775 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigBodemzaakBeschikking getuigenverhoren.
Rechtbank Den Haag|7 oktober 2019|ECLI:NL:RBDHA:2019:10511
Openbaarheid van de zitting is in de Grondwet neergelegd en in artikel 27 lid 1 Rv vooropgesteld. Dit is een fundamenteel onderdeel van de civiele procedure, waarop alleen onder bijzondere
- Civiel recht overigHoger beroepNiet-ontvankelijk in hoger beroep. Kort geding. Afgifte hond van € 900,-. Vordering beneden appelgrens.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 december 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:10387
tenzij de wet anders bepaalt. 3.4 De ratio van de appelgrens in artikel 332 lid 1 Rv is dat geen hoger beroep behoort open te staan in zaken waarvan het betrekkelijk geringe
- Civiel recht overigWrakingWraking. Gericht tegen de wrakingskamer die de wrakingszaak WR 19/027 behandelde. Het verzoek is…
Rechtbank Oost-Brabant|20 september 2019|ECLI:NL:RBOBR:2019:7820
wrakingsverzoek 2.1 Een wrakingsverzoek wordt in beginsel ter zitting behandeld (artikel 39 lid 1 Rv). De wrakingskamer kan het wrakingsverzoek echter op grond van artikel 9.1 aanhef
- Civiel recht overigHoger beroepInternationale bevoegdheid. Vordering Nederlandse partij tegen partij in Congo. Commuun bevoegdheidsrecht…
Gerechtshof Den Haag|14 mei 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:2668
internationale bevoegdheid, behoeft de rechter zijn relatieve bevoegdheid – behoudens het bepaalde in art. 110 lid 1 Rv – niet ambtshalve te toetsen. Nu Ville de Kinshasa alleen de internationale bevoegdheid van de Nederlandse
- Civiel recht overigHoger beroepsecond opinion procedure, huur woonruimte, ontbinding huurovereenkomst wegens huurachterstand gerechtvaardigd
Gerechtshof Den Haag|26 februari 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3744
conclusie van eis en een conclusie van antwoord als bedoeld in artikel 347, lid 1 Rv te hebben genomen (zie ook de artikelen 3.3. en 3.4 SOR). De enige grief luidt
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 augustus 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:3114
mailbericht van 6 september 2017 aan [appellante] . 3.3. Op grond van artikel 843a lid 1 Rv kan degene die daarbij rechtmatig belang heeft op zijn kosten inzage, afschrift of uittreksel vorderen
- Personen- en familierechtHoger beroepHoger beroep door wettelijk vertegenwoordiger tegen machtiging tot aangaan vaststellingsovereenkomst ex art…
Gerechtshof Den Haag|1 november 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3147
vaststellingsovereenkomst is genoemd, maakt [Verzekeraar] niet tot belanghebbende in de zin van art. 798 lid 1 Rv. 3.8 Gelet op het voorgaande zal het hof het verzoek van [Verzekeraar] om als belanghebbende
- Civiel recht overigHoger beroepIncident ex artikel 224 tot stellen zekerheid voor proceskosten. Vordering toegewezen.
Gerechtshof Amsterdam|1 oktober 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:3581
zouden kunnen worden. 2 Beoordeling in het incident : 2.1 Op grond van artikel 224 lid 1 Rv dient onder meer degene die, zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland, bij een Nederlandse
- Personen- en familierechtHoger beroepPersonen- en familierecht; rechtsgeldige betekening verzoekschrift tot echtscheiding; geen hoofdverblijf…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 april 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:1358
rechtsgeldige betekening, is misbruik van recht. 5.3 Het hof overweegt als volgt. Art. 816 lid 1 Rv luidt als volgt: “1. Betreft het een verzoek van één der echtgenoten, dan doet
- Civiel recht overigHoger beroepIncidenten ex artikel 224 Rv tot zekerheidstelling voor proceskosten en ex artikel 222 Rv tot voeging. Belang…
Gerechtshof Amsterdam|27 augustus 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:3115
appellant] tegen dit (eind)vonnis. incident tot zekerheidstelling 2.2. Op grond van artikel 224 lid 1 Rv dient degene die, zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland, bij een Nederlandse rechter
- VerbintenissenrechtHoger beroepGezag van gewijsde. Tweede schadestaatprocedure.
Gerechtshof Den Haag|15 januari 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:9
gevorderde schade is beslist bij eindvonnis (of eindarrest) gaat de appeltermijn (van artikel 339 lid 1 Rv), dan wel de cassatietermijn (van artikel 402 Rv), van drie maanden lopen. Dit betekent
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigburgerlijk procesrecht. Exceptie van litispendentie.
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten|19 maart 2019|ECLI:NL:OGEAM:2019:28
aanhangig is gemaakt tussen dezelfde personen en over hetzelfde geschil, zoals in artikel 126 lid 1 Rv bedoeld. Bij het tussenvonnis is de vrouw in de gelegenheid gesteld haar belang
- Burgerlijk procesrechtKort gedingDefinitieve staat van verdeling en bevelschrift ex 485 Rv in een rangregeling
Rechtbank Noord-Holland|25 april 2019|ECLI:NL:RBNHO:2019:11502
belanghebbende] komt vervolgens het restant toe; - sluit het proces-verbaal ex artikel 485 lid 1 Rv in samenhang met artikel 552 Rv; - beveelt de houder van de netto-opbrengst van de verkoop
- Civiel recht overigHoger beroepIncidentele vordering om de wederpartij in het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren afgewezen…
Gerechtshof Amsterdam|12 november 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:4093
hoofdsom en € 14,20 aan rente, hetgeen lager is dan het in artikel 332 lid 1 Rv genoemde bedrag van € 1.750,-. Volgens Rodi Media volgt uit de door [appellante] op 11 januari
- Personen- en familierechtHoger beroepPartneralimentatie. Ouderverstoting is grond voor beëindiging.
Gerechtshof Den Haag|30 januari 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:330
ingevolge het bepaalde in art. 166 lid 1 in verbinding met art. 353 lid 1 Rv, een partij in hoger beroep tot getuigenbewijs moet worden toegelaten indien zij voldoende specifiek bewijs aanbiedt
- Civiel recht overigHoger beroepKop-staartbotsing. Vraag of achterligger voldoende afstand heeft gehouden (artikel 19 RVV).
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 juni 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:2118
waardering van het bewijs stelt het hof het volgende voorop. Artikel 164 lid 1 Rv laat de partijgetuigen-verklaring als bewijsmiddel toe. Die verklaring heeft in beginsel, zoals andere getuigenverklaringen, vrije bewijskracht
- Civiel recht overigHoger beroepBevel overlegging bescheiden ex artikel 22 Rv. Tevens bepalen van een comparitie van partijen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|29 januari 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:829
refereren aan het oordeel van het hof. 2.7 Op grond van artikel 22 lid 1 Rv kan de rechter in alle gevallen en in elke stand van de procedure partijen of één
- Personen- en familierechtHoger beroep kort gedingEchtscheiding. Kort geding afwikkeling verdeling gemeenschappelijke woning. In beroep ontbreekt spoedeisend…
Gerechtshof Den Haag|10 december 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3803
houdt verband met de afwikkeling van de echtscheiding van partijen. Gelet op artikel 237 lid 1 Rv is het in dit soort zaken gebruikelijk om de proceskosten te compenseren. Tegen de compensatie
- VerbintenissenrechtHoger beroepGerechtshof Den Haag · Hoger beroep · Verbintenissenrecht
Gerechtshof Den Haag|29 januari 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:808
kenbaar heeft gemaakt. Deze regel is als gevolg van het bepaalde in artikel 353 lid 1 Rv ook in hoger beroep van toepassing. 4.3. Uit het overgelegde procesdossier blijkt dat [appellant] zijn
- Civiel recht overigHoger beroepHoger beroep; opdracht van advocaat aan deurwaarder tot executie vonnis; is advocaat of cliënt opdrachtgever?…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 januari 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:145
belang zijn, daarin niet te worden opgenomen. [Geintimeerde] was op grond van artikel 85 lid 1 Rv al verplicht om een afschrift van de akte van cessie bij het processtuk te voegen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.