieberoep niet-ontvankelijk. Cassatieverzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad, art. 426a lid 1 Rv. 7 februari 2014 Eerste Kamer nr. 13/04908 EV/NH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking … advocaat bij de Hoge Raad. Ingevolge het in deze zaak toepasselijke art. 426a lid 1 Rv moet de man niet-ontvankelijk in zijn beroep worden verklaard. 4 Beslissing De Hoge Raad verklaart
- InsolventierechtFaillissementsrecht, vereisten faillietverklaring ex art. 6 lid 3 Fw (vorderingsrecht schuldeiser…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2024|ECLI:NL:PHR:2024:668
hebben gelegd onder [eiseres] ten laste van [A] . In een verklaringsprocedure ex art. 477a lid 1 Rv heeft de rechtbank Amsterdam bij vonnis van 23 augustus 2023 geoordeeld dat [eiseres] niet tijdig … augustus 2023 van de rechtbank Amsterdam op de voet van art. 477a lid 1 Rv is veroordeeld tot betaling aan [verweerder 1] van het in rov. 2.8 vermelde bedrag, maar, zoals
- InsolventierechtCassatieWSNP; cassatie, ontvankelijkheid, beroepschrift niet voldoet aan eisen van art. 426a lid 1 Rv.; aanvullen van…
Hoge Raad|19 december 2008|ECLI:NL:HR:2008:BG3577
WSNP; cassatie, ontvankelijkheid, beroepschrift niet voldoet aan eisen van art. 426a lid 1 Rv.; aanvullen van beroep(sgronden) na verstrijken cassatietermijn. 19 december 2008 Eerste Kamer 08/00592 RM/MD Hoge Raad der Nederlanden … ingediende verzoekschrift van mr. Madern voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv. omdat het niet is ingediend noch is getekend door een advocaat bij de Hoge Raad
- InsolventierechtInvorderingszaak; Faillissementsrecht en beslag- en executierecht. Verzoek op voet van art. 481 Rv. tot…
Parket bij de Hoge Raad|20 februari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BG7729
inachtneming van rangregeling kan plaatsvinden; verhaalsrecht beslaglegger buiten faillissement, strekking van art. 453a lid 1 Rv., verhouding tot art. 33 lid 2 F.; algemeen voorrecht ontvanger geen “ouder recht … cassatie wordt dit oordeel bestreden met een beroep op de blokkeringsregel van art. 453a lid 1 Rv. en een beroep op art. 3:90 lid 2 BW. 1. Feiten(1) en procesverloop
- InsolventierechtProcesrecht. Insolventierecht. Incidenteel verzoek in cassatie tot het stellen van zekerheid voor de…
Parket bij de Hoge Raad|2 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1221
verzoek tot zekerheidstelling voor proceskosten op art. 224 Rv. Op grond van art. 414 lid 1 Rv is art. 224 Rv van toepassing in cassatie. Art. 224 lid 1 Rv luidt: Allen … tussengekomen in een geding in Nederland. [verzoekster] voert daarnaast aan dat art. 224 lid 1 Rv toepassing mist omdat zij als insteller van achtereenvolgens verzet, hoger beroep en beroep in cassatie geen
- InsolventierechtCassatieProcesrecht. Hoger beroep; eiswijziging die voortvloeit uit bij pleidooi aangevoerde nieuwe grief…
Hoge Raad|9 april 2010|ECLI:NL:HR:2010:BL3290
nieuwe grief; uitzondering op strakke regel, dat eiswijziging schriftelijk moet worden gedaan (art. 130 lid 1 Rv.) en in beginsel niet op later moment dan bij memorie van grieven of van antwoord
- InsolventierechtWSNP; cassatie, ontvankelijkheid, beroepschrift niet voldoet aan eisen van art. 426a lid 1 Rv.; aanvullen van…
Parket bij de Hoge Raad|19 december 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BG3577
WSNP; cassatie, ontvankelijkheid, beroepschrift niet voldoet aan eisen van art. 426a lid 1 Rv.; aanvullen van beroep(sgronden) na verstrijken cassatietermijn. 08/00592 mr. L. Timmerman Parket, 31 oktober 2008 Conclusie inzake: [Verzoeker … Hoge Raad volgt dat het niet voldoen aan het vereiste van art. 426a lid 1 Rv leidt tot niet-ontvankelijkheid van verzoeker.(1) Het verzoekschrift van 14 februari voldoet
- InsolventierechtHoger beroepnietige dagvaarding? art. 45 lid 3 Rv, art. 66 lid 1 Rv art 120 Rv Persoonlijke aansprakelijkheid curator?…
Gerechtshof Den Haag|1 december 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:3264
nietige dagvaarding? art. 45 lid 3 Rv, art. 66 lid 1 Rv art 120 Rv Persoonlijke aansprakelijkheid curator? onmiskenbare vergissing bij betaling aan de boedel? eigen schuld? GERECHTSHOF DEN HAAG Afdeling Civiel … Rv, het vermelden van de woonplaats, is niet voldaan. Uit art. 66 lid 1 Rv volgt dat dit gebrek slechts nietigheid meebrengt van het exploot, voor zover aannemelijk is dat degene voor
- InsolventierechtCassatieProcesrecht. Insolventierecht. Incidenteel verzoek in cassatie tot het stellen van zekerheid voor de…
Hoge Raad|11 januari 2019|ECLI:NL:HR:2019:36Aangehaald in 10 uitspraken
gewone verblijfplaats in Nederland in de zin van art. 224 Rv. 3.3.2 Art. 224 lid 1 Rv bepaalt, voor zover in cassatie van belang, dat allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats … heeft in Nederland, zodat in zoverre is voldaan aan het vereiste van art. 224 lid 1 Rv. Dit wordt niet anders door de omstandigheid dat [verzoekster] bestuurder
- InsolventierechtHoger beroepSchuldenares is niet-ontvankelijk in het hoger beroep nu in het beroepschrift geen, in elk geval geen…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|25 januari 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:308
brengen stuk op de procesrechtelijke regel in artikel 359 Rv (jo. artikel 278 lid 1 Rv) dat het beroepschrift onder meer de gronden van het hoger beroep dient te vermelden. GERECHTSHOF … stuk op de reeds genoemde procesrechtelijke regel in artikel 359 Rv (jo. artikel 278 lid 1 Rv): het beroepschrift dient onder meer de gronden van het hoger beroep te vermelden. Slechts onder
- InsolventierechtBeschikkingCBM. Rechthebbende niet aangemerkt als belanghebbende bij een verzoek om aanvullende beloning op grond van de…
Rechtbank Limburg|9 april 2026|ECLI:NL:RBLIM:2026:3387
waarin staat dat rechthebbende een belanghebbende is in de zin van art. 798 lid 1 Rv als een bewindvoerder verzoekt om een aanvullende beloning, omdat een rechthebbende de aanvullende beloning zal moeten … Hierin staat dat een rechthebbende een belanghebbende is in de zin van art. 798 lid 1 Rv als een bewindvoerder verzoekt om een aanvullende beloning, omdat een rechthebbende de aanvullende beloning
- InsolventierechtBodemzaakTerugkomen op bindende eindbeslissing in tussenvonnis, faillissement, uitbetaling bank in weerwil van beslag…
Rechtbank Amsterdam|10 maart 2010|ECLI:NL:RBAMS:2010:BM3894
aangezien het beslag niet op de voet van dat artikel is vervallen. Artikel 475h lid 1 Rv beschermt de beslaglegger in die zin dat een in weerwil van het beslag gedane betaling … onrechtmatig handelen door ABN Amro jegens [D] sprake is geweest. Artikel 475h lid 1 Rv beschermt de beslaglegger in die zin dat een in weerwil van het beslag gedane betaling niet tegen
- InsolventierechtProcesrecht. Hoger beroep; eiswijziging die voortvloeit uit bij pleidooi aangevoerde nieuwe grief…
Parket bij de Hoge Raad|9 april 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL3290
nieuwe grief; uitzondering op strakke regel, dat eiswijziging schriftelijk moet worden gedaan (art. 130 lid 1 Rv.) en in beginsel niet op later moment dan bij memorie van grieven of van antwoord … faillissement is(5). 2.3 Hoewel een eiswijziging schriftelijk moet worden gedaan (art. 130 lid 1 Rv.) en bovendien in beginsel niet op een later moment dan bij memorie van grieven
- InsolventierechtCassatieInsolventierecht, procesrecht. Schorsing van geding wegens faillietverklaring (art. 29 Fw). Is art. 29 Fw van…
Hoge Raad|18 december 2020|ECLI:NL:HR:2020:2100Aangehaald in 12 uitspraken
waarop de procesinleiding is ingediend op de wijze voorzien in art. 30a lid 1 Rv (art. 125 Rv) , en (iii) voor hoger beroep en cassatieberoep in een verzoekschriftprocedure: de dag van indiening … verbinding met art. 278 lid 4 Rv), respectievelijk het verzoekschrift tot cassatie (art. 426a lid 1 Rv in verbinding met art. 278 lid 4 Rv). 3.3.5 Voorts geldt voor de hiervoor
- InsolventierechtCassatieFaillissementsrecht; cassatie, vervolg op HR 16 januari 2009, NJ 2009, 55. Procesrecht. Hoger beroep…
Hoge Raad|19 juni 2009|ECLI:NL:HR:2009:BI8771Aangehaald in 313 uitspraken
hoger beroep dient plaats te vinden, het volgende beslist. De in art. 347 lid 1 Rv. besloten twee-conclusie-regel brengt mee dat de rechter in beginsel niet behoort te letten … conclusie-regel beperkt de - ingevolge art. 130 lid 1 in verbinding met art. 353 lid 1 Rv. - aan de oorspronkelijk eiser toekomende bevoegdheid tot verandering of vermeerdering van zijn eis in hoger
- InsolventierechtFaillissementsrecht; verzet tegen slotuitdelingslijst en vereenvoudigde afwikkeling (81 RO).
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BI0388
besliste. Het middel gaat uit van een onjuiste rechtsopvatting. Op grond van art. 15 lid 1 Rv worden zaken bij de rechtbank, behoudens in de wet genoemde uitzonderingen, behandeld en beslist door … terecht op dat de tussenbeschikking in het openbaar diende te worden uitgesproken (art. 28 lid 1 Rv)(10), maar het klaagt niet dat zulks niet daadwerkelijk is gebeurd. De enkele onjuiste vermelding
- InsolventierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Insolventierecht
Hoge Raad|22 december 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA9131
Rv. (iii) [Verweerster] heeft de volgens de verklaring verschuldigde geldsommen niet overeenkomstig art. 477 lid 1 Rv. aan de belastingdeurwaarder voldaan. (iv) De Ontvanger heeft [verweerster] op 18 september 1997 gedagvaard … proceskosten, waar [verweerster] door haar verzuim te voldoen aan haar uit art. 477 lid 1 Rv. bedoelde betalingsverplichting de Ontvanger genoopt had tot het aanspannen van de onderhavige procedure
- InsolventierechtInternationaal faillissementsrecht. Vervolg op HR 29 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU5630, NJ 2012/424 (Yukos)…
Parket bij de Hoge Raad|22 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ5668
BG3573, NJ 2009/456). Proceskostenveroordeling, kosten in de zin van art. 237 lid 1 Rv. Zaak 11/00860 Mr. P. Vlas Zitting, 22 maart 2013 (bij vervroeging) Conclusie inzake: 1) de rechtspersoon naar
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.