235 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft zich samen met anderen langdurig schuldig gemaakt aan mensenhandel. Aangever is gedurende…
Rechtbank Oost-Brabant|16 augustus 2022|ECLI:NL:RBOBR:2022:3412
verweten gedragingen en de door artikel 18b lid 2 Wml en artikel 273f lid 1 Sr te beschermen belangen in voornoemde zaken dusdanig verschillend, dat niet kan worden gesproken van (vervolging … 273f lid 1 sub 4 Sr, de tenlastegelegde overtreding van artikel 273f lid 1 sub 1 Sr en de tenlastegelegde overtreding van artikel 273f lid 1 sub 6 Sr. ? Artikel 273f
- Strafrecht overigConclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping…
Parket bij de Hoge Raad|18 oktober 2022|ECLI:NL:PHR:2022:942
voorts, voor zover van belang, het volgende in: “3.6 Gewoontewitwassen? Het in artikel 420ter lid 1 Sr opgenomen delict ‘gewoontewitwassen’ is de specialis van het generalis witwas-artikel 420bis Sr. Blijkens … onderhavige geval sprake is van gewoontewitwassen als bedoeld in art. 420ter lid 1 Sr aansluiting gezocht bij de beoordelingsmaatstaf die in de wetsgeschiedenis van art. 420ter Sr wordt genoemd. 4.6 Art. 420ter
- Strafrecht overigConclusie AG. Drie middelen van cassatie. 1) Klachten over verwerping van het verweer dat schending van de…
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1205
elkaar samenvallen dat hem daarvan slechts één verwijt in de zin van art. 56 lid 1 Sr kon (of behoorde te) worden gemaakt. Daarom is het onbegrijpelijk dat het hof deze feiten
- Strafrecht overigConclusie PG. Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht a.b.i. art. 285 Sr van een Tweede…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1120
voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met aftrek als bedoeld in art. 27 lid 1 Sr. Namens de verdachte is beroep in cassatie ingesteld. B.M.A. Jegers, advocaat te Heerlen, heeft één … zich schuldig heeft gemaakt aan een voltooide bedreiging in de zin van artikel 285 lid 1 Sr. Uit de toelichting volgt dat het middel twee deelklachten bevat. De eerste deelklacht houdt
- Strafrecht overigConclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping…
Parket bij de Hoge Raad|18 oktober 2022|ECLI:NL:PHR:2022:946
Conclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping 359a Sv-verweer, bewijsklachten (gewoonte)witwassen, valsheid in geschrift, diefstal en sociale zekerheidsfraude, alsmede over de verbeurdverklaring van enkele voorwerpen. Aanvullende middelen over…
- Strafrecht overigConclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping…
Parket bij de Hoge Raad|18 oktober 2022|ECLI:NL:PHR:2022:944
Conclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping 359a Sv-verweer, bewijsklachten (gewoonte)witwassen, valsheid in geschrift, diefstal en sociale zekerheidsfraude, alsmede over de verbeurdverklaring van enkele voorwerpen. Aanvullende middelen over…
- Strafrecht overigConclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping…
Parket bij de Hoge Raad|18 oktober 2022|ECLI:NL:PHR:2022:945
Conclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping 359a Sv-verweer, bewijsklachten (gewoonte)witwassen, valsheid in geschrift, diefstal en sociale zekerheidsfraude, alsmede over de verbeurdverklaring van enkele voorwerpen. Aanvullende middelen over…
- Strafrecht overigConclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping…
Parket bij de Hoge Raad|18 oktober 2022|ECLI:NL:PHR:2022:947
Conclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping 359a Sv-verweer, bewijsklachten (gewoonte)witwassen, valsheid in geschrift, diefstal en sociale zekerheidsfraude, alsmede over de verbeurdverklaring van enkele voorwerpen. Aanvullende middelen over…
- Strafrecht overigOp tegenspraak“Veroordeling ogv art 273 lid 1 en 300 lid 1. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan seksuele uitbuiting…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|18 mei 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:2696
basis van de in de bijlage genoemde bewijsmiddelen het volgende vast. Art 273f lid 1 Sr Voor de beoordeling van de vraag of uitbuiting als bedoeld in art 273f lid 1 Sr … laste gelegd dat hij [slachtoffer] zou hebben geworven en vervoerd (art 273f lid 1 sub 1 Sr) en dat hij overige handelingen heeft gepleegd (art 273f lid 1 sub 4 Sr). Werven
- Strafrecht overigCassatieBelaging, art. 285b Sr. Klachttermijnvereiste, art. 66.1 Sr. HR herhaalt relevante overwegingen uit…
Hoge Raad|31 mei 2022|ECLI:NL:HR:2022:799Aangehaald in 5 uitspraken
misdrijf van belaging slechts op klacht vervolgbaar. Op grond van artikel 66 lid 1 Sr kan de klacht worden ingediend gedurende drie maanden na de dag waarop de tot klacht gerechtigde kennis … raadsvrouw heeft aangevoerd dat de klacht niet binnen de termijn van artikel 66 lid 1 Sr is ingediend en dat dit moet leiden tot de niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie
- Strafrecht overigCassatieVervoeren van cocaïne en heroïne en ‘op de pof’ verkopen, afleveren en verstrekken van cocaïne, art. 2.B…
Hoge Raad|11 oktober 2022|ECLI:NL:HR:2022:1423Aangehaald in 5 uitspraken
begaan of voorbereid; (...)” 2.3.2 Onder ‘het strafbare feit’ en ‘het feit’ in artikel 33a lid 1 Sr moet telkens het bewezenverklaarde feit worden verstaan. Voor verbeurdverklaring is vereist dat één … artikel 33a lid 1 Sr genoemde gronden zich voordoet ten aanzien van het bewezenverklaarde feit. (Vgl. HR 7 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:9.) 2.4 Blijkens de bewijsoverweging
- Strafrecht overigCassatieAanwezig hebben (art. 3.C Opiumwet) en verkopen (art. 3.B Opiumwet) van hasj, gewoontewitwassen van…
Hoge Raad|31 mei 2022|ECLI:NL:HR:2022:798Aangehaald in 11 uitspraken
voorwerpen.” 3.3.2 Onder ‘het strafbare feit’, ‘het feit’ en ‘het misdrijf’ in artikel 33a lid 1 Sr moet telkens het bewezenverklaarde feit worden verstaan. Voor verbeurdverklaring is vereist dat één … artikel 33a lid 1 Sr genoemde gronden zich voordoet ten aanzien van het bewezenverklaarde feit. (Vgl. HR 7 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:9.) 3.4.1 Het cassatiemiddel klaagt onder meer over
- Strafrecht overigCassatieVerkopen en vervoeren van cocaïne, art. 2.B Opiumwet (feit 1) en eenvoudige belediging ambtenaar, 266.1 jo…
Hoge Raad|15 november 2022|ECLI:NL:HR:2022:1620
voorwerpen.” 3.3.2 Onder ‘het strafbare feit’, ‘het feit’ en ‘het misdrijf’ in artikel 33a lid 1 Sr moet telkens het bewezenverklaarde feit worden verstaan. Voor verbeurdverklaring is vereist dat één … artikel 33a lid 1 Sr genoemde gronden zich voordoet ten aanzien van het bewezenverklaarde feit. (Vgl. HR 7 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:9.) 3.4 Het hof heeft kennelijk geoordeeld
- Strafrecht overigCassatieOpzettelijk niet voldoen aan bevel of vordering, krachtens art. 2.3.13 APV Breda 2004 gedaan door…
Hoge Raad|11 oktober 2022|ECLI:NL:HR:2022:1417
beoordeling van het cassatiemiddel zijn de volgende wettelijke bepalingen van belang. - Artikel 184 lid 1 Sr: “Hij die opzettelijk niet voldoet aan een bevel of een vordering, krachtens wettelijk voorschrift gedaan door … periode van ten hoogste 12 weken.” 2.4 De tenlastelegging is toegesneden op artikel 184 lid 1 Sr. Die bepaling eist een ‘krachtens wettelijk voorschrift’ gegeven bevel of gedane vordering. Zo’n voorschrift
- Strafrecht overigCassatieDiefstal, art. 310 Sr. Voorwaardelijke ISD-maatregel. Voorwaarden art. 38m.1 Sr. De rechter die de in art…
Hoge Raad|5 juli 2022|ECLI:NL:HR:2022:1012
bijzondere voorwaarden en een proeftijd van twee jaren passend en geboden.” 2.3 Artikel 38m lid 1 Sr luidt: “1. De rechter kan op vordering van het openbaar ministerie de maatregel opleggen … opleggen van de maatregel eist.” 2.4 De rechter die de in artikel 38m lid 1 Sr bedoelde ISD-maatregel oplegt, moet er in de motivering van zijn beslissing blijk van geven
- Strafrecht overigHerzieningHerziening. Opzettelijk auto aan het krachtens de wet daarop gelegde beslag onttrekken (art. 198.1 Sr)…
Hoge Raad|6 september 2022|ECLI:NL:HR:2022:1137
ECLI:NL:HR:1995:ZD0176). Met de woorden ‘krachtens de wet’ in artikel 198 lid 1 Sr wordt daarbij tot uitdrukking gebracht dat het beslag op de in de wet voorgeschreven wijze … gaat om een civiel beslag, bij de beoordeling van een op artikel 198 lid 1 Sr toegesneden tenlastelegging kan toetsen of het beslag op de in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering voorschreven
- Strafrecht overigConclusie AG. Beklag tegen inbeslagneming. De AG wijdt algemene opmerkingen aan de hantering van het…
Parket bij de Hoge Raad|4 oktober 2022|ECLI:NL:PHR:2022:889
valt (en of het beslag in dat verband écht nodig is, vgl. art. 34 lid 1 Sr). Bij conservatoir beslag zou de rechter moeten bezien of het reële risico bestaat dat verhaal
- Strafrecht overigConclusie AG. Mishandeling door stiefvader, art. 304 Sr. Bewezenverklaring van bestanddeel 'een kind dat hij…
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1178
tenlastelegging onder 2 is toegesneden op art. 304 Sr, in verbinding met art. 300 lid 1 Sr. Daarom moet het in de onder 2 van de tenlastelegging voorkomende bestanddeel ‘een kind … familierechtelijke betrekking tussen de schuldige en het kind, valt daar niet onder. Artikel 304, onderdeel 1°, Sr ziet nu slechts op kinderen tot wie de ouders in familierechtelijke betrekking staan. Daarmee sluit
- Strafrecht overigCassatieBeleggingsfraude. Oplichting (art. 326 Sr) en verduistering (art. 321 Sr). Innerlijke tegenstrijdigheid door…
Hoge Raad|24 mei 2022|ECLI:NL:HR:2022:756Aangehaald in 5 uitspraken
Beleggingsfraude. Oplichting (art. 326 Sr) en verduistering (art. 321 Sr). Innerlijke tegenstrijdigheid
- Strafrecht overigHoger beroepVrijspraak vervolging op basis van artikel 343, aanhef en onder 4, Sr van de indirecte formele (middellijk)…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 juli 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:2275
vereiste dat dit moet zijn geschied “ter…”, bestraft in artikel 344a, tweede lid, onder 1 Sr nieuw. De verdachte is als eerste feit overtreding van artikel 343 aanhef en onder 4 Sr … door de formele rechtspersoon-bestuurder begane delict (hier van artikel 344a, tweede lid, onder 1 Sr). Dat betekent dat de jurisprudentie van de Hoge Raad uit voormeld arrest
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.