Zoekresultaten

Voor “"4 AWR"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

707 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Belastingrecht
    Deze gemeenschappelijke bijlage hoort bij de conclusies in de zaken met nrs. 23/03444 ECLI:NL:PHR:2024:768…

    Parket bij de Hoge Raad19 juli 2024ECLI:NL:PHR:2024:787Aangehaald in 8 uitspraken

    term ‘naar omstandigheden beoordeeld’ in art. 2(1) Besluit OGB is ontleend aan art. 4 AWR: “Dat de vraag wie bij het begin van het belastingjaar het onroerende goed feitelijk gebruikt naar

  • BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Deze uitspraak is niet voorzien van een samenvatting.

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant21 april 2022ECLI:NL:RBZWB:2022:2156

    gehele jaar 2016 aangemerkt te worden als inwoner van Nederland als bedoeld in artikel 4 AWR? Kan Nederland inkomstenbelasting heffen over de door belanghebbende genoten inkomsten van [vennootschap] die betrekking hebben … jaar 2016 als inwoner van Nederland dient te worden aangemerkt in de zin van artikel 4 AWR. Ten aanzien van de tweede vraag 2.14. De inspecteur heeft primair – in de kern – aangevoerd

  • Civiel recht overigKort geding
    Rechtbank Gelderland · Kort geding · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland19 september 2013ECLI:NL:RBGEL:2013:4586

    .

  • BelastingrechtCassatie
    Art. 25(6)(b) AWR Omkering van de bewijslast, Art. 52 AWR Bewaarplicht.

    Hoge Raad22 september 2006ECLI:NL:HR:2006:AY8656Aangehaald in 5 uitspraken

    Inspecteur dat belanghebbende zich niet heeft gehouden aan de op haar ingevolge artikel 52, lid 4, AWR rustende verplichting om door haar met betrekking tot haar inkomsten en/of uitgaven opgemaakte bescheiden

  • BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Formeel. Het gebruik van de verlengde navorderingstermijn (artikel 16 AWR) is in strijd met het EU-recht.

    Rechtbank Haarlem10 mei 2010ECLI:NL:RBHAA:2010:BM4082

    iemand, die ten tijde van dat overlijden binnen het Rijk woonde. 4.2. Ingevolge artikel 4 AWR wordt waar iemand woont naar de omstandigheden beoordeeld. 4.3. Erflaatster heeft vanaf 18 september … tegendeel aannemelijk te maken. Ingevolge het bepaalde in artikel 1, onder 1, Sw juncto artikel 4 AWR kon verweerder eiser dan ook uitnodigen voor het doen van aangifte in het recht

  • BelastingrechtHoger beroep
    IB/PVV. Dividenduitkeringen. Aanmerkelijk belang? Economische gerechtigdheid.

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden17 juni 2025ECLI:NL:GHARL:2025:3676

    IB/PVV. Dividenduitkeringen. Aanmerkelijk belang? Economische gerechtigdheid.

  • BelastingrechtHoger beroep
    Belanghebbende is samen met haar ouders ingekeerd met betrekking tot tegoeden op buitenlandse bankrekeningen…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch22 februari 2023ECLI:NL:GHSHE:2023:695

    Belanghebbende is samen met haar ouders ingekeerd met betrekking tot tegoeden op buitenlandse bankrekeningen. De inspecteur kondigt navorderingsaanslagen aan uitgaande van een 50/50 verdeling van de tegoeden tussen belanghebbende en haar ex-partner, tenzij belanghebbende en haar ex-partner een andere verdeling kiezen.…

  • BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    De inspecteur heeft terecht belastingrente in rekening gebracht nu belanghebbende een onjuiste aangifte heeft…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant27 december 2018ECLI:NL:RBZWB:2018:7177

    aangifte is ingediend binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar (artikel 30fc, lid 4 AWR) en wordt indien de aangifte later wordt ingediend deze termijn beperkt tot maximaal negentien weken … aangifte. In dat geval kan, gelet op het bepaalde in artikel 30fc, lid 3 en 4 AWR, belastingrente niet achterwege blijven en kan belanghebbende ook geen aanspraak maken op de beperking

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Ennetcom-zaak; boekhoudster van bedrijf dat zich bezighield met de verkoop van PGP-telefoons. Vrijspraak van…

    Rechtbank Rotterdam21 september 2021ECLI:NL:RBROT:2021:9087

    marginale toets die de rechtbank moet aanleggen kan doorstaan. De vervolgingsuitsluitingsgrond van artikel 69 lid 4 AWR geldt wel voor de medeverdachten, maar niet voor de verdachte. De officier van justitie … niet de verdachte, maar [naam bedrijf 1] de normadressaat is. Weliswaar bepaalt artikel 69 lid 4 AWR dat strafvervolging op grond van artikel 225 lid 2 Sr is uitgesloten indien de verdachte

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Een 66-jarige fiscaal adviseur uit Almelo is voor belastingfraude veroordeeld tot 4 maanden voorwaardelijke…

    Rechtbank Overijssel30 juli 2018ECLI:NL:RBOVE:2018:2736

    ontvankelijk is in de vervolging van verdachte, omdat de vervolgingsuitsluitingsgrond van artikel 69 lid 4 AWR hier niet van toepassing is. De rechtbank stelt vast dat de tenlastelegging onder 1 primair … uitdrukkelijke keuze is geweest van de wetgever om de vervolgingsuitsluitingsgrond van artikel 69 lid 4 AWR te beperken tot die gevallen waarin de tenlastelegging is toegesneden op artikel

  • Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Wob-verzoek. Openbaarmaking van de stukken op goede gronden geweigerd met toepassing van artikel 10, lid 2…

    Rechtbank Amsterdam6 maart 2020ECLI:NL:RBAMS:2020:1417

    hand van deze informatie meer concreet toetsen of hij op grond van artikel 4 Awr als inwoner van Nederland zal worden aangemerkt. Door de open norm van artikel 4 Awr

  • BelastingrechtEerste aanleg - meervoudig
    Onbeperkte navorderingstermijn erfbelasting/successierecht. Uitleg nationaal recht; strijd met unierecht?…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant18 mei 2018ECLI:NL:RBZWB:2018:3107

    dient dus te worden aangenomen dat een regeling als die van artikel 16, lid 4, AWR ertoe bijdraagt, de doeltreffendheid van de fiscale controles te waarborgen en belastingfraude te bestrijden. -53. Niettemin … kent, bovendien evenmin relevant. -69. Aangaande het argument dat de navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR willekeurig zou zijn vastgesteld op twaalf jaar, dient te worden vastgesteld dat, voor zover deze

  • BelastingrechtEerste aanleg - meervoudig
    Op 4 december 1996 heeft belanghebbende alle aandelen in NBV verkocht aan X BV. Belanghebbende was tot 3…

    Gerechtshof Amsterdam12 december 2001ECLI:NL:GHAMS:2001:AD8856

    4 december 1996 geen woonplaats in Nederland meer had in de zin van artikel 4 AWR. 5.2.5 Op grond van hetgeen belanghebbende tot bewijs van zijn stellingen heeft aangevoerd acht … conclusie te kunnen dragen dat belanghebbende zijn woonplaats - in de zin van artikel 4 AWR - naar Tsjechië heeft verplaatst. 5.2.6 Gelet op het in 5.2.1 tot en met 5.2.5 overwogene, komt

  • BelastingrechtHoger beroep
    Verzoek toepassing 30%-regel. Herhaald verzoek.

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden20 december 2022ECLI:NL:GHARL:2022:10937

    opgemaakt. Het is niet aannemelijk gemaakt dat de werknemer volgens art. 4 AWR buiten Nederland woonachtig was. Bij Art 4. AWR is van belang de vaststelling of de natuurlijke persoon een duurzame

  • Belastingrecht
    Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 29 juni 2022 inzake 20/04379 en 21/00170.

    Parket bij de Hoge Raad29 juni 2022ECLI:NL:PHR:2022:701Aangehaald in 7 uitspraken

    oude en het kleinere negatieve bedrag van de nieuwe voorlopige aanslag (art. 30fb(4) AWR); - een te betalen aanslag (art. 30fc(2) en art. 30g(1) AWR) en - een te betalen navorderingsaanslag

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Vervolg op ECLI:NL:GHAMS:2020:3461. Zie ook ECLI:NL:HR:2022:1579. Onrechtmatige daad bestaande uit het…

    Gerechtshof Amsterdam16 juli 2024ECLI:NL:GHAMS:2024:2590

    Vervolg op ECLI:NL:GHAMS:2020:3461. Zie ook ECLI:NL:HR:2022:1579. Onrechtmatige daad bestaande uit het (behulpzaam zijn bij het) onttrekken van een vennootschap aan het zicht van de Belastingdienst. De aansprakelijkheid wordt (alleen) aangenomen waar het materieel de navorderingsaanslag 1996 betreft, over de schade…

  • BelastingrechtHoger beroep
    Bank zonder naam. Naar het oordeel van het Hof heeft de Inspecteur voldoende voortvarend gehandeld bij het…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch19 december 2013ECLI:NL:GHSHE:2013:6116

    opleggen van een navorderingsaanslag met gebruikmaking van de termijn van artikel 16, lid 4, AWR op een tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel … Gelet op voormelde jurisprudentie is toepassing van de verlengde navorderingstermijn ex artikel 16, lid 4, AWR mogelijk indien, samengevat, de belastingautoriteiten voortvarend hebben gehandeld nadat aanwijzingen betreffende de rentegegevens bij het bekend

  • BelastingrechtCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Hoge Raad1 mei 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1959Aangehaald in 6 uitspraken

    partijen in geschil zijnde vraag of de overschrijding van de termijn van artikel 20, lid 4, AWR in de weg staat aan de rechtmatigheid van de onderhavige naheffingsaanslag ontkennend beantwoord op grond

  • BelastingrechtHoger beroep
    Bank zonder naam. Naar het oordeel van het Hof heeft de Inspecteur voldoende voortvarend gehandeld bij het…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch19 december 2013ECLI:NL:GHSHE:2013:6115

    opleggen van een navorderingsaanslag met gebruikmaking van de termijn van artikel 16, lid 4, AWR op een tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel … Gelet op voormelde jurisprudentie is toepassing van de verlengde navorderingstermijn ex artikel 16, lid 4, AWR mogelijk indien, samengevat, de belastingautoriteiten voortvarend hebben gehandeld nadat aanwijzingen betreffende de rentegegevens bij het bekend

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Verrekening bij een fiscale eenheid op de voet van art. 24 Invorderingswet. De belastingschuld van de…

    Rechtbank Gelderland1 november 2019ECLI:NL:RBGEL:2019:4876

    terugbetaling van het ten onrechte betaalde bedrag, ontstaan op grond van artikel 11 lid 4 AWR pas na afloop van het tijdvak waarover de belasting wordt geheven, derhalve op 1 januari … tijdstip is gelegen. Zoals [eiseres] met een verwijzing naar artikel 11 lid 4 AWR heeft gesteld, ontstaat deze schuld na afloop van het tijdvak waarover de belasting wordt geheven, derhalve

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.