43 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtHoger beroepWaarde bedrijfspand ten tijde van de overgang van ondernemingsvermogen naar privévermogen en waarde…
Gerechtshof Amsterdam|31 mei 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:2763
Waarde bedrijfspand ten tijde van de overgang van ondernemingsvermogen naar privévermogen en waarde bedrijfspand in box 3. Pand dient op 31 oktober 2009 in onverhuurde staat te worden gewaardeerd. Op het tijdstip van de staking is het gebruik ten behoeve van de onderneming geëindigd en konden belanghebbenden over het…
- BelastingrechtHoger beroepInkomstenbelasting. De met ingang van 1 januari 2010 ingevoerde regeling in art. 5.20, derde lid, Wet IB 2001…
Gerechtshof Den Haag|11 februari 2014|ECLI:NL:GHDHA:2014:437
Inkomstenbelasting. De met ingang van 1 januari 2010 ingevoerde regeling in art. 5.20, derde lid, Wet IB 2001 en de uitvoering daarvan in art. 17a Uitvoeringsbesluit IB 2001 is in het geval van belanghebbende in strijd met art. 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM.
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigBelanghebbende, geboren op 7 februari 1936, heeft de Nederlandse nationaliteit en woont sinds 1979 in…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 december 2006|ECLI:NL:GHSHE:2006:BA0475
huurwoning als hoofdverblijf bewoont en een woning in de zin van artikel 5.20 Wet IB 2001 bezit, wordt wel degelijk betrokken in box III voor inkomsten uit deze zogenaamde tweede woning
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigIn 2012 is de woning van eiseres op een veiling verkocht voor een prijs die substantieel lager ligt dan de…
Rechtbank Den Haag|16 oktober 2014|ECLI:NL:RBDHA:2014:13004
verkoop genoemd onder 2. 8. Eiseres heeft het standpunt ingenomen dat toepassing van artikel 5.20 Wet IB 2001 in haar geval, in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol
- BelastingrechtHoger beroepWet Woz. Compromis ter zitting.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|16 juni 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:4455
deel van de memorie van toelichting bij de Fiscale vereenvoudigingswet 2010 is over art. 5.20 Wet IB 2001 is opgemerkt dat niet alle woningen in box 3 zonder meer
- BelastingrechtA-G Niessen heeft een conclusie genomen inzake een geschil over de vraag of de waarde(stijging) van een…
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2022|ECLI:NL:PHR:2022:318
A-G Niessen heeft een conclusie genomen inzake een geschil over de vraag of de waarde(stijging) van een appartement dat een geëmigreerde belastingplichtige heeft aangehouden voor eigen gebruik, is aan te merken als ‘inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie van onroerende zaken’ in de zin van art. 6, lid 3,…
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2179
rendement van de woning moet worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 Wet IB 2001 (zie 5.4.2). 5.7.2. Artikel 5.20, lid 1, Wet IB 2001 (tekst 2021) bepaalt – voor
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2178
rendement van de woning moet worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 Wet IB 2001 (zie 5.3.2). 5.7.2. Artikel 5.20, lid 1, Wet IB 2001 (tekst 2021) bepaalt – voor
- BelastingrechtHoger beroepVoor welke waarden moeten de recreatiewoning (belanghebbende: € 36.000 – Inspecteur 70.378) en de garage…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|13 april 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:1629
vastgestelde waarde voor dat kalenderjaar wordt gesteld. 4.2. Aan de parlementaire behandeling van artikel 5.20 Wet IB 2001 ontleent het Hof de volgende - voor zover hier van belang zijnde - passages
- BelastingrechtVerwijzing na Hoge RaadUitspraak na verwijzing. Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen. Berekening werkelijk rendement.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|7 januari 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:65
waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ), naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 Wet IB 2001. Die analogie brengt mee dat voor de waarde van de woning aan het begin
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigVoor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|14 december 2021|ECLI:NL:RBZWB:2021:6395
waarde van de schulden. 2. Bezittingen zijn: a. onroerende zaken;(…)” In artikel 5.20 Wet IB 2001 wordt – voor zover relevant – bepaald: “1. De waarde van een woning, wordt, in afwijking van artikel
- BelastingrechtHoger beroepIn hoger beroep is in geschil het antwoord op de vraag of de Inspecteur bij de berekening van het voordeel…
Gerechtshof Den Haag|9 juni 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1609
verkoop genoemd [3.4]. 8. [ Belanghebbende] heeft het standpunt ingenomen dat toepassing van artikel 5.20 Wet IB 2001 in haar geval, in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol
- BelastingrechtHoger beroepIn geschil is of belanghebbende beschikt over een bron van inkomen (winst uit onderneming) en zo ja, of…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 april 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:1219
In geschil is of belanghebbende beschikt over een bron van inkomen (winst uit onderneming) en zo ja, of sprake is van een vaste inrichting in Nederland. Het hof is van oordeel dat er geen sprake is van een bron van inkomen. Ten overvloede oordeelt het hof dat er geen sprake is van een vaste inrichting in Nederland. De…
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet gelet op de arresten…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2177
rendement van de woning moet worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 Wet IB 2001 (zie 5.4.2). 5.9.1. Artikel 5.20, lid 1, Wet IB 2001 (tekst 2021) bepaalt – voor
- BelastingrechtHoger beroepWet IB 2021. Box 3. Het werkelijk rendement van de tweede woning van belanghebbende moet, gelet op de…
Gerechtshof Den Haag|29 oktober 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2176
rendement van de woning moet worden vastgesteld naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 Wet IB 2001 (zie 5.4.2). 5.9.1. Artikel 5.20, lid 1, Wet IB 2001 (tekst 2021) bepaalt – voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigWOZ. Het beroep in de zaak met zaaknummer UTR 24/1222 is ongegrond. Het beroep in de zaak met zaaknummer UTR…
Rechtbank Midden-Nederland|18 december 2025|ECLI:NL:RBMNE:2025:7419
bepaald op basis van de Wet WOZ (naar analogie met het bepaalde in artikel 5.20 Wet IB 2001). Uit deze overweging volgt dat de WOZ-waarde van een woning nog steeds
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigEiseres en eiser nemen het standpunt in dat voor de jaren 2015 en 2016 de vermogensrendementsheffing in box 3…
Rechtbank Noord-Holland|19 augustus 2019|ECLI:NL:RBNHO:2019:7039
grondslag voor de berekening van de rendementsgrondslag in aanmerking moet worden genomen (vergelijk artikel 5.20 Wet IB 2001). Daarbij heeft verweerder aangevoerd dat enig negatief rendement, zo daarvan al sprake is, niet
- BelastingrechtA-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van het college van…
Parket bij de Hoge Raad|8 december 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1255
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van het college van Burgemeesters en Wethouders van de gemeente Goeree-Overflakkee tegen de uitspraak van het gerechtshof te Den Haag van 23 maart 2016, nr. 16/02411, ECLI:NL:GHDHA:2016:819. Belanghebbende is eigenaar van een bungalowpark,…
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigInkomstenbelasting. Fiscaal compromis. Winstuitdeling vanwege huur en verkoop woning en garage aan zoon van eiser.
Rechtbank Den Haag|23 mei 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:7985
opleggen van een vergrijpboete is geen sprake. In de verwijzing van eiser naar artikel 5.20 Wet IB 2001 juncto artikel 17a Uitvoeringsbesluit IB 2001 is geen steun te vinden voor de pleitbaarheid
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigEiser en eiseres nemen het standpunt in dat voor de jaren 2015 en 2016 de vermogensrendementsheffing in box 3…
Rechtbank Noord-Holland|19 augustus 2019|ECLI:NL:RBNHO:2019:7040
grondslag voor de berekening van de rendementsgrondslag in aanmerking moet worden genomen (vergelijk artikel 5.20 Wet IB 2001). Daarbij heeft verweerder aangevoerd dat enig negatief rendement, zo daarvan al sprake is, niet
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.