Zoekresultaten

Voor “"2:248 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

1.088 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • OndernemingsrechtBodemzaak
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijke taakvervulling. Geen andere belangrijke oorzaken voor het…

    Rechtbank Noord-Holland27 november 2024ECLI:NL:RBNHO:2024:12289

    onbehoorlijk heeft vervuld in de zin van artikel 2:248 BW en aansprakelijk is voor de tekorten in de faillissementen van deze vennootschappen, nader op te maken bij staat, welke tekorten gelijk

  • InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijk bestuur met faillissement tot gevolg. Gedaagden hoofdelijk…

    Rechtbank Overijssel23 februari 2022ECLI:NL:RBOVE:2022:540

    schending door [gedaagde 1] als bestuurster en [gedaagde 2] als feitelijk beleidsbepaler van artikel 2:248 BW ( bestuurdersaansprakelijkheid), althans artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad), althans wat [gedaagde 1] betreft van artikel … onbehoor-lijke taakvervulling oplevert. 4.4.2. De rechtbank stelt voorop dat de vordering ex artikel 2:248 BW slechts kan worden ingesteld op grond van onbehoorlijke taakvervulling in de periode van drie jaar

  • OndernemingsrechtBodemzaak
    Beroep bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 dan wel 2:9 BW. Toestemming bestuur voor schuldovername…

    Rechtbank Gelderland22 juli 2026ECLI:NL:RBGEL:2026:6044

    nauw met elkaar samenhangen, zal de rechtbank deze gezamenlijk bespreken. Onbehoorlijk bestuur ex artikel 2:248 BW 5.2. Op grond van artikel 2:248 BW zijn de bestuurders van een vennootschap … belangrijke oorzaak van het faillissement is geweest, zal de rechtbank het beroep op artikel 2:248 BW verwerpen. Voor zover de curator aan het beroep op artikel 2:248 BW

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Onbehoorlijke taakvervulling door gedaagden als bestuurder/feitelijk beleidsbepaler belangrijke oorzaak van…

    Rechtbank Arnhem25 maart 2009ECLI:NL:RBARN:2009:BH9036

    boedel is benadeeld. De curator baseert de aansprakelijkheid van gedaagden primair op artikel 2:248 BW, subsidiair op artikel 6:162 BW en tertiair op artikel 2:9 BW. 4. Het verweer … BW en voor een beroep op matiging als bedoeld in lid 4 van artikel 2:248 BW. 5.2. Als niet weersproken staat verder vast dat in de door de curator aangetroffen administratie

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Faillissement kort na start onderneming. Geen deugdelijk due diligence onderzoek

    Gerechtshof Den Haag20 april 2021ECLI:NL:GHDHA:2021:914

    holdings jegens de boedel van SSUB hoofdelijk aansprakelijk zijn op grond van artikel 2:248 BW en (b) hen hoofdelijk veroordeeld tot betaling van het faillissementstekort. Ten aanzien van de veroordeling … voor recht te verklaren dat [appellanten] hoofdelijk aansprakelijk zijn op grond van artikel 2:248 BW (jo. artikel 2:11 BW) en (1.b) hen te veroordelen tot betaling

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Kennelijk onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 lid 1 BW. Onvoldoende rekening gehouden met…

    Rechtbank Rotterdam9 november 2016ECLI:NL:RBROT:2016:8662

    faillissement heeft plaatsgevonden. Aldus is voldaan aan de in lid 6 van artikel 2:248 BW genoemde voorwaarde voor een op dat artikel gebaseerde vordering. 4.14. Het voorgaande leidt tot de conclusie

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid, Geen kennelijk onbehoorlijk bestuur i.v.m. transacties met oog op doorstart…

    Rechtbank Noord-Nederland23 september 2015ECLI:NL:RBNNE:2015:4488

    belangrijke oorzaak van de faillissementen van de vennootschappen heeft gevormd (artikel 2:248 BW). De curator stelt zich op het standpunt dat [B] niet heeft voldaan aan de op hem als bestuurder … belangrijke oorzaak is van het faillissement van de vennootschappen (artikel 2:248 BW). Daarnaast dient te worden beoordeeld of het handelen van [B] als onrechtmatig jegens de gezamenlijke schuldeisers van de vennootschappen

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Ontzenuwen weerlegbare vermoeden van art. 2:248 lid 2 BW (openbaarmakings- en…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden27 augustus 2019ECLI:NL:GHARL:2019:6937

    haar taak als bestuurder van Nowa Wies kennelijk onbehoorlijk in de zin van artikel 2:248 BW heeft vervuld en dat deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement … curator ten aanzien van deze overige feiten en omstandigheden, in het kader van artikel 2:248 BW, geen verwijten maakt aan UBC. De grieven I en II treffen doel

  • Insolventierecht
    Faillissementsrecht. Machtiging als bedoeld in art. 68 lid 2 F. tot aanspannen van procedure door curator…

    Parket bij de Hoge Raad18 april 2008ECLI:NL:PHR:2008:BC5694

    jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk zijn wegens onbehoorlijk bestuur in de zin van art. 2:248 BW doordat zij de boekhoudverplichting van art. 2:10 BW hebben geschonden, diverse jaarrekeningen niet tijdig … curatoren [verzoeker] c.s. aansprakelijk houden wegens onbehoorlijk bestuur als bedoeld in art. 2:248 BW en het kort geding op niets is uitgelopen. Bestuurdersaansprakelijkheid van art. 2:248 BW 2.4 Art. 2

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bevoegdheidsincident. Eindvonnis na tussenvonnis in het incident (ECLI:NL:RBROT:2021:8045). De zaak is een…

    Rechtbank Rotterdam10 november 2021ECLI:NL:RBROT:2021:11025

    aanzien van [persoon A] geldt voor de vordering op grond van artikel 2:248 BW het volgende. De Nederlandse rechter ontleent rechtsmacht onder meer aan artikel 6 van de Verordening (EU) 2015/848 … rechtbank op zijn plaats is. 2.3. Op de vorderingen op andere grondslagen dan artikel 2:248 BW is het Verdrag van Lugano van toepassing. Omdat [persoon A] woonplaats heeft gekozen

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Eén van de twistpunten is of de verschenen gedaagde middellijk…

    Rechtbank Rotterdam18 juli 2012ECLI:NL:RBROT:2012:BX3759

    merken als middellijk bestuurder van [eiser ] komen hierna de op art. 2:248 BW gebaseerde verwijten van de Curator aan de orde. schending administratie- en publicatieplicht? 4.8. De Curator heeft aangevoerd … heeft daartoe betoogd dat in het kader van aansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW alleen kennelijk onbehoorlijke taakvervulling in de drie jaren voorafgaand aan het faillissement in aanmerking wordt genomen

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Overijssel · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Overijssel19 augustus 2026ECLI:NL:RBOVE:2026:5191

    niet in geslaagd dit vermoeden te ontzenuwen. Daarom zijn zij op grond van artikel 2:248 BW hoofdelijk aansprakelijk voor het boedeltekort. (Meer) subsidiair heeft de curator artikel 2:9 BW … heeft primair aangevoerd dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur als bedoeld in artikel 2:248 BW. De rechtbank overweegt ter zake als volgt. 4.1.1. Ingevolge artikel 2:248, eerste lid BW

  • InsolventierechtHoger beroep
    WSNP. Vordering bestuurdersaansprakelijkheid na opheffing faillissement. Toepassing hardheidsclausule.

    Gerechtshof Den Haag11 september 2018ECLI:NL:GHDHA:2018:2366

    gedefungeerd. Uit jurisprudentie van de Hoge Raad vloeit voort dat de aansprakelijkheid van art. 2:248 BW een aansprakelijkheid is jegens de boedel, waarvan alleen aan de curator de bevoegdheid toekomt deze … schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, moet worden aangenomen dat [appellant] niet langer op grond van art. 2:248 BW aansprakelijk wordt gehouden voor het boedeltekort van Prohold. Dat mogelijk, ingeval van een (nagekomen) bate

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank Dordrecht · Eerste aanleg - meervoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Dordrecht9 december 2009ECLI:NL:RBDOR:2009:BK6936

    aangevoerde feiten zowel afzonderlijk als in hun onderling verband beschouwd, ex artikel 2:248 BW hoofdelijk aansprakelijk voor het tekort in het faillissement van Stewitech, subsidiair zijn zij ex artikel 2 … faillissement. I. Materieel onbehoorlijk bestuur 4.2. Van onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 BW kan slechts worden gesproken als geen redelijk denkend bestuurder - onder dezelfde omstandigheden - aldus gehandeld

  • Insolventierecht
    Faillissement. Bestuurdersaansprakelijkheid. Gestelde grondslag van vordering niet behandeld. Beoordeling…

    Parket bij de Hoge Raad13 juni 2014ECLI:NL:PHR:2014:708

    recht wordt verklaard dat [verweerders] hoofdelijk aansprakelijk zijn uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:248 BW. Daarnaast heeft hij gevorderd dat [verweerders] hoofdelijk veroordeeld worden tot betaling van het faillissementstekort … niet meer als grondslag kan dienen voor de gestelde bestuurdersaansprakelijkheid op grond van art. 2:248 BW en art. 6:162 BW. Het onderdeel klaagt dat het hof met dit oordeel miskent

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - meervoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Vordering afgewezen omdat ofwel geen sprake is van kennelijk onbehoorlijk…

    Rechtbank Rotterdam20 juli 2022ECLI:NL:RBROT:2022:6628

    heeft veroorzaakt en acht daarvoor de bestuurders aansprakelijk, primair op grond van artikel 2:248 BW en subsidiair op grond van artikel 2:9 BW. 3.4. De curator stelt zich daarbij

  • InsolventierechtEerste aanleg - meervoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid wegens schending boekhoudplicht op grond van artikel 2:248 lid 2 BW; matiging…

    Rechtbank Overijssel23 februari 2022ECLI:NL:RBOVE:2022:580

    kader van een door hem ingestelde vordering op grond van artikel 2:248 BW niet worden aangemerkt als een derde die wordt beschermd door het bepaalde in artikel 25 Handelsregisterwet. De curator

  • Insolventierecht
    Faillissementsrecht. Vennootschapsrecht; kennelijk onbehoorlijke taakvervulling bestuurder; niet-nakoming…

    Parket bij de Hoge Raad16 mei 2008ECLI:NL:PHR:2008:BC8416

    faillissementsaanvraag als zodanig niet als oorzaak in de zin van art. 2:248 BW kan worden beschouwd, althans niet voor zover ervan moet worden uitgegaan dat het faillissement terecht is aangevraagd

  • Civiel recht overigBodemzaak
    De zaak draait om twee vragen: 1. Wie is de contractuele wederpartij van de koper van een partij plantgoed…

    Rechtbank Oost-Brabant10 juni 2026ECLI:NL:RBOBR:2026:4078

    De zaak draait om twee vragen: 1. Wie is de contractuele wederpartij van de koper van een partij plantgoed: een B.V. die een boomkwekerij exploiteert of haar bestuurder in privé? 2. Indien de B.V. wederpartij is: is haar bestuurder jegens de koper van het plantgoed aansprakelijk voor de door deze gestelde schade? De…

  • Civiel recht overigVerzet
    Verzetprocedure. Bestuurdersaansprakelijkheid. Naleving cao Uitzendkrachten. Vennootschap (uitzendbureau) is…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden25 september 2018ECLI:NL:GHARL:2018:8525

    neemt, vaststelling van de omvang van enige loonbetalingsverplichting. Het verweer faalt. Vordering ex artikel 2:248 BW? 5.6 [opposant] voert, zo begrijpt het hof, ook nog aan dat eventueel onrechtmatig handelen … allereerst dient te worden beoordeeld op basis van artikel 2:248 BW, dat een op dat artikel gebaseerde aansprakelijkheid zich slechts kan uitstrekken over een periode tot maximaal drie jaar voorafgaand

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.