9 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigFaillietverklaring. Vordering uit hoofde van geldlening opeisbaar op grond van art. 6:38 BW. Geen misbruik…
Rechtbank Den Haag|7 maart 2017|ECLI:NL:RBDHA:2017:2773
Faillietverklaring. Vordering uit hoofde van geldlening opeisbaar op grond van art. 6:38 BW. Geen misbruik van bevoegdheid door twee maal het faillissement aan te vragen met als grondslag één en dezelfde … opeisbare vordering, nu geen betalingstermijn zou zijn overeengekomen. Als uitgangspunt geldt ingevolge artikel 6:38 BW dat indien geen betalingstermijn is overeengekomen, terstond nakoming gevorderd kan worden. Carpe heeft aangetoond
- InsolventierechtBodemzaakCurator heeft betaling van failliet aan vennootschap binnen de groep vernietigd. Beroep op onverschuldigde…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|8 april 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:2758
nakoming kon vorderen en de vordering dus direct opeisbaar was. Dit volgt uit artikel 6:38 BW. 5.18. Zoals gezegd rust de stelplicht (en eventuele bewijslast) ten aanzien van het onverplichte karakter … wordt gekeken naar de vraag wat de aard van de rekening-courantrelatie was. Artikel 6:38 BW is een zogenaamde vangnetbepaling voor gevallen waarin partijen niets hebben afgesproken over het tijdstip
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Toestand van te hebben opgehouden te betalen. Summier onderzoek; art…
Parket bij de Hoge Raad|9 augustus 2013|ECLI:NL:PHR:2013:773
curator tot opeising kón overgaan. Fefsa vermoedt dat het hof art. 6:38 BW op het oog heeft gehad, dat bepaalt dat een verbintenis terstond kan worden nagekomen en terstond nakoming … gehonoreerd dat geen tijd voor nakoming is bepaald. Gelet op de formulering van art. 6:38 BW juncto art. 6 lid 3 Fw was het volgens het middel in beginsel
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Toestand van te hebben opgehouden te betalen. Summier onderzoek; art…
Parket bij de Hoge Raad|9 augustus 2013|ECLI:NL:PHR:2013:774
curator tot opeising kón overgaan. Quilaque vermoedt dat het hof art. 6:38 BW op het oog heeft gehad, dat bepaalt dat een verbintenis terstond kan worden nagekomen en dat terstond nakoming … gehonoreerd dat geen tijd voor nakoming is bepaald. Gelet op de formulering van art. 6:38 BW juncto art. 6 lid 3 Fw was het volgens het middel in beginsel
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Verzoek verhuurder tot faillietverklaring huurder. Betaling door een…
Parket bij de Hoge Raad|25 juni 2021|ECLI:NL:PHR:2021:731
niet hoeft te presteren, maar dat de verbintenis al wel moet bestaan (vgl. 6:38 BW) . 2.9 Het inroepen van een opschortingsrecht komt wat dat betreft op hetzelfde neer: de schuldenaar hoeft
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigArt. 42 Fw. Pauliana, onverplichte betaling, overbruggingskrediet.
Rechtbank Maastricht|20 augustus 2008|ECLI:NL:RBMAA:2008:BE9568
leningsovereenkomst van € 20.000,- geen schriftelijke tekst en op deze betaling is dus art. 6:38 BW in elk geval van toepassing. De failliet heeft dan ook alleen maar opeisbare betalingen verricht. Gedaagde
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigVerzoek tot faillietverklaring toegewezen. Geen misbruik van recht. Vordering aanvrager uit hoofde van…
Rechtbank Den Haag|1 augustus 2017|ECLI:NL:RBDHA:2017:8972
opeisbare vordering, nu geen betalingstermijn zou zijn overeengekomen. Als uitgangspunt geldt ingevolge artikel 6:38 BW dat indien geen betalingstermijn is overeengekomen, terstond nakoming gevorderd kan worden. Carpe heeft aangetoond
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigCessie en verrekening in rekening-courant vóór faillissement. Peilmoment. Art. 54, 42 en 47 Fw…
Rechtbank Midden-Nederland|11 juli 2018|ECLI:NL:RBMNE:2018:3112
schuld in rekening-courant van € 90.259,39 aan [gedaagde sub 1] . Gelet op artikel 6:38 BW is die schuld in beginsel direct opeisbaar. Niet is gebleken van afspraken tussen partijen
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigBeroep op faillissementspauliana slaagt niet. Geen onverplichte rechtshandeling en onvoldoende gesteld voor…
Rechtbank Overijssel|25 januari 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:343
wijzen er echter terecht op dat ingevolge het bepaalde in artikel 6:38 BW een vordering terstond opeisbaar is, indien geen tijd voor de nakoming daarvan is bepaald. De omstandigheid
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.