6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Faillissementsrecht. Invloed faillissement op wederkerige overeenkomsten…
Hoge Raad|23 maart 2018|ECLI:NL:HR:2018:424Aangehaald in 35 uitspraken
juridische kosten, waaronder proceskosten, art. 6:96 BW en art. 242 Rv. Waardering vorderingen, art. 131 Fw en art. 133 Fw. Moment van verificatie, art. 108 lid 1 Fw. Surseance gevolgd door … geschatte waarde die deze op de dag van de faillietverklaring hebben. De uit art. 131 Fw en art. 133 Fw voortvloeiende regels zijn hierbij van overeenkomstige toepassing. De vorderingen dienen
- InsolventierechtPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Faillissementsrecht. Invloed faillissement op wederkerige overeenkomsten…
Parket bij de Hoge Raad|13 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1593
juridische kosten, waaronder proceskosten, art. 6:96 BW en art. 242 Rv. Waardering vorderingen, art. 131 Fw en art. 133 Fw. Moment van verificatie, art. 108 lid 1 Fw. Surseance gevolgd door
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigWijziging grondslag vordering in renvooiprocedure in strijd met systeem faillissementswet. Art: 122 FW.
Rechtbank Limburg|28 november 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:11142
overeenkomst. Die overeenkomst zou volgens [eiser tot verificatie] geverifieerd kunnen worden op basis van artikel 131 Fw, omdat daaruit al direct op 12 oktober 2007 een vordering tot maandelijkse periodieke uitkeringen … jegens Favini een vorderingsrecht op maandelijkse uitkeringen heeft verkregen, welk recht op grond van artikel 131 Fw in aanmerking komt voor verificatie. Dit maakt dat de aard van de vordering wezenlijk
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Pluraliteitsvereiste. Is schuld teniet gegaan door verrekening met tijdens…
Parket bij de Hoge Raad|11 januari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:62
schuldeisers met niet-opeisbare vorderingen (art. 53 lid 2 in verbinding met art. 130 en 131 Fw) en ongeacht of de gegrondheid van het verrekeningsverweer op eenvoudige wijze is vast te stellen
- InsolventierechtPrejudiciële vragen. Faillissementsrecht. Vallen rentevorderingen die tijdens faillissement ontstaan onder de…
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2023|ECLI:NL:PHR:2023:554
uitzondering voor de rente die door pand of hypotheek wordt gedekt. Ook art. 131 Fw maakt een uitzondering en wel voor nog niet-opeisbare vorderingen die ook na het faillissement rente voortbrengen
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigFaillissementspauliana: geen benadeling i.v.m. pandrecht en verrekeningsbevoegdheid van de bank + afstand…
Rechtbank Utrecht|8 augustus 2012|ECLI:NL:RBUTR:2012:BX5834
indien het krediet op dat moment nog niet opeisbaar mocht zijn geweest (artikel 53 jº 131 Fw). Dit is niet alleen een zonder meer voor de hand liggend scenario
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.