767 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigFaillissementspauliana, bewijsvermoeden wetenschap van benadeling Art. 42 Fw, art. 43 lid 1 onder 5° d Fw
Rechtbank Amsterdam|21 mei 2008|ECLI:NL:RBAMS:2008:BD5697
zodat het bewijsvermoeden van artikel 43 lid 1, vijfde, sub d en zesde, juncto lid 4 Fw geldt. Tenslotte staat ook de benadeling van de (overige) schuldeisers van ASR vast, aangezien … niet van toepassing. Ook het bewijsvermoeden van artikel 43 lid 1 sub 5 juncto lid 4 Fw is niet van toepassing. Op het moment van de gewraakte rechtshandeling bestond geen groepsverband
- InsolventierechtPrejudiciële beslissingPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Insolventierecht, schuldsanering. Vraag of het voorschrift van art. 356 lid…
Hoge Raad|24 september 2021|ECLI:NL:HR:2021:1353
schuldeisers en het geverifieerde bedrag van ieders vordering moet inhouden (art. 349 lid 4 Fw). De daartoe vereiste verificatievergadering kan in voorkomend geval ook pro forma worden gehouden (art. 328a
- OndernemingsrechtVerbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is…
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 2020|ECLI:NL:PHR:2020:391
Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW), terwijl de mogelijkheid bestaat dat de vereffening in faillissement wordt heropend (art. 194 Fw). Geldt gedurende de periode…
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigWHOA. Liquidatie-akkoorden van 4 groepsvennootschappen. Afwijzing homologatieverzoek, waardoor ook andere…
Rechtbank Den Haag|8 februari 2022|ECLI:NL:RBDHA:2022:1060
aandeelhouder tegen homologatie bezwaar maakt, toetst de rechtbank ook aan artikel 384 lid 3 en 4 Fw. De rechtbank heeft geen verzoek tot afwijzing van het homologatieverzoek ontvangen. De rechtbank zal daarom
- Burgerlijk procesrechtFaillissementsrecht. Vervolg op HR 5 maart 2021, ECLI:NL:HR:2021:351. Vaststelling faillissementskosten en…
Parket bij de Hoge Raad|9 oktober 2020|ECLI:NL:PHR:2020:928
gewijzigd. Zowel bij de ontbinding van een akkoord met de schuldeisers (art. 340 lid 4 Fw) als bij een tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling op één van de gronden
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - meervoudigActivata/passivatransactie waarbij alle activa uit een noodlijdende BV worden gehaald, die daarna failliet…
Rechtbank Rotterdam|15 februari 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:1228
Activata/passivatransactie waarbij alle activa uit een noodlijdende BV worden gehaald, die daarna failliet gaat. Van de failliete BV, haar bestuurders, de (indirect) verkrijgers en de bestuurders van de (indirect) verkrijgers worden stukken en informatie gevraagd, deels op contractuele grondslag, deels op grondslag…
- Burgerlijk procesrechtCassatieBorgtocht. Procesrecht. Faillissement. Hoger beroep tegen toewijzing vordering uit borgtocht. Veroordeling…
Hoge Raad|7 juli 2023|ECLI:NL:HR:2023:1067
erkenning van de vordering in het faillissement – die op grond van art. 121 lid 4 Fw kracht van gewijsde zaak in het faillissement heeft – na afloop van de vereffening geen kracht
- Civiel recht overigErfrecht. Vereffening beneficiair aanvaarde nalatenschap. Kan de vereffenaar de ingediende tussentijdse…
Parket bij de Hoge Raad|3 juni 2022|ECLI:NL:PHR:2022:540
Erfrecht. Vereffening beneficiair aanvaarde nalatenschap. Kan de vereffenaar de ingediende tussentijdse uitdelingslijst intrekken? Heeft erfgenaam belang heeft bij haar verzet?
- InsolventierechtSprongcassatie. Insolventierecht. WHOA. Binding aan aspectenbeschikking ex art. 378 lid 9 Fw. Gezag van…
Parket bij de Hoge Raad|24 april 2026|ECLI:NL:PHR:2026:434
zich tegen homologatie kunnen verzetten (art. 383 lid 8 en art. 384 leden 3 en 4 Fw). De niet bij het akkoord betrokken schuldeisers en aandeelhouders hebben dus geen stemrecht en kunnen
- Civiel recht overigHoger beroepHof wijst verzoek van appellant af om ook niet door hem aangevoerde gronden te gebruiken indien deze tot een…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|18 februari 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:1199Aangehaald in 6 uitspraken
geleden door niet-nakoming ervan. Overigens merkt het hof op dat ingevolge art. 356 lid 4 Fw art. 194 van die wet van overeenkomstige toepassing is op schuldsaneringen in het kader
- Civiel recht overigEerste en enige aanlegWHOA-zaak. Vaststellen salaris observator.
Rechtbank Rotterdam|31 maart 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:5005
genoemd bedrag. 2 De beoordeling 2.1. De rechtbank dient op grond van artikel 380 lid 4 Fw juncto artikel 371 lid 10 Fw het salaris van de observator vast te stellen
- InsolventierechtHoger beroepDe rechtbank dient, alvorens een surseance van betaling te beeïndigen en het faillissement uit te spreken, de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 oktober 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BT7412
gevolg van deze beslissing is dat de surseance van betaling gehandhaafd blijft, art. 242 lid 4 Fw. Dit brengt mee dat de curator zijn aanstelling verliest. Het hof zal hem als bewindvoerder
- Civiel recht overigHoger beroepOntvankelijkheid hoger beroep gevoegde partij
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 april 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ6719
gehoor gegeven, waarna het geding op de voet van het bepaalde in art. 28 lid 4 Fw tegen Wilkapackers is voortgezet. 4.1.4. Vervolgens heeft [appellant] de rechtbank verzocht hem toe te laten
- InsolventierechtHoger beroepNiet ontvankelijk. Appeltermijn verstreken. Niet op de juiste wijze hoger beroep ingediend. Overweging ten…
Gerechtshof Den Haag|6 december 2018|ECLI:NL:GHDHA:2018:3359
dagen na de dag van de uitspraak in hoger beroep komen. Ingevolge artikel 292 lid 4 Fw wordt hoger beroep ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen bij het gerechtshof
- Civiel recht overigEerste en enige aanlegWHOA-zaak. Vaststellen budget observator
Rechtbank Rotterdam|1 maart 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:12204
beoordeling 2.1. De rechtbank dient op grond van artikel 380 lid 4 Fw juncto artikel 371 lid 10 Fw het bedrag vast te stellen dat de werkzaamheden van de observator ten hoogste
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVoorlopige surseance van betaling ingetrokken onder gelijktijdige faillietverklaring.
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|28 april 2026|ECLI:NL:OGEABES:2026:20
gelet op het bepaalde in artikel 232 lid 1 onder 5, lid 2 en lid 4 Fw van oordeel dat de voorlopige surseance moet worden ingetrokken en moet worden omgezet
- Civiel recht overigEerste en enige aanlegWHOA-zaak. Vaststellen budget observator
Rechtbank Rotterdam|2 februari 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:5003
observator. 2 De beoordeling 2.1. De rechtbank dient op grond van artikel 380 lid 4 Fw juncto artikel 371 lid 10 Fw het bedrag vast te stellen dat de werkzaamheden
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigVaststelling door rechter-commissaris van een verworpen akkoord als ware het aangenomen ondanks het feit dat…
Rechtbank Arnhem|31 maart 2000|ECLI:NL:RBARN:2000:AF0135
schuldeisers voor het aangeboden akkoord heeft gestemd, zou bij letterlijke lezing van artikel. 332 lid 4 Fw. geen gebruik van deze bevoegdheid kunnen worden gemaakt, nu niet drie vierde van de preferente
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigWHOA. Beschikking datumbepaling.
Rechtbank Midden-Nederland|26 juli 2023|ECLI:NL:RBMNE:2023:7450
juli 2023. 2 De beoordeling 2.1. De rechtbank zal, gezien artikel 383 lid 4 Fw, de zitting bepalen waarop zij de homologatie behandelt op de datum en het tijdstip als hieronder staat
- Civiel recht overigHoger beroepGevolgen faillissement procespartij. Verzoek ontslag van instantie. 27, 28, 29 Fw.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 mei 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:3738
boedelschuld op, voor zover de proceskosten gedurende het faillissement zijn gemaakt (zie artikel 28 lid 4 Fw). Toewijzing van de vordering tot ontslag van instantie voor de procedure in reconventie komt onder
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.