36 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4345
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4341
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4336
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4351
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4335
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4342
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4333
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4329
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposant gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4411
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. Dat betekent dat de uitspraak in stand…
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4354
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. Dat betekent dat de uitspraak in stand…
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025…
Rechtbank Midden-Nederland|13 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:4413
niet in lijn is met de 10-dagen termijn in de zin van artikel 8:58 Awb. 18.1. De rechtbank stelt vast dat de brief waarin opposante gevraagd is om concrete gronden
- BelastingrechtHoger beroepOverdrachtsbelasting. Verlaagd tarief van 2% voor woningen van toepassing op verkrijging van een…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|1 juli 2026|ECLI:NL:GHSHE:2026:1722
eerdere fase van de procedure, in elk geval buiten de termijn van artikel 8:58 Awb, had kunnen overleggen. Om belanghebbende de gelegenheid te geven adequaat te kunnen reageren
- BelastingrechtHoger beroepIB/PVV. Loon en verrekening loonheffing. Onderhoudsverplichtingen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|18 augustus 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:5446
verzocht het stuk dan als een ‘nader stuk’ in de zin van artikel 8:58 Awb aan te merken. Op grond van dat artikel is het partijen toegestaan tot tien dagen voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigBezwaar tegen de legesaanslag en aanmaningskosten is niet in behandeling genomen respectievelijk ongegrond…
Rechtbank Midden-Nederland|24 juni 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:3655
bevoegdheid worden partijen in de uitnodiging, bedoeld in artikel 8:56, gewezen. Zie artikel 8:58 Awb. Zie bijvoorbeeld ABRvS 3 december 2003, ECLI:NL:RVS:2003:AN9210
- BelastingrechtHoger beroepNavorderingsaanslag IB/PVV 2017; stakingswinst garagebedrijf; premie-aftrek lijfrenteverzekering.
Gerechtshof Amsterdam|30 juni 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:2134
Navorderingsaanslag IB/PVV 2017; stakingswinst garagebedrijf; premie-aftrek lijfrenteverzekering.
- BelastingrechtIB/AVBZ Sint Maarten; omkering en verzwaring van de bewijslast; redelijke schatting; nieuw geschilpunt ter zitting
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 2026|ECLI:NL:PHR:2026:356
IB/AVBZ Sint Maarten; omkering en verzwaring van de bewijslast; redelijke schatting; nieuw geschilpunt ter zitting
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.